Posts tonen met het label vakantie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vakantie. Alle posts tonen

zondag 30 augustus 2026

Kastelengekte speelt weer even op


Een oude interesse
heeft niet veel nodig om weer opnieuw op te leven. Een flink deel van mijn jeugd was ik behoorlijk kastelengek. De Nederlandse, middeleeuwse kastelen wist ik allemaal te staan, een flink deel had ik bezocht, of op zijn minst van de buitenkant bekeken.

Op vakantie, meestal met de fiets, had ik een voorkeur voor een route langs versterkingen en burchten, met als hoogtepunt een fietstocht, van 3 weken, door het midden van Engeland en het noorden van Wales. Het is dus niet zo gek dat ik verheugd opveerde toen we, afgelopen week, een aflevering van de misdaadserie Death Valley aanzetten en die begon met beelden van een heel mooie kasteelruïne.

Na wat zoeken bleek het om Raglan Castle te gaan, in de serie heette het anders, maar het internet was behulpzaam. Een joekel van een kasteel is het, met een indrukwekkend poortgebouw, een enorme, vrijstaande hoofdtoren en nog een heel stel andere, vervallen, torens en bouwdelen. Het staat in het zuiden van Wales, dus niet op mijn route van lang geleden.

Je kunt tegenwoordig alles, over heel veel burchten en kastelen, vinden op het internet. In mijn jonge jaren was dat wel anders. Voor mijn tocht naar Engeland en Wales kopieerde ik halve boekwerken, uit de bibliotheek van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek, waar ik toen werkte. En die kopieën gingen mee in de fietstas. Het internet stond, eind jaren '80, nog in de kinderschoenen en mobiele telefoons waren er nog nauwelijks.

Je kunt het je misschien niet voorstellen, maar ik ging, in mijn dooie eentje, drie weken fietsen en belde in die tijd niet één keer naar huis. Okee, ik had geen relatie, woonde alleen, maar het kwam ook niet in me op om naar mijn ouders te bellen, om te laten weten dat het goed met me ging. Ik stuurde wel kaartjes, maar vanuit Engeland deden die er tamelijk lang over om aan te komen.

Tegenwoordig wil toch iedereen voortdurend weten waar iedereen is. Toen dus niet. Ik was volledig afgesneden van familie, vrienden en kennissen. Maar ik had best veel leuke ontmoetingen onderweg. De Britten waren, 40 jaar geleden in ieder geval, een vriendelijk en behulpzaam volk. Ik kon nergens lang stil staan of er kwam wel iemand vragen of ze me ergens mee konden helpen.

Als je alleen en voor wat langere tijd onderweg bent, wordt het ook makkelijker om met wildvreemde mensen een praatje te maken. Op campings onderweg raakte ik aan de praat met een jong echtpaar, bij het washok, ik ging met twee Duitse jongens de kroeg in en dronk een fles wijn leeg met twee Engelse meisjes.

Die laatste twee ontmoette ik in het mooie kasteel van Conway. Ook dat is een ruïne. Het was al in de middeleeuwen bijna onmogelijk om kastelen in tiptop staat van onderhoud te houden en dat werd in latere tijden niet veel beter. Conway castle is een groot kasteel, waar geen dak of vloer meer intact is, maar je kunt er wel naar boven klimmen, via traptorentjes, om rond te wandelen op de weermuren.

Ik heb hoogtevrees, maar in dat soort gevallen wist ik dat aardig te overwinnen. Ik stond dus, bovenop die ruïne, van het uitzicht te genieten toen ik aangesproken werd door twee meisjes. Ze waren samen op vakantie en maakten, op schilderachtige plekken, foto's van elkaar. Maar aangezien de een, of de ander, telkens de camera vast moest houden hadden ze geen foto's waar ze samen opstonden.

Natuurlijk maakte ik die foto en bleef nog wat babbelen. Ze heetten Denise en Kay, lees ik in het reisdagboekje dat ik indertijd maakte, ze waren 19 jaar oud en kwamen uit een plaatsje vlak bij Manchester. Het bleek dat ze op dezelfde camping stonden als ik en later kwamen we elkaar daar weer tegen.

Ze vroegen of ik mee wilde naar de plaatselijk discotheek. Het waren leuke meiden, maar ik moest de volgende dag verder, ik zat al in de laatste dagen van mijn vakantie. Een late avond, met wie weet wat voor onvoorziene gevolgen, leek me niet verstandig.

Dus dronken we een flesje goedkope bubbelwijn leeg en gaf ik ze de eieren die ik eerder gekocht had, maar niet kon koken of bakken, omdat ik geen brandstof voor mijn kooktoestelletje meer had. Ze zeiden dat ik de eerste aardige persoon was die ze op hun vakantie tegen waren gekomen en achteraf heb ik me meermaals afgevraagd waarom ik toch zo verdomd verstandig was.

Het zal zo zijn geweest dat ik op dat moment meer geïnteresseerd was in kastelen dan in meisjes. Helemaal normaal klinkt dat niet...

Hoe dan ook. Na het zien van Raglan Castle, in die TV-serie, vroeg ik me af of er ook e-boeken zouden zijn over kastelen. Die zijn er best veel. Uiteindelijk belandde ik bij 'Castles of Ireland: Some Fortress Histories and Legends', uit 1904, geschreven door Constance Louisa Adams. Gratis te downloaden bij Project Gutenberg en ook online te lezen bij Archive.org.

Ik ben nooit in Ierland geweest, maar wat zou leuker zijn ? Lezen over kastelen die ik nooit gezien heb en waarschijnlijk ook nooit meer zal bezoeken ? Of lezen over plekken die ik wel ken ? We zullen het zien. 

  

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 en deel 13 van dit verhaal. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van het vorige verhaal. 
 

 

zondag 15 februari 2026

Een tropische vakantie en een rijdende winkel


Na een paar weken
met sneeuw en vorst, gevolgd door dooi, mist en nattigheid, is het misschien niet vreemd dat ik droomde dat mijn vrouw en ik, van het ene op het andere moment, besloten om naar Curaçao te vliegen voor een weekje vakantie. Het is zeker 25 jaar geleden dat we voor het laatst in een vliegtuig zaten en naar de Antillen zijn we nooit geweest.

Daar zijn verschillende praktische redenen voor, maar als die er niet zouden zijn hoop ik dat we er ook vanaf zouden zien. We ergeren ons regelmatig aan de vliegtuigen en hun condensatiestrepen, boven ons hoofd. Vooral op mooie, zonnige dagen, als lieden, op weg naar warme landen, onze blauwe lucht verpesten. Er wordt veel te veel gevlogen, met kwalijke gevolgen voor de natuur, het klimaat en de omwonenden.

Maar goed, in mijn droom deden we het toch. Van de vliegreis zelf herinner ik me weinig. We waren al snel op onze tropische bestemming en ik besloot een eindje te gaan fietsen, terwijl mijn vrouw het appartement op orde bracht. Ik reed op een racefiets, over een zandpad.

In werkelijkheid is het ook al meer dan 25 jaar geleden dat ik nog eens op een racefiets zat. Ik had er een van het merk Peugeot, een zilvergrijze, waar ik een paar fijne fietsvakanties mee gedaan heb. Ik deed hem, toen fietsen door mijn verslechterende conditie niet meer ging, over aan een goede vriend. Die zette hem in Utrecht vast aan een lantaarnpaal om, een paar uur later, te ontdekken dat hij gestolen was.

Zou er nu nog steeds iemand tevreden rondrijden op mijn zilvergrijze, gestolen, Peugeot ? Ik vraag het me wel eens af. Hoe dan ook, in mijn droom hield ik halt bij een hoog hekwerk van metaalgaas. Daarachter was een uitgaansgelegenheid, waar een jonge vrouw wat aan het opruimen was. Ze riep me iets toe dat ik niet verstond, maar ik nam aan dat ze zich ergens over beklaagde.

Ik kon haar niet helpen, dus ik keerde mijn rijwiel en reed terug over het witte zandpad. Ik zag dat er sporen zichtbaar waren in het zand en ik herkende kattenpootjes. Wat verderop werd het pad donkerder van kleur. Ik zag andere fietsers voor me, die op hoge snelheid voortreden. Het verbaasde me dat ik ze vrij gemakkelijk kon volgen. Een keer moest ik scherp uitwijken, voor een vrouw met een kinderwagen, die me tegemoet kwam.

De weg werd smaller en voerde het hele fietserspeloton een gebouw in. Het plafond werd daar zo laag dat ik me moest bukken, maar ik reed door, zo goed en zo kwaad als dat ging. Ik verloor de andere fietsers uit het oog. De weg versmalde zich nog meer, tot ik een bocht om sloeg en me ineens in een woonkamer bevond. Ik was, met fiets en al, een lederen bankstel opgereden.

Iemand zei: 'Ja, hier kun je niet verder.' Dus ging ik maar naast mijn fiets zitten en haalde een pakje boterhammen tevoorschijn. Ik realiseerde me dat het zaterdag was en dat ik een verhaaltje moest schrijven voor de wekelijkse Stripmail. Wel een leuke afwisseling om dat eens te doen vanaf een tropisch eiland.

Ik werd wakker met gemengde gevoelens. Dat fietsen was best fijn geweest, maar het was afkeurenswaardig dat ik daarvoor helemaal naar Curaçao gevlogen was. In mijn volgende droom moet ik toch maar wat dichter bij huis blijven.


Een rijdende winkel

Een poosje later droomde ik dat mijn oude vriend J een rijdende winkel had. Ik had met hem afgesproken dat hij op een bepaalde tijd voor mijn huis zou staan en hij stond me al op de trap op te wachten toen ik naar buiten kwam. Ik gaf hem een van mijn boodschappentassen en hij ging naar beneden om daar mijn bestelling in te doen. Ik volgde hem met een andere tas, waar oud papier in zat. Die tas gaf ik, bij zijn wagen, aan het meisje dat hem hielp.

'Dat kost 70 cent', zei ze. Daar had ik niet op gerekend. Ik wist niet of ik wel los geld bij me had en zocht in mijn broekzak naar muntjes. Ik vond er een paar en betaalde haar met twee ouderwetse kwartjes en twee dubbeltjes.

Bij de winkel van J was het behoorlijk druk. Het leek meer op een rijdend winkelcentrum, want er was, naast het inleverpunt voor oud papier, ook een deel waar gefrituurde snacks verkocht werden en daar stond een rij klanten. Je kon er bovendien dagelijkse boodschappen halen en daar vulde J, op zijn gemak, mijn boodschappentas mee.

Het duurde allemaal erg lang en ik werd moe. Ik kreeg er bijna spijt van dat ik bij J mijn boodschappen besteld had. Maar ja, hij was wel een oude vriend. Zo werd ik wakker. Zonder boodschappen en 70 cent lichter. 

  

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik op het plaatje voor een grotere weergave.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 en deel 10 van dit verhaal.  
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van het vorige stripverhaal.  
 
 

zondag 4 januari 2026

Mijn naam werd omgeroepen


Het is winter.
Er ligt sneeuw op Soestdijk en het is koud. Met de scootmobiel boodschappen doen gaat nog best, maar lange wandelingen maken zit er niet in. Het zal geen toeval zijn dat ik van uitstapjes naar andere streken droomde.

In mijn droom waren we dus op vakantie. Mijn vrouw was mee, mijn broer, mijn vader en nog wat vagere vrienden en familieleden. We gingen een wandeling maken, maar als snel raakten mijn vrouw en ik de rest van de groep kwijt.

We wandelden door een golvend landschap, een vriendelijke mevrouw wees ons de weg naar het stadje dat we als einddoel hadden. De lucht was donker en in de verte hoorden we het donderen. Waar wij liepen bleef het gelukkig droog.

Even later waren we in het stadje. We wandelden wat rond en keken op de terrasjes of we onze reisgenoten zagen. In de verte zagen we een haventje waar een aantal antieke schepen lag. 17e eeuwse oorlogsschepen leken het, maar ik dacht dat het wel replica's zouden zijn, zoals de Batavia, bij Lelystad.

Op een pleintje vonden we een deel van ons reisgezelschap terug, op het terras van een café dat 'The Green Lady' heette, of misschien 'The Green Minnow'. De naam stond op de gevel, in groene neonletters. Het terras was vol, maar ik zag mijn vader niet. 'Die is vast naar die schepen toe', zei ik tegen mijn vrouw. 'Bestel jij wat te drinken, dan ga ik kijken of ik hem zie.'

Om bij het haventje te komen moest ik door een modern winkelcentrum. Ik zag een bordje dat me de goede richting op wees en ik kwam heelhuids aan de andere kant. Daar hoorde ik mijn vader praten met mijn ex-zwager J. Ze stonden achter een informatiebord. Ik liep er heen en zei dat die schepen er mooi uitzagen.

'Ja', zei mijn vader, 'maar het evenement is eigenlijk al afgelopen. Je kunt nog wel meevaren, als bemanningslid.'

Een van de schepen voer langzaam de haven uit, maar ik had niet veel zin om mee te gaan. Ik gaf mijn vader een arm en samen liepen we terug naar het café waar de rest van de groep zat. Het terras was nu helemaal leeg, op de ene tafel na, waar onze familie en vrienden zaten.

Het was even schuiven met stoelen en doorgeven van drankjes. Ik had tonic besteld, de persoon naast me een Belgisch biertje. Hij wilde er een schijfje citroen in een sneed een stuk af van de citroen die ik bij mijn tonic had gekregen.

Ik bedacht dat als de brouwers van dat bier hadden gewild, dat het naar citroen smaakte, ze daar bij het brouwen wel voor gezorgd zouden hebben. Daarna werd ik wakker.


Een paar weken later, een andere vakantiedroom.

We waren opnieuw op pad met een aantal familieleden. We verbleven in een stadje aan zee, of aan een rivier. In ieder geval aan het water, want mijn vrouw en ik gingen varen in een roeiboot. Na een tijdje legden we aan, bij een rotsige kust waar een wandelpad langs was.

Het was prachtig zonnig weer. We liepen een stuk, maar het was erg druk en ik raakte mijn vrouw kwijt tussen alle andere wandelaars. De omgeving was prachtig. Het pad was op sommige plaatsen overdekt, als een galerij, met overal uitzicht over het water.

Er vlogen exotisch gekleurd vogels rond en ik zag een kleine jongen die een muis gevangen had. Het was een mooie bruine muis met een witte donzige buik en een pluizig behaarde staart. Ik maakte me even zorgen over wat de jongen met het diertje zou doen, maar hij liet het vrij tussen de wilde planten langs het pad.

Mijn vrouw belde me op en vroeg of ik, op de terugweg, een zak ijsklontjes mee wou nemen. Ik baande me een weg tussen de vele toeristen en liep langs drukke terrassen en door eetzalen, tot ik bij een ruimte kwam waar, aan verschillende tafels, mijn familieleden zaten.

Over de intercom werd mijn naam omgeroepen. Of ik de roeiboot, die ik gehuurd had, terug wou brengen naar het beginpunt. Ik gaf de spullen die ik bij me had, de zak ijsklontjes en de tas van mijn vrouw, aan mijn familie en vroeg of mijn broer zolang op mijn rugzak wilde passen.

Daar had hij geen zin in. Ik schold hem uit maar dat kwam me op een bestraffende blik van mijn moeder te staan. Ik zei dat het maar een grapje was en ging, met rugzak, op weg naar de plek waar we de roeiboot achter hadden gelaten.

Natuurlijk liep ik eerst verkeerd. Ik werd wakker voor ik hem teruggevonden had. 

 

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik op het plaatje voor een grotere weergave.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van dit verhaal.  
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van het vorige stripverhaal.  
 
 

 

zondag 25 mei 2025

Vakantie met regengarantie


Ik denk niet
dat het nog bestaat, maar ik herinner met dat er lang geleden vakanties aangeboden werden met regengarantie. Niet met het oog op de Nederlandse markt, maar om mensen uit landen met een droog en warm klimaat naar hier te lokken. Het idee was dat, bijvoorbeeld, bewoners van de Golfstaten, waar het bijna nooit regent, het fijn zouden vinden om eens lekker bij ons in de regen te lopen.

Want bij ons regent het altijd, dus kun je makkelijk beloven om een deel van de kosten terug te betalen, als het een hele week droog weer blijft. Als ik op internet zoek vindt ik een bericht uit 1986, over een Amsterdams hotel met zo'n regeling (het hele artikel is niet meer te lezen). Ondertussen weten we beter.

Het regent hier bijna nooit. Dat was de titel van een website van een enthousiaste fietser die anderen over probeerde te halen om meer de fiets te nemen. Hij reed dagelijks met de fiets naar zijn werk en hield bij hoe vaak het regende. Bijna nooit dus. Daarmee sloeg hij verstokte automobilisten een argument uit handen.

De website bestaat nog, zie ik. Er staat dat hij van 2008 tot 2019, in ruim 10 jaar dus, 3636 fietsritten maakt, van telkens 45 minuten en daarbij in iets meer dan 90% van de ritjes droog over kwam. Hij werd 351 keer nat. Dus eigenlijk bijna nooit.

Dat verbaast me niets. In mijn agenda tel ik, in de afgelopen weken, 18 achtereenvolgende dagen zonder regen. Het is 5 weken geleden dat er serieuze neerslag viel. Er gingen dagen voorbij dat er helemaal geen enkele wolk aan de hemel te zien was. Het grasveld naast ons huis is grotendeels verdord, mede door de niet aflatende maaibeurten van de gemeentelijke groenbeheerders.

Er verschenen berichten in de media over een dreigend watertekort. Mensen werden opgeroepen om zuiniger te zijn met drinkwater, de auto niet te wassen, de tuin niet te sproeien en korter te douchen. Ik zag een artikel waarin opgeroepen werd tot een heel andere omgang met water. Wij Nederlanders zijn gewend om alles wat er aan nattigheid valt zo snel mogelijk af te voeren naar zee. We staan bekend om onze droogmakerijen. De molens van Kinderdijk ! We hebben grote meren drooggelegd, we bouwen dijken om het water tegen te houden. Weg met water !

Dat moet dus anders. Door de klimaatverandering, ten gevolge van de opwarming van de aarde, komen er vaker perioden van droogte. Dat kostbare water, dat we nu zo achteloos wegspoelen, moeten we juist vasthouden. Opslaan voor drogere tijden. Dat moet in het groot, in reservoirs en meren, maar het kan ook in het klein. Met een regenton, bijvoorbeeld.

Ik las ook ergens dat het watergebruik van de Nederlandse huishoudens maar 10% zou uitmaken van het totale verbruik. Maar als ik dat probeer op te zoeken krijg ik andere cijfers te zien. Volgens het CBS verbruiken de particuliere huishoudens twee derde van het leidingwater. De rest wordt verbruikt door de industrie.

Er wordt ook nog ander water gebruikt, zoals oppervlaktewater, voor bijvoorbeeld het besproeien van landbouwgebieden en koelwater voor energiecentrales. 'In totaal werd 14,7 miljard kubieke meter onttrokken aan zoet of zout oppervlaktewater en grondwater.'

Dat water moet ook weer aangevuld worden. Dus zuinig doen is toch wel een goed idee. Vooral als het wekenlang niet regent. Toen er eergisteren een paar buitjes over ons land trokken kon je dan ook overal gejuich horen. Ik zag foto's op internet van regendruppels op ramen en plassen op straat. Ik plaatste zelf een filmpje, van de regen op het balkon, alsof het een wereldwonder was.

Ondertussen ging de lente gewoon door. Afgelopen week zag ik jonge waterhoentjes in de sloot, jonge pimpelmezen en koolmezen en twee jonge huismussen op het balkon. De vogels zijn er, ondanks de droogte, in geslaagd om nakomelingen voort te brengen. Als het nu een poosje lekker doorregent komen de planten ook weer een beetje bij.

Ps: Vorige week relativeerde ik het gevaar van de wolf en deze week werd er weer een mevrouw door een wolf gebeten, deze keer op landgoed Den Treek-Henschoten, in Leusden. De rentmeester vond dat er maatregelen tegen de wolf genomen moesten worden. Maar als de statistieken kloppen dan zijn er in dezelfde week bijna 3000 mensen gebeten door honden, waarvan er 4 zo ernstig gewond raakten dat ze in het ziekenhuis behandeld moesten worden. Daar hoor je niemand over.


 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal.
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 
 

zondag 3 september 2023

Vakantiecrisis


'Kwart Europese skigebieden in problemen door klimaatcrisis,'
kopte de krant vorige week. Dus als je zomervakantie in het water is gevallen, door een overstroming, of zware onweersbui, of als je verjaagd ben van je vakantieadres, door een bosbrand, aardbeving, of hittegolf... Dan moet je je nu alvast zorgen gaan maken over je wintervakantie.

De vakantie vierende mens heeft het niet gemakkelijk. Ik ben blij dat ik ook dit jaar niet op vakantie hoefde, want de nieuwsberichten stonden er bol van. Vakantie-ellende. Het lijkt er soms op alsof de mensheid alleen maar op Aarde is om op vakantie te gaan. Maar ondertussen gaat het helemaal niet goed met onze planeet, want dat is uiteraard de achtergrond van al deze berichten.

Er zijn mensen die nog steeds denken dat het allemaal wel meevalt. Nou, die zijn dan waarschijnlijk een poos niet op vakantie geweest. Er zijn er ook die denken dat de mens wel nieuwe technische oplossingen zal bedenken, om de planeet te redden en daarmee onze vakanties in de toekomst veilig te stellen.

Er zijn er zelfs die denken dat we, als mensheid, in de toekomst, onze versleten en leeggeplunderde planeet zullen verlaten en, ergens in het heelal, een nieuwe planeet zullen vinden om op te wonen. Voor een reisje naar Mars hebben zich al een heleboel mensen opgegeven. Dat dat een enkele reis wordt zullen ze waarschijnlijk wel weten, maar ik ben toch bang dat velen het zullen zien als een spannende trip, een avontuurlijke vakantie.

Met de huidige techniek kunnen we wel naar één van onze buurplaneten vliegen, maar we kunnen dan niet meer terug. Er is op Mars of Venus immers geen tankstation, waar je even raketbrandstof in kunt slaan, voor de terugreis. Voor een retourvlucht brandstof meenemen, is niet mogelijk, zoveel vracht kunnen de huidige raketten niet dragen.

Maar eigenlijk zou je, in de toekomst, als de Aarde onbewoonbaar dreigt te worden, naar een planeet in een andere zonnestelsel willen vliegen. Liefst een planeet met een klimaat dat voor de mens leefbaar is.

Als we niet te moeilijk doen, zouden we het dichtstbijzijnde zonnestelsel, Proxima Centauri, kunnen nemen als bestemming. Met de snelste ruimtesonde, die de mens tot nu toe heeft ontwikkeld, zou de reis 18.000 jaar duren, volgens Wikipedia. Maar dat is dan een projectiel met minimale lading.

Als we een heleboel mensen mee moeten nemen en een heleboel lading, om iedereen in leven te houden, dan wordt de reis een stuk langer. De snelste Apollo-capsule, die bemand was met mensen, zou er 110.000 jaar over doen. En die was alleen in staat om naar de Maan en terug te vliegen. De techniek zou dus wel heel spectaculair moeten verbeteren, om de hele mensheid naar een verre planeet te laten emigreren.

Maar uiteindelijk is het ook geen prettige gedachte. De mens als een vraatzuchtige parasiet, die zijn planeet kaal vreet en dan overstapt naar een andere planeet, om ook die leeg te plunderen. Dat is toch niet hoe we onszelf willen zien ? Het is een stuk aardiger en waarschijnlijk ook makkelijker haalbaar, om onze eigen planeet leefbaar te houden. Maar misschien zullen we dan wat minder energie moeten steken in vakantie vieren. 

 

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman en wordt volgende week vervolgd. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal.
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 
 

zondag 14 juni 2020

Wat een onzin !



Je moet natuurlijk oppassen dat je niet alles gaat beoordelen met je eigen ervaringen als maatstaf. Ik hoor en zie de laatste tijd veel onderwerpen voorbijkomen in het nieuws waarvan ik denk: 
Wat een onzin !

De vraag wanneer we weer naar het buitenland op vakantie kunnen, bijvoorbeeld. Alsof er geen belangrijkere dingen zijn. Ik ben al zeker 15 jaar niet meer naar het buitenland geweest en het laatste binnenlandse tripje is ook al jaren geleden. Maar ja, dat komt door mijn gezondheids-toestand. Al moet ik zeggen dat ik het niet echt mis. Het belang van vakantiereisjes wordt erg overschat, denk ik dan.

Of het uitgaan, naar kroegen, concertzalen, theaters en festivals. Tsjonge wat een belangrijke activiteit. Heb ik ook al jaren niet meer gedaan. De laatste keer was een filmvoorstelling in het plaatselijke filmhuis. Daar was ik ooit actief medewerker van en ze hadden een jubileum te vieren. Het was een mooie film, maar ik ben in de pauze naar huis gegaan. Dat mis ik dus ook niet echt.

Wat dacht je van een bezoek aan de kermis ? Of een ballonvaart ? Uitbaters van dat soort vertier waren, al klagend, te zien in het TV-journaal. Heb ik daar behoefte aan ? Welnee, allemaal onzin.

Dat de kinderen niet naar school konden, vanwege het virus, dat was toch wel erg ? Nou... als kind was ik er maar wat blij mee geweest. Vooral als middelbare scholier. Ik ben bijna met terugwerkende kracht jaloers op de jongeren van nu. Maanden niet naar school mogen...! Wauw !

Maar de kinderen lopen wel een achterstand op ! Zou het ? Toen ik 9 jaar was heb ik een maand of 4 in het ziekenhuis gelegen met een gecompliceerde beenbreuk. Een jaar later maakte ik een CITO-test en haalde de op één na hoogste score van de klas.

In het ziekenhuis kreeg ik ook wel een beetje les, maar de technische mogelijkheden van nu waren er toen nog niet. Er kwam een paar keer per week een mevrouw langs die wat opdrachtjes gaf. Verder vermaakte ik me door de 'Scheepsjongens Van Bontekoe' te lezen.

Niks geen achterstand, dus. En op de middelbare school heb ik zoveel gespijbeld... Maar goed, een mooie CITO-score is geen garantie voor een geslaagde schoolloopbaan. Maar die heb je ook niet echt nodig om later toch redelijk gelukkig te worden. Ik was zelfs op weg om een soort van carrière op te bouwen, voor de gezondheidsproblemen de kop op staken.

Allemaal onzin ! Behalve de Black Live Matters protesten. Daar had ik waarschijnlijk aan meegedaan, als ik wat jonger en fitter was geweest. Hoewel ik zelf nooit last gehad heb van discriminatie. Ik ben nooit uitgescholden vanwege mijn huidskleur. Wel omdat ik lang haar had, als één van de eersten in ons dorp. Maar daarvan wist ik dat het uit jaloezie gebeurde.

Ondertussen zijn er ook andere belangrijke dingen. De mezen hebben jongen en die voeren ze op mijn balkon. De spechten komen pinda's halen. De margrieten staan in bloei, de metselbijtjes zijn aan het metselen. Maar daarover zie je dan weer niets in het TV-journaal...



De Strip is gemaakt door de Stripman zelf

Klik hier voor deel 1 van dit verhaal...

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 10 mei 2020

De tijd vliegt


De merels zingen, de koolmezen laten hun fietspompliedje horen, een houtduif koert. Alweer een week voorbij. Het kan aan mij liggen, maar de tijd lijkt te vliegen.

Er zijn de laatste dagen wat meer vliegtuigen in de lucht, trouwens. En op het nieuws gaat het over vliegtuig-maatschappijen die staatssteun nodig hebben, reisorganisaties die failliet dreigen te gaan en de vraag of we nog op vakantie naar het buitenland kunnen.

Er zijn belangrijkere kwesties, lijkt me. Het aantal mensen dat aan het coronavirus overlijdt neemt af, in ons land, maar er komen nog wel nieuwe besmettingen bij. Dus het virus is nog niet weg.

Ik moet telkens denken aan autogordels. Toen we allemaal onze veiligheidsriem om gingen doen nam het aantal verkeersdoden flink af. Maar toen die mooie cijfers bekend werden zeiden we toch ook niet tegen elkaar: Nu kan die gordel wel weer af ?

Een jaartje niet op vakantie naar een warm land is echt geen ramp. Ik ben al jaren niet op vakantie geweest, zelfs niet naar een koud land. De zomers zijn bij ons de laatste tijd ook knap warm. De huur, of hypotheek, van je huis gaat toch gewoon door. Je tuin, of balkon, heb je niet voor niets opgeknapt. Ga daar dan eens lekker van genieten.

Ondertussen is het wel zeker dat er jonge pimpelmezen in het nestkastje op ons balkon zitten. Ik heb ze nog niet horen piepen, maar er wordt in hoog tempo voedsel aangevoerd. Alleen vraag ik me af of het misschien een éénoudergezin is. Ik zie maar één mees heen en weer vliegen.

Dat hoeft geen ramp te zijn. Als er maar genoeg rupsen aanwezig zijn, kan ook één mees succesvol een broedsel groot brengen. Maar het verhoogt de kans op mislukken wel. Spannend. Misschien vliegen ze komende week uit.

En afgelopen week is Little Richard overleden. Niet aan het virus. Hij was een opmerkelijke man. Ogenschijnlijk vol tegenstrijdigheden, diep gelovig en een extravagante rock & roll zanger. Staand aan de piano, wat makkelijk kon want hij was niet zo groot van stuk, met blikkerende tanden en de blik van een bezetene in zijn ogen, onzinnige teksten uitschreeuwen. Tutti frutti, whap bap a loola, whap bam boom !

Dat waren nog eens tijden. Toen gingen we ook niet elk jaar een paar keer op vliegvakantie. Maar dansten we thuis, bij de platenspeler, op rock & roll... En brachten buiten de pimpelmezen hun jongen groot...



Een paar foto's van de pimpelmezen staan op Twitter...



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 2 september 2018

T. komt logeren


Kleinzoon D. is al lang niet klein meer. Hij is zijn ouders en grootouders boven het hoofd gegroeid, al een paar jaar het huis uit en woont, werkt en studeert nu in Antwerpen. Daar heeft hij, met zijn Belgische vriendin Y., een gezin gesticht, met haar dochtertje D. en de nieuwe aanwinst, ons achterkleinkind A.

Over de kleine A. ga ik het vast nog wel eens hebben. Ze is pas 7 maanden, maar het heeft er alle schijn van dat het een stoere en bijdehante meid gaat worden.

Afgelopen week hadden wij kleine T. te logeren, een neefje van D. en Y. Er waren wat problemen thuis en een weekje Nederland zou een welkome afleiding zijn. Wat de aard van de problemen ook mocht wezen, aan T. kon het onmogelijk gelegen hebben. Hij, 9 jaar oud, donker haar en bruine ogen, was een toonbeeld van vriendelijkheid.

Hij was rustig, gehoorzaam, lief, creatief en zat vol humor. Hij was geduldig met onze oude kater, die eerst naar hem blies, maar uiteindelijk viel voor zijn zuidelijke charmes. Zoals veel kinderen van zijn leeftijd was hij vroeg wakker, maar bleef dan rustig wachten tot een van ons uit bed kwam. Op zekere ochtend zat T. kalm in de kattenmand, samen met de kat, voor de woonkamerdeur te wachten tot de dag kon beginnen.

Ondanks zijn drukke programma – met onze dochter en schoonzoon ging hij op expeditie in het bos, bezocht het legermuseum en ging mee winkelen – vond hij ook nog tijd om met mij door te brengen. Wij tekenden samen strips, mijn resultaten gaan jullie vanaf volgende week zien, die van hem heeft hij meegenomen naar België.

Hij schudde de pagina's in een jaloersmakend tempo uit zijn mouw. Terwijl ik langzaam vorderde, met mijn mannetjes in hun bosrijke omgeving en in de hele week maar net iets meer dan een halve pagina afkreeg, vulde hij vel na vel met auto's, huizen, trams, slagbomen, verkeersborden en zelfs het Atomium van Brussel. 

Daarnaast maakte hij een film, van dehijskraan die onverwacht in onze straat verscheen om bouwmateriaal op de flat naast de onze te hijsen. We bakten samen scones, (hier staat het recept) waarbij T. nauwkeurig de weegschaal bediende. We bestudeerden de vogels op het balkon, T. maakte opnamen van een houtduif.

En we maakten muziek. Aanvankelijk probeerde T. de ukelele onder de knie te krijgen, maar toen schoonzoon thuiskwam met een doos mondharmonica's bleek dat hij daar beter mee uit de voeten kon. Na een dagje oefenen namen we samen een lied op. Ik op de gitaar, T. als mondharmonica-solist. Zie op YouTube: De Mondharmonicaman 

Aan het eind van de week begon ik te vermoeden dat het leven misschien toch meer zin had dan ik ooit gedacht had. Dankjewel T. het was een fijne logeerpartij !



De Strip: In verband met hittegolven en andere sociale verplichtingen hanteren de Stripmannen deze zomer een tropenrooster. Daarom nu een oud stripje. Ondertussen is het werk aan nieuwe verhalen hervat, dus nog even geduld. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 26 augustus 2018

Wespen lokken en wegjagen


Afgelopen week hadden we wisselvallig weer, af en toe regen, maar ook best zonnige perioden waarin je nog heel best op het balkon kon zitten. Bij een van die gelegenheden zat ik met een boek, een kop koffie en mijn fototoestel – want je weet maar nooit – in de zon. Af en toe kwam er een wesp voorbij vliegen. In de nazomer is dat heel gewoon, ze zijn dan opzoek naar zoetigheid.

Andere mensen zouden misschien in paniek raken en wild om zich heen gaan slaan, maar ik bleef rustig zitten. Ik drink mijn koffie met maar weinig suiker en had er geen vruchtengebakje naast staan, dus zo'n wesp vloog dan vrij vlot weer verder.

Van mijn ouders leerde ik al heel jong dat wespen niet steken als je je maar kalm houdt. En als je ze niet in de knel brengt.Toch ben ik wel eens gestoken. Eén keer omdat ik iets voelde kriebelen en zonder te kijken, met mijn hand een wesp beetpakte.

Een andere keer was de wesp mijn broekspijp ingevlogen en konden hij en ik geen kant meer op. Hard op mijn been slaan was de enige optie, maar toen was ikzelf ook al de klos. Dat waren ongelukkige incidenten die ik niet elke wesp aan wil rekenen, maar ik begon me wel af te vragen welk soort wesp er nou rond zoemde.

Ik bleef dus rustig, maar oplettend zitten. Toegegeven, als zo'n geel-zwart gestreepte rakker rond mijn gezicht vliegt voel ik me daar niet heel prettig bij. Maar met langzame handbewegingen kun je het opdringerige insect dan ook wel afweren. En uiteindelijk zijn ze niet echt in ons geïnteresseerd, maar in het eventuele voedsel dat we bij ons hebben.

Er zijn twee soorten die op ons af komen, de gewone wesp – vespula vulgaris – en de Duitse wesp – vespula germanica. Die verschillen van elkaar, wat tekening op het achterlijf betreft. Zwarte en gele strepen hebben ze allebei en zwarte stippen, maar bij de gewone zitten de stippen aan de strepen vast, terwijl ze bij de Duitse los staan.

Moeilijk te zien als zo'n wesp om je heen zoemt en bovendien vergeet ik telkens welke nou de losse stippen heeft. Een duidelijker onderscheid zit hem in het gezicht van de wesp. De gewone heeft een zwarte, verticale streep tussen zijn ogen, de Duitse is daar geel met drie, kleine, zwarte stipjes.

Makkelijk gezegd, maar probeer maar eens zo'n wesp van dichtbij in de ogen te kijken, krijg hem maar eens zover dat hij – eigenlijk zij, want het zijn allemaal vrouwelijke werksters die rond je hoofd zoemen – lang genoeg stil zit om dat soort details te kunnen zien.

Als ik nou eens een schoteltje met wat zoetigheid neerzette en dan met mijn camera in de hand afwachtte tot daar een wesp op zou gaan zitten ? Leek me een prima plan. Ik keek in de koelkast of we misschien jam hadden. Dat hadden we niet, maar wel tacosaus. Dat is ook rood en met wat honing erdoor zou het wellicht geschikt zijn als wespenlokmiddel.

Anderhalf uur heb ik naast mijn schoteltje gezeten – dat boek kwam goed van pas om de verveling te verdrijven – geen wesp liet zich zien. Sterker nog, ik kreeg de indruk dat ze met wijde bogen om mij en het schoteltje heen vlogen. Zou dat toeval zijn ?

De volgende dag probeerde ik het met een beetje limonadesiroop. Binnen 5 minuten waren er 2 wespen present, die gretig op het schoteltje afkwamen. De eerste landde zelfs middenin de siroop en was een hele tijd bezig z'n poten en vleugels weer schoon te poetsen.

Ze vochten er ook onderling om. Men noemt het sociale insecten, maar ze zijn niet zo sociaal dat ze vreedzaam een voedselbron met elkaar delen. Hoe dan ook, ik kon ze prima van dichtbij fotograferen en later, op mijn gemakje, constateren dat het de gewone vespula vulgaris was, die op mijn balkon kwam.

Missie geslaagd. En die tacosaus ga ik onthouden. Het kan toeval zijn, maar misschien heb ik, per ongeluk, een prima, diervriendelijk middel ontdekt om wespen weg te jagen...

Zie mijn wespenfoto's op twitter

En de gewone en Duitse wesp op Wikipedia 



De Strip: In verband met hittegolven en andere sociale verplichtingen hanteren de Stripmannen deze zomer een tropenrooster. Daarom nu een oud stripje. Ondertussen is het werk aan nieuwe verhalen hervat, dus nog even geduld. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 12 augustus 2018

2000 jaar oude geschiedschrijving en propaganda van Julius Caesar


Op zoek naar leesvoer viel mijn oog op een boek dat ik lang geleden kocht, maar nooit helemaal gelezen had, 'De strijd om Gallië' geschreven door Julius Caesar zelf. Het oorspronkelijke geschrift dateert van ruim 2000 jaar geleden, 58 tot 51 voor Christus om precies te zijn, maar mijn editie is uitgegeven in 1980. Ik kocht hem ooit via de English Bookclub en heet dan dus 'The Battle For Gaul'.

Voor mensen die niet weten wat een boekenclub is: daar kon je lid van worden en dan kreeg je elk kwartaal een catalogus toegezonden. Daar moest je dan 1 boek uit kiezen, meestal voordelig geprijsd. Koos je geen boek dan kreeg je automatisch het 'keuzeboek' toegezonden. Dat was doorgaans een bestseller waar je niet op zat te wachten. Maar het aanbod was breed dus meestal was er wel een betere keuze te maken. De English Bookclub verkocht uiteraard alleen Engelstalige boeken.

Waarom ik indertijd voor Caesar heb gekozen weet ik niet meer. Misschien vanwege Asterix en Obelix. Ik weet wel dat ik het na een paar bladzijden in de kast heb gezet en niet meer heb aangeraakt, behalve bij verhuizingen. Nu ben ik er weer in begonnen en ik moet zeggen, het leest verrassend vlot.

Caesar schreef zijn verslagen, over de strijd in Gallië, om zijn superieuren te infomeren – hij was toen nog geen keizer – en om zijn eigen daden extra positief naar voren te brengen. En hij deed dat bondig en boeiend, maar het is deels dus ook propaganda.

Desondanks is het een bijzondere ervaring om, 2000 jaar later, de verslagen te lezen van een Romeinse veldheer. Niet dat Julius jaren achtereen alleen maar oorlog aan het voeren was. Dat was toen een seizoensgebonden bezigheid. In de winter verbleef hij doorgaans in Noord-Italië waar hij zich bezig hield met bestuurlijke taken, rechtspreken en het voorbereiden van het volgende oorlogsseizoen.

Oorlogen waren niet alleen mogelijkheden om het eigen territorium uit te breiden, het ging Caesar ook om financieel en politiek gewin. En wij hebben er nog steeds de naam van de maand Maart aan te danken, genoemd naar de Romeinse god van de oorlog, Mars.

Van zijn soldaten en de meeste van hun tegenstanders moet je je wel afvragen wat hen bezield heeft. Elkaar met speren, zwaarden en knuppels te lijf gaan, nauwelijks beschermd – de Galliers vochten vrijwel naakt, de Britten alleen gehuld in blauwe verf – in een tijd waarin er geen doorbetaald ziekteverlof was en de medische zorg niet veel voorstelde.

Dat verklaart misschien waarom er vaak al na een paar schermutselingen vrede gesloten werd met naburige stammen. Daarbij werden gijzelaars genomen om komende vijandelijkheden te ontmoedigen. Soms werden overwonnen mannen, vrouwen en kinderen verkocht als slaven en dan werden hun kostbaarheden natuurlijk ingepikt.

Opmerkelijk is het dat Caesar zijn tegenstanders doorgaans afschilderde als barbaars, ongedisciplineerd en chaotisch, waarna die in de strijd toch verrassend eensgezind en slim tegenstand wisten te bieden. De Galliers gaven zich niet zomaar gewonnen en brachten de Romeinen hier en daar flinke nederlagen toe.

Toch weet Caesar, dankzij zijn strategisch inzicht, de superieure bewapening en training van zijn soldaten, slim onderhandelen en door verschillende Gallische stammen tegen elkaar op te zetten, grote delen van het huidige Frankrijk, België, Nederland en een stukje van Engeland onder Romeinse gezag te brengen.

Mede door die successen weet hij het later tot keizer te schoppen. Maar dat staat niet in dit boek. Over Asterix en Obelix schrijft hij trouwens ook geen woord...

(Wel over Ambiorix, die de stripliefhebber zou kunnen kennen uit de verhalen van Suske en Wiske...)


Zie ook op Wikipedia over de GallischeOorlog e.v. 



De Strip: In verband met de hittegolven hanteren de Stripmannen voor de komende paar weken een tropenrooster. Dus deze keer een oud stripje. Als de temperaturen wat gezakt zijn wordt het werk aan nieuwe verhalen hervat. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men