zondag 4 oktober 2026

Eric Clapton is geen voorbeeldig mens. Of toch wel ?


Artiesten zijn ook maar mensen.
Gitarist Eric Clapton is geen God, zoals we vorige week al konden vaststellen. Hij zou het daar zelf waarschijnlijk helemaal mee eens zijn. Maar moeten artiesten voorbeeldige mensen zijn ? Er zijn genoeg voorbeelden te vinden van beroemde muzikanten, acteurs, schrijvers enzovoort, die misstappen hebben begaan.

Drummer Jim Gordon, waarmee Clapton in de jaren '60 samenwerkte – onder andere op het legendarische album 'Layla And Other Assorted Love Songs' – vermoordde later, in een vlaag van waanzin, zijn eigen moeder. Gail Collins, die liedjes schreef voor Eric's band Cream, schoot later haar man, Felix Pappalardi dood. Pappalardi was de producer van een paar albums van Cream en speelde er ook op mee. En hij was de bassist van de band Mountain.

Daarmee vergeleken is Clapton een brave borst. Maar toch kreeg ik een hekel aan hem, toen ik de tweede helft van 'Slowhand' las, de biografie die Philip Norman over hem schreef. Na de opname van 'Layla' raakte Clapton verslaafd aan de heroïne. Hij trok zich terug op zijn landgoed en kwam pas na 3 jaar weer tevoorschijn.

Toen hij afgekickt was, van de heroïne, stortte hij zich op de alcohol. De heroïne werkte verlammend, met de drank kon hij wel weer aan de slag. Maar hoewel de muziek die hij voortbracht nog best te genieten was, was hij dat zelf veel minder. Zijn omgeving moest het geregeld ontgelden.

Hij had altijd al een voorkeur gehad voor 'grappen' ten koste van anderen, nu leken er geen grenzen meer te zijn. Een medewerker werd bijvoorbeeld, midden in de nacht, half naakt en onder de blauwe verf, achtergelaten op een goederenstation, ergens in Duitsland. Lachen !

Clapton was geregeld te beschonken om op te treden. Een dieptepunt was een concert, in het Engelse Birmingham, in 1976, waar hij een dronken tirade afstak tegen de buitenlanders. Immigratie was ook in de jaren '70 al een onderwerp van discussie.

Het voorval werd niet gefilmd, of op een andere manier vastgelegd, maar een aanwezige journalist deed er verslag van. Het werd een rel en het hielp niet dat Clapton zich nauwelijks verdedigde, of verontschuldigde. Dat hij dat soort dingen had geroepen, terwijl zijn hele loopbaan was gebaseerd op zwarte muziek, werd hem nog lang verweten.

Clapton was er ondertussen in geslaagd om Pattie Boyd los te weken van haar echtgenoot, George Harrison, oud-Beatle en goede vriend van Clapton. Maar terwijl Pattie vergeefs probeerde zwanger van hem te raken, door middel van IVF, verwekte hij 2 buitenechtelijke kinderen. Van de geboorte van zijn zoon Conor – de moeder was een Italiaanse die hij ontmoet had bij een live-optreden – deed hij Pattie ook nog uitgebreid verslag. Geen wonder dat ze hem uiteindelijk verliet.

Ik noem hier maar een paar van de vele voorvallen waar de gitarist een negatieve rol in speelde. Voor de lezers van de biografie is het doorbijten. Maar uiteindelijk weet hij zijn leven op orde te krijgen. Omdat hij een goede vader wil zijn voor Conor stopt hij met drinken. Als het jongetje tragisch komt te overlijden, stort hij zich niet opnieuw in de drank.

Na decennia van wangedrag wordt Clapton eindelijk volwassen. Hij neemt de verantwoording voor zijn leven, gaat in therapie en zet zich, als ervaringsdeskundige, in bij de begeleiding van andere alcoholisten. Hij sticht zelfs een afkickcentrum, op het eiland Antigua.

Rijke westerlingen kunnen zich daar laten behandelen, maar het centrum biedt ook gratis hulp aan eilandbewoners met verslavingsproblemen. Om het draaiend te houden geeft Clapton benefietconcerten en verkoopt hij een aantal van zijn gitaren. Hij werkt ook mee aan een documentaire waarin hij openhartig zijn levensverhaal vertelt. Geen heldenportret, maar een eerlijk verslag van een leven vol hoogte- en dieptepunten.

Zo krijgt de biografie toch nog een positief slot. Eric Clapton was een ongelukkig kind, werd een terecht bejubelde rockgitarist, gleed af door drugs en drank, maar overleefde en kreeg zichzelf weer op de rails. Misschien is hij zo toch een voorbeeldig mens geworden.

Lang niet alles wat hij deed is het navolgen waard, maar dat zou je kunnen zien als een afschrikwekkend voorbeeld. Dat je na een lange reeks misstappen toch nog een positieve bijdrage aan de samenleving kunt geven is ook mooi. Maar dat kun je dan beter doen zonder eerst die misstappen te maken.

Wat overblijft is de muziek. Ik heb lang niet alles beluisterd, maar de vroegste albums, met The Yardbirds en John Mayall zijn de moeite waard. De platen met Cream zijn geregeld briljant. Van de vele soloplaten, hij maakte er tientallen, ken ik er maar een paar. Daar zitten mooie momenten tussen en eigenlijk maar weinig echt slechte.

Clapton is nu 81, heeft wat gezondheidsproblemen, maar bracht in 2024 nog een album uit.

(En dan nog dat kasteel in Ierland. Het blijkt dat het al een hotel was voor hij het kocht. Hij kwam er terecht na een optreden en kocht een aandeel van 50%, omdat hij het wel een fijne plek vond om drinkgelagen te houden, met zijn vrienden, zonder te hoeven betalen. Hij verkocht zijn aandeel toen hij zijn drankprobleem overwonnen had.)

De biografie van Philip Norman, 'Slowhand – The Life and Music of Eric Clapton', is verkrijgbaar als boek, e-boek en luisterboek. De Nederlandse vertaling, die kortweg 'Clapton' heet, kost maar een tientje. Maar het e-boek is meer dan de helft goedkoper.

(Het is vandaag trouwens (Eet Geen) Dierendag ! Wij eten ovenbroodjes met vegetarische vulling.)

   

 
De Strip is gemaakt door de Stripman zelf. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 - deel 13 en deel 14 van het vorige verhaal. 
 

 

zondag 27 september 2026

Het Ierse kasteel van Eric Clapton


Naar aanleiding van
het boek over de kastelen van Ierland, waar ik eerder over schreef, ontdekte ik dat de beroemde gitarist, Eric Clapton, enige tijd de eigenaar was van Barberstown Castle. Dat is een groot gebouw, met middeleeuwse gedeelten en latere toevoegingen, niet ver van Dublin, dat in de jaren '70 ingericht werd als hotel. Clapton kocht het in 1979, toen hij op de toppen van zijn roem was, na hit-albums met verschillende bands en successen als solo-artiest.

Het zette mij ertoe aan om de biografie te kopen, die Philip Norman over Clapton schreef en die, als e-boek, voor een paar euro te koop is. Van dezelfde schrijver las ik eerder een prima biografie over Paul McCartney. Norman schreef ook boeken over John Lennon, Mick jagger en Elton John, die ik dan weer niet gelezen heb.

Eigenlijk was ik ook niet direct van plan om de biografie over Clapton te kopen. Uiteraard heb ik bewondering voor hem, als gitarist, maar zijn persoonlijkheid leek mij minder uitnodigend. Dat is iets dat ook Philip Norman aanhaalt, in zijn inleiding. Clapton blijft, onlangs zijn grote populariteit, nogal gesloten en ongrijpbaar.

Hij had de nodige problemen met drank en drugs, zoals veel van zijn collega's, maar raakte nooit betrokken bij grote schandalen. Hij versleet een heleboel vriendinnen, het meest spraakmakend was zijn affaire met Patty Boyd, de vrouw van George Harrison. Maar hij is de afgelopen 40 jaar van de drank af en de laatste 25 jaar ook gelukkig getrouwd.

In het boek van Norman lees ik dat de jeugd van Clapton, die aanvankelijk Rick genoemd werd, niet zonder problemen was. Hij werd geboren in 1945, in het dorp Ripley, dat 35 km ten zuiden van Londen ligt, aan de weg naar Portsmouth. Hij werd opgevoed door Rose en Jack Clapp. Jack was de tweede echtgenoot van Rose. Clapton was de achternaam van haar eerste man, die overleed voor de geboorte van de kleine Rick.

Als kind kwam hij er, door opmerkingen van familieleden, achter dat Rose eigenlijk zijn oma was en Jack zijn stief-opa. Zijn zus Patricia, die als 15-jarige zwanger was geraakt van een, in Engeland gelegerde, Canadese soldaat, was zijn echte moeder. Een paar jaar na zijn geboorte vertrok zij, met een andere soldaat, naar Canada.

Het was een schokkende onthulling en het werd er niet beter op toen Patricia, bij de schaarse familiebezoeken, niet veel belangstelling voor de kleine Rick toonde. Het bezorgde hem een trauma waar hij, decennia later, nog mee worstelde. Hij was, volgens vrienden en latere collegamuzikanten, vriendelijk in de omgang, maar kon zich ook terugtrekken en zich voor zijn omgeving afsluiten.

Zelf verklaarde hij lang onzeker te zijn geweest, bang om mensen teleur te stellen en om afgewezen te worden. Conflicten ging hij liever uit de weg, letterlijk door weg te lopen, als de situatie hem boven het hoofd ging. Tegelijkertijd waren er altijd mensen om hem heen die zich over hem ontfermden. Aanvankelijk waren dat zijn grootouders Rose en Jack, die hem in de watten legden.

Later werd hij, bijvoorbeeld, in huis genomen door John Mayall, de bandleider van The Bluesbreakers, waarvan Eric de gitarist was. Hij logeerde op zolder en werd verzorgd door de vrouw van Mayall, die hem heel attent vond. Eric bracht regelmatig cadeautjes mee voor het jonge dochtertje van het stel.

Het lag niet direct in de verwachtingen dat de jonge Clapton professioneel muzikant zou worden. Aanvankelijk had hij meer belangstelling voor tekenen en schilderen. Na de lagere school ging hij naar 'art school', waarschijnlijk het best te vergelijken met onze vroegere kunstnijverheidsschool. Daar leerde hij letters tekenen en glas-in-loodramen ontwerpen.

Ondertussen had hij ook belangstelling gekregen voor de bluesmuziek, die begin jaren '60 populair werd in Engeland. Zijn schoolopleiding mislukte en hij werkte een paar weken als hulp in de bouw, naast stief-opa Jack, die stukadoor was. Toen hij het aanbod kreeg om professioneel gitarist te worden, bij The Yardbirds, greep hij dat met beide handen aan.

Hij bleef 2 jaar bij de band, maar stapte op toen ze overgingen naar een meer poppy geluid. Op hun eerste grote hit, 'For Your Love' is hij niet te horen. Wel op de instrumentale B-kant, 'Got To Hurry', die ervoor zorgde dat hij gevraagd werd door John Mayall, van The Bluesbreakers.

Als je de vroege opnamen van Clapton hoort, dan is er een enorme ontwikkeling, van de eerste aarzelende solo's naar zelfverzekerd en toonaangevend gitaarspel. Van de sukkel die uit de Yardbirds stapte, net toen die een hitsingle hadden opgenomen, naar 'Clapton Is God', zoals een enthousiaste fan op een muur kalkte. Waar Eric zelf zich dan weer voor schaamde.

De enige LP die hij maakte met John Mayall doet mij enorm denken aan onze eigen Cuby & The Blizzards, die de plaat waarschijnlijk grijsgedraaid hebben voor ze, een paar jaar later, hun eigen 'Groeten Uit Grollo' opnamen.

Ik ben inmiddels halverwege het boek van Philip Norman. Clapton heeft dan, tegen het eind van de jaren '60, megasuccessen beleefd met de band Cream, waardoor zijn banktegoed ook tot grote hoogte is gestegen. Hij heeft een landhuis gekocht, niet ver van het ouderlijk huis in Ripley en een cottage voor oma Rose en opa Jack.

Maar het kasteel in Ierland is nog niet in zicht. Bij Wikipedia las ik dat hij het in 1985 weer verkocht. Misschien verbleef hij er maar zelden, want in die periode kampte hij met alcoholproblemen. Je kunt er logeren, als je zou willen. De nieuwe eigenaren hebben het flink uitgebreid en opgeknapt. Kijk maar op de website.

'Slowhand', het boek van Philip Norman, verscheen in 2020. Dat Clapton zich, op zijn oude dag, tegen coronamaatregelen en vaccinaties keerde, heeft hij dus niet op kunnen nemen. Daar staat tegenover dat Clapton zich onlangs inzette voor de kinderen in de zo zwaar getroffen Gazastrook. Als ik in het tweede deel nog opmerkelijke dingen lees, kom ik er misschien op terug.

  

 
De Strip is gemaakt door de Stripman zelf. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 - deel 2 en deel 3 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 - deel 13 en deel 14 van het vorige verhaal. 
 

 

 

zondag 20 september 2026

Wij gebruiken geen AI


Even voor de digibeten
en de mensen die, de afgelopen tijd, echt helemaal niet opgelet hebben: AI staat voor 'Artificial Intelligence'. In het Nederlands werd het aanvankelijk ook wel KI genoemd – Kunstmatige Intelligentie – maar omdat er al een andere KI was – Kunstmatige Inseminatie – zorgde dat voor verwarring.

AI, dus (ik lees vaak per abuis 'al', in plaats van 'ai', maar dat terzijde) is de laatste tijd vaak in het nieuws. Het wordt steeds slimmer, kan steeds meer en gaat, volgens sommige onheilsprofeten, de mensheid ten gronde richten. Alsof we daar AI voor nodig zouden hebben...

Het idee achter AI is om een zelfdenkende computer te maken, die door gebruik te maken van allerlei informatie, steeds slimmer zou worden. Dat lijkt aardig te lukken en AI wordt al op veel plaatsen gebruikt. In de nieuwsberichten lees je vooral over wat er misgaat. AI blijkt bronnen te gebruiken, zonder toestemming, is in staat om valse foto's en filmpjes te maken, waarop mensen dingen lijken te doen die ze nooit gedaan hebben.

AI geeft antwoorden op allerlei vragen, je kunt ermee chatten. Maar die antwoorden blijken niet altijd te kloppen. AI kan helpen bij het ontwerpen van websites, het oplossen van wiskundige problemen, het corrigeren van teksten, het maken van plaatjes, muziek en teksten. Maar een computerprogramma heeft geen geweten. Het helpt net zo goed brave wetenschappers als dieven en fraudeurs.

Maar wij Stripmannen... Het zou eigenlijk wel een leuke grap zijn als ik hier zou verklaren dat wij, elke zondagochtend, alleen maar op de knop drukken en dat er dan, helemaal automatisch, een verhaaltje en een stripaflevering uit de computer komen rollen. Het zou geen internationaal schandaal worden, maar de lezers zouden er toch van opkijken.

Aan de andere kant – ik las dat je AI-teksten kunt herkennen aan het gebruik van streepjes en vergelijkingen als, aan de ene kant en aan de andere kant (dus daar moet ik mee oppassen). We zouden er niemand kwaad mee doen en de mensheid zou er ook niet door vergaan. Maar het zou wel gek zijn.

Het leuke van creatief bezig zijn is dat je dingen kunt verzinnen, die er nog niet waren. Die dingen dan maken is vaak best een gedoe en vergt veel oefening, maar als het uiteindelijk een beetje lukt schept het ook veel tevredenheid. Als ik een aardige tekening heb gemaakt kan ik daar best trots op zijn. Als andere mensen het dan ook leuk vinden, voel ik me nog beter.

Ik kan me niet voorstellen dat ik me, na het geven van een opdracht aan de computer, net zo blij, trots en tevreden zou voelen. Maar goed. Aan de andere kant (nee, dit is geen AI-tekst) zijn er genoeg mensen die hun hele sociale media account vullen, met plaatjes en tekstjes, die door anderen gemaakt zijn. Een 'repost' wordt zoiets genoemd. Bij Bluesky kun je het zo instellen dat er in je tijdlijn geen reposts getoond worden. Lekker rustig.

Dat is allemaal niet zo erg. Tenzij het je broodwinning in gevaar brengt. Als je een professionele fotograaf bent en jouw foto's worden door iedereen gekopieerd, dan is dat vervelend. Als je een professionele muzikant bent, maar geen leuke deuntjes meer kan verkopen omdat iedereen ze door de computer kan laten maken, dan heb je een probleem.

Of als je van mooie verhalen schrijven je beroep wil maken, maar niemand het verschil ziet tussen jouw werk en een AI-tekst. De filmindustrie staat al aardig op z'n kop door alle computermogelijkheden. Het publiek schijnt er niet mee te zitten, maar ouderwetse vakmensen raken zo brodeloos.

Dat is geen nieuw verschijnsel. Allerlei handwerk is, in de loop der tijd, vervangen door mechanisering. Daar werd indertijd ook tegen geprotesteerd – het woord 'sabotage' komt van de klomp, of 'sabot', die arbeiders in de 19e eeuw, in machines gooiden die hun arbeid overbodig maakten. (Volgens Wikipedia klopt dat niet, maar het is wel een mooi verhaal en bedacht zonder hulp van AI, want dat hadden ze toen nog niet.)

Dus terwijl aan de ene kant mensen hun baan zullen verliezen betekent dat niet dat de mensheid op zal houden met verhalen verzinnen, tekenen, beeldhouwen, of muziek maken. Er zijn al jaren computers die beter kunnen schaken dan mensen, maar toch zijn er nog genoeg mensen die het zelf doen. De marathon kun je sneller afleggen op de fiets, of in de auto, maar toch zijn er duizenden die het, overal ter wereld, te voet blijven doen.

We zullen dus echt wel door blijven gaan met, ouderwets en handmatig, kunstzinnige en leuke dingen doen. Maar dat is, denk ik, ook niet waar de onheilsprofeten zich zorgen over maken. Wat als AI ons leven gaat bepalen en allerlei belangrijke dingen over gaat nemen ? Dat zou best griezelig kunnen zijn. Maar, zoals ik afgelopen week ergens las, de computer is een apparaat waar je altijd nog de stekker uit kan trekken.

  

 
De Strip is gemaakt door de Stripman zelf. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 en deel 2 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 - deel 13 en deel 14 van het vorige verhaal. 
 

 

zondag 13 september 2026

Ik droomde dat ik wilde slapen


Ik wilde gaan slapen
en droomde dat ik uit mijn slaap gehouden werd doordat er allemaal mensen door de slaapkamer liepen. Ik stond op en ging naar de woonkamer, waar een ander bed stond, maar waar ook vrienden en familie in- en uitliepen.

Onze dochter E. kwam de kamer in en zei dat ze naar de stad ging. Iedereen ging met haar mee, maar ik niet. Eindelijk alleen merkte ik dat ik geen slaap meer had. Naast het bed zag ik speelgoed liggen, een handvat met een pin erop en een touwtje eraan vast, waar een bal met een gat aan bungelde. Die moest je, met een handige zwaai, op de pin zien te prikken.

Ik pakte het op en zag dat er meer dan een touw aan het handvat vast zat. Aan een ervan was een rood ballonnetje vastgemaakt dat in de lucht zweefde. Het handvat bleek ook een bakje te hebben, waar ik het ballonnetje bijna in gemanoeuvreerd had, toen E. weer terugkwam met haar hele gevolg.

Ze waren in een kroeg geweest en E. was bijna beroofd. Ze had al haar spullen weer teruggekregen, maar was toch behoorlijk overstuur. Ze ging naast me op het bed zitten en ik wilde een arm om haar heen slaan, om haar te troosten. Ze zei dat ze pijn in haar rug had en dus hield ik mijn arm maar een beetje ongemakkelijk omhoog. Ik wilde haar geen pijn doen, maar ook mijn arm niet terugtrekken.

Ondertussen kwamen anderen haar moed inspreken en werd het weer een hele drukte rond mijn bed. Tussen de menigte ontwaarde ik een oude vriendin, die ik lang niet gezien had.

'Zou je niet vragen waar ik geweest ben ?', vroeg ze nogal onvriendelijk. Daar was ik niet echt benieuwd naar, maar andere aanwezigen wilden het wel graag weten. De vriendin sleepte een stellage de kamer in, opgebouwd uit kratten, met aan weerszijden een houten stoel. Over het geheel hing een doek waar foto's op geprikt waren.

Ik zag de vriendin, die ik eigenlijk liever wilde vergeten, op verschillende schilderachtige locaties en met allerlei mensen. Er waren ook foto's van boeken die ze geschreven had.

'Wat moet ik hier nou weer mee ?', vroeg ik me af. Ik wilde die hele handel niet in mijn huis hebben. Eigenlijk wilde ik gewoon rustig slapen. Maar ik werd wakker.


Ondertussen in de werkelijke wereld

Aan de rand van het park is een groot bord neergezet. Daarop worden werkzaamheden aan de beschoeiing van de vijvers aangekondigd. Ze gaan de oevers verstevigen met gevlochten wilgentakken, las ik in de krant, maar er worden ook natuurlijke overgangen aangelegd, zodat vogels en andere dieren gemakkelijker het water in en uit kunnen.

Het hoort allemaal bij het onderhoud van het park waar ik eerder al over schreef en tegen protesteerde. (Zie hier) Dat was twee jaar geleden, na het kappen van tientallen bomen is er geruime tijd niets gedaan. In september zouden ze opnieuw starten, maar onlangs is er een tweede bord naast gezet waarop staat dat ze pas in oktober gaan beginnen. Tijdens het werk is het park voor publiek gesloten.

Maar dat zijn niet de enige werkzaamheden. Een paar weken geleden kregen we een email waarin aangekondigd werd dat, half september, de buitenboel van ons appartement geschilderd zou gaan worden. Er zou een brief met meer informatie volgen.

Omdat die brief er vrijdag nog niet was informeerde ik eens bij een buurman. Die vertelde dat ze twee weken later gaan beginnen. Dan kan ik nog wat langer nadenken over de vraag of ik het balkon leeg moet halen en waar ik, in dat geval, al onze balkonplanten moet laten.

Dat worden nog drukke maanden, dus. Als ik dan 's nachts maar rustig kan slapen...

  

 
De Strip is gemaakt door de Stripman zelf. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 - deel 13 en deel 14 van het vorige verhaal. 
 

 

zondag 6 september 2026

Is zelfscannen wel efficiënt ?


Ik doe graag boodschappen.
Er zijn jaren geweest dat ik het niet kon, omdat ik niet zolang kan lopen en staan. Maar sinds ik de beschikking heb over een scootmobiel is winkels bezoeken een stuk makkelijker geworden. Vooral grotere supermarkten, bouwmarkten en tuincentra zijn prima te doen voor een scootmobieler.

Mijn voertuigje heeft een boodschappenmandje, aan het stuur en als ik wat meer nodig heb kan ik een extra tas kwijt voor mijn stoel, onder mijn benen. Bij de supermarkt haal ik altijd genoeg voorraad voor een paar dagen en dan heb ik die extra tas wel nodig. En terwijl ik mijn rondje door de winkel rij doe ik daar dus alvast wat dingen in.

Bij de kassa aangekomen zet ik alles, de inhoud van mijn tas en van het mandje, op de loopband. De kassamedewerkster scant de boel, ik reken af en laadt alles weer in. Tenminste, als er een kassamedewerkster beschikbaar is. De supermarkt waar ik heen ga, de enige echt dicht in de buurt, heeft nog maar één ouderwetse kassa. Verder alleen zelfscankassa's.

Supermarkten vinden dat efficiënt. Vroeger moest er voor elke kassa een winkelmedewerker zijn, nu kan één persoon, een hele reeks zelfscanplekken in de gaten houden en assisteren waar dat nodig is. Handig, maar niet als je met een scootmobiel boodschappen doet.

Bij de zelfscanner is geen plaats om al je boodschappen neer te zetten, voor je ze scant. Het wordt dus een gehannes, als je tegelijkertijd moet uitladen, scannen en inpakken. Vandaar dat ik liever, indien mogelijk, gebruik maak van de ouderwetse kassa. Maar soms kan dat niet.

Afgelopen maandag waren er niet genoeg winkelmedewerkers beschikbaar om, zowel de zelfscankassa's, als de ouderwetse te bedienen. De medewerkster bij de zelfscanners vroeg me dus of ik daar wilde afrekenen. Voor mij geen groot probleem, maar dan moest ze me wel even helpen. 

Het gaat het snelst en makkelijkst als zij de boodschappen scant en ik ze dan direct in mijn tassen stop. Gelukkig is het personeel van mijn vaste supermarkt heel vriendelijk en behulpzaam.

We waren net aan het scannen en inpakken toen een andere klant haar hulp vroeg. Ze ging de man even helpen en ik wachtte tot ze weer terug was. Daarna konden we verder. Tot ze bij mijn tros bananen kwam. Die moest gewogen worden. De ouderwetse kassa heeft een ingebouwde weegschaal, de zelfscanner niet.

Ze ging naar de weegschaal, maar daar was een probleem mee. Ze vroeg hulp van een collega. Ik wachtte het maar weer af. Het duurde gelukkig niet lang en jawel, kort daarop waren al mijn boodschappen gescand en ingepakt. Ik wilde afrekenen, maar helaas, dat ging niet. Het systeem gaf aan dat er een steekproef gedaan moest worden.

Zelfscanners zijn handig, maar als winkelier moet je erop vertrouwen dat de klanten ook echt alle boodschappen scannen. Om dat in de gaten te houden geeft het systeem, op willekeurige momenten, aan dat er een controle moet komen. Een medewerker moet dan alle boodschappen opnieuw scannen, om te zien of er geen artikelen overgeslagen zijn.

Logisch ! Maar bij mij had het meisje zelf alles gescand. Er was echter geen mogelijkheid om dat in te voeren. Voor ik kon betalen moest echt alles uitgepakt worden en opnieuw gescand. Ze vond het een beetje gênant, ik kon er wel om lachen. Maar ik kon het ook niet laten om op te merken, dat de gewone kassa toch sneller was geweest. Daar was ze het wel mee eens.

Het zal wel toeval zijn maar, hoewel ik de zelfscankassa's dus probeer te vermijden, tref ik het wel regelmatig dat ik, als ik eens de zelfscanner gebruik, mijn tas nog eens moet laten controleren. Ik heb daar geen probleem mee, hoor, hoewel het in dit geval knap onzinnig was. Ook niet erg efficiënt.

Het meisje verontschuldigde zich en bedankte me voor mijn geduld. Ach, zij kon er ook niets aan doen. En ik had meteen een leuk verhaal, om mijn vrouw te vertellen en hier op te schrijven.

  

 
De Strip is gemaakt door de Stripman zelf. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 - deel 13 en deel 14 van het vorige verhaal. 
  

 

zondag 30 augustus 2026

Kastelengekte speelt weer even op


Een oude interesse
heeft niet veel nodig om weer opnieuw op te leven. Een flink deel van mijn jeugd was ik behoorlijk kastelengek. De Nederlandse, middeleeuwse kastelen wist ik allemaal te staan, een flink deel had ik bezocht, of op zijn minst van de buitenkant bekeken.

Op vakantie, meestal met de fiets, had ik een voorkeur voor een route langs versterkingen en burchten, met als hoogtepunt een fietstocht, van 3 weken, door het midden van Engeland en het noorden van Wales. Het is dus niet zo gek dat ik verheugd opveerde toen we, afgelopen week, een aflevering van de misdaadserie Death Valley aanzetten en die begon met beelden van een heel mooie kasteelruïne.

Na wat zoeken bleek het om Raglan Castle te gaan, in de serie heette het anders, maar het internet was behulpzaam. Een joekel van een kasteel is het, met een indrukwekkend poortgebouw, een enorme, vrijstaande hoofdtoren en nog een heel stel andere, vervallen, torens en bouwdelen. Het staat in het zuiden van Wales, dus niet op mijn route van lang geleden.

Je kunt tegenwoordig alles, over heel veel burchten en kastelen, vinden op het internet. In mijn jonge jaren was dat wel anders. Voor mijn tocht naar Engeland en Wales kopieerde ik halve boekwerken, uit de bibliotheek van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek, waar ik toen werkte. En die kopieën gingen mee in de fietstas. Het internet stond, eind jaren '80, nog in de kinderschoenen en mobiele telefoons waren er nog nauwelijks.

Je kunt het je misschien niet voorstellen, maar ik ging, in mijn dooie eentje, drie weken fietsen en belde in die tijd niet één keer naar huis. Okee, ik had geen relatie, woonde alleen, maar het kwam ook niet in me op om naar mijn ouders te bellen, om te laten weten dat het goed met me ging. Ik stuurde wel kaartjes, maar vanuit Engeland deden die er tamelijk lang over om aan te komen.

Tegenwoordig wil toch iedereen voortdurend weten waar iedereen is. Toen dus niet. Ik was volledig afgesneden van familie, vrienden en kennissen. Maar ik had best veel leuke ontmoetingen onderweg. De Britten waren, 40 jaar geleden in ieder geval, een vriendelijk en behulpzaam volk. Ik kon nergens lang stil staan of er kwam wel iemand vragen of ze me ergens mee konden helpen.

Als je alleen en voor wat langere tijd onderweg bent, wordt het ook makkelijker om met wildvreemde mensen een praatje te maken. Op campings onderweg raakte ik aan de praat met een jong echtpaar, bij het washok, ik ging met twee Duitse jongens de kroeg in en dronk een fles wijn leeg met twee Engelse meisjes.

Die laatste twee ontmoette ik in het mooie kasteel van Conway. Ook dat is een ruïne. Het was al in de middeleeuwen bijna onmogelijk om kastelen in tiptop staat van onderhoud te houden en dat werd in latere tijden niet veel beter. Conway castle is een groot kasteel, waar geen dak of vloer meer intact is, maar je kunt er wel naar boven klimmen, via traptorentjes, om rond te wandelen op de weermuren.

Ik heb hoogtevrees, maar in dat soort gevallen wist ik dat aardig te overwinnen. Ik stond dus, bovenop die ruïne, van het uitzicht te genieten toen ik aangesproken werd door twee meisjes. Ze waren samen op vakantie en maakten, op schilderachtige plekken, foto's van elkaar. Maar aangezien de een, of de ander, telkens de camera vast moest houden hadden ze geen foto's waar ze samen opstonden.

Natuurlijk maakte ik die foto en bleef nog wat babbelen. Ze heetten Denise en Kay, lees ik in het reisdagboekje dat ik indertijd maakte, ze waren 19 jaar oud en kwamen uit een plaatsje vlak bij Manchester. Het bleek dat ze op dezelfde camping stonden als ik en later kwamen we elkaar daar weer tegen.

Ze vroegen of ik mee wilde naar de plaatselijk discotheek. Het waren leuke meiden, maar ik moest de volgende dag verder, ik zat al in de laatste dagen van mijn vakantie. Een late avond, met wie weet wat voor onvoorziene gevolgen, leek me niet verstandig.

Dus dronken we een flesje goedkope bubbelwijn leeg en gaf ik ze de eieren die ik eerder gekocht had, maar niet kon koken of bakken, omdat ik geen brandstof voor mijn kooktoestelletje meer had. Ze zeiden dat ik de eerste aardige persoon was die ze op hun vakantie tegen waren gekomen en achteraf heb ik me meermaals afgevraagd waarom ik toch zo verdomd verstandig was.

Het zal zo zijn geweest dat ik op dat moment meer geïnteresseerd was in kastelen dan in meisjes. Helemaal normaal klinkt dat niet...

Hoe dan ook. Na het zien van Raglan Castle, in die TV-serie, vroeg ik me af of er ook e-boeken zouden zijn over kastelen. Die zijn er best veel. Uiteindelijk belandde ik bij 'Castles of Ireland: Some Fortress Histories and Legends', uit 1904, geschreven door Constance Louisa Adams. Gratis te downloaden bij Project Gutenberg en ook online te lezen bij Archive.org.

Ik ben nooit in Ierland geweest, maar wat zou leuker zijn ? Lezen over kastelen die ik nooit gezien heb en waarschijnlijk ook nooit meer zal bezoeken ? Of lezen over plekken die ik wel ken ? We zullen het zien. 

  

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 en deel 13 van dit verhaal. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van het vorige verhaal. 
 

 

zondag 23 augustus 2026

Terug naar school ?


Ik droomde
dat ik weer terug was op school. Niet als leerling, maar als leerkracht. Ik denk dat ik teken-onderwijs had moeten geven, want ik was druk in de weer met potloden en andere tekenspullen. Maar ik had me verslapen, iets dat me als leerling ook wel eens gebeurde. Mijn tactiek was toen, het eerste uur overslaan en bij het tweede uur, onopvallend, proberen aan te sluiten.

Dat werkte meestal prima, dus leek het me nu ook een goed plan. Voor het eerste uur was ik te laat, maar voor het tweede nog te vroeg. Dus ik glipte een klaslokaal binnen en ging daar in een hoekje zitten. Niemand vond dat vreemd. Ik probeerde wel de tijd in de gaten te houden, op mijn kleine mobieltje. Dat gaf echter een tijd in de late middag aan, terwijl ik wist dat het rond 9 uur in de ochtend moest zijn. Het lukte me niet om het op de goede tijd te zetten.

Op een zeker moment vroeg iemand of ik niet naar mijn klas moest. Ik was blij dat hij me waarschuwde. Ik verliet het klaslokaal en dwaalde door de gangen van het, enorme en onoverzichtelijke, schoolgebouw. Er liep verder geen mens. Ik kwam langs een grote gehoorzaal met rijen lege stoelen. Daar moest ik niet zijn, maar ik had nu wel een idee waar mijn klaslokaal zich bevond. Het leek me makkelijker om er te komen als ik buitenom ging.

Ik liep dus het gebouw uit. Buiten was het mooi, zonnig weer. Het landschap was tamelijk kaal, de vegetatie bruin en verdord. Na een eindje gewandeld te hebben zag ik de school nergens meer. Ik ben te ver doorgelopen, dacht ik. Ik sloeg een zijstraat in, hopend het gebouw snel weer te zien. In de verte zag ik een groepje arbeiders aan de weg werken. Misschien weten zij welke kant ik op moet, dacht ik nog, maar ik kreeg de kans niet om het te vragen. Ik werd wakker.


Andere droom, andere school

Ik stapte op mijn fiets om naar mijn werk te rijden. Er sprong een jongeman bij me achterop die zei: 'Jij kunt me vast wel even naar school brengen.'

We fietsten een eindje voor ik hem vroeg: 'Op welke school moet je eigenlijk zijn ?'

Dat wist hij niet precies. Hij vertelde dat hij een neef van me was, uit Canada, en sinds kort bij mijn ouders logeerde. Hij nam deel aan een uitwisselingsprogramma en was nog maar 1 dag naar die school geweest. (We hebben echt familie in Canada, maar ik denk niet dat er iemand in de leeftijd van mijn passagier bij is.)

Misschien moet hij op de technische school zijn, dacht ik, die is vlak bij het huis van mijn ouders. (Dat was 30 jaar geleden nog zo, de school is al jaren gesloten.) Dus keerde ik de fiets en reed hem ernaartoe.

'Is dit de goede school ?', vroeg ik, toen we voor het gebouw stopten. Hij wist het niet zeker, dus liep ik even met hem mee naar binnen. In de hal troffen we een paar leerkrachten, die mijn Canadese neef herkenden. We bleven even staan praten.

Mijn neef verontschuldigde zich, hij moest naar het toilet. Ik keek hem na en zag hem de dames-wc inlopen. Hij kwam bijna direct weer naar buiten, met een rood hoofd en haastte zich de naastgelegen mannenafdeling in. Na hem kwam een meisje de damestoiletten uit. Ze keek hem met een bedenkelijk blik na.

'Dat leren we hem nog wel af', grapte een van de leerkrachten. Daarna werd ik wakker.

  

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van dit verhaal. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van het vorige verhaal.