Ik las laatst een verhaal over een meneer die voor een vrijwilligersorganisatie werkte. Terwijl hij voor die club boodschappen deed, bij een grote supermarkt, vergat hij een artikel af te rekenen. Hij werd gesnapt en kreeg een winkelverbod van een maand. Dat was in zijn geval extra vervelend, vanwege zijn vrijwilligerswerk dus. En het was echt een eerlijke vergissing geweest.
Daar moest ik aan denken toen me afgelopen week bijna hetzelfde overkwam. Ik deed mijn boodschappen, met de scootmobiel, in de plaatselijke super. Ik rekende af, bij de enige kassa waar nog een kassamevrouw zit, en reed tevreden weer naar huis.
Toen ik de scootmobiel in de berging geparkeerd had en de tas uit het mandje haalde zag ik dat er, onder de tas, een tube van een verzorgingsproduct lag. Die had ik niet gezien, toen ik mijn boodschappen op de lopende band legde. De winkelmedewerkster kon, vanuit haar plek achter de kassa, ook niet in mijn mandje kijken. Ik had dus, helemaal per ongeluk en ongestoord, een winkeldiefstal gepleegd.
Het was me al eens eerder gebeurd, met een pakje broodbeleg, van een paar euro. Dat had ik toen maar zo gelaten. Maar deze tube was best duur. Ik sjouwde mijn boodschappentassen de trap op en overlegde met mijn vrouw. Die tube werkte op mijn geweten, het als een onverwacht voordeeltje zien, dat wilde ik niet.
'Misschien staat er wel een camera bij de kassa', zei mijn vrouw. 'Straks word je erop aangesproken als je de volgende keer in de winkel komt.' Ik verwachtte niet direct dat het zover zou komen, maar toch, die tube zat me niet lekker.
'Je kunt het de volgende keer tegen een winkelmedewerker zeggen en alsnog betalen', zei mijn vrouw. Ja, dat kon. Maar ik besloot om de tube in mijn boodschappentas te doen en bij de volgende ronde, gewoon bij de nieuwe boodschappen op de band te leggen. Het hele verhaal uitleggen en duidelijk maken hoe eerlijk ik wel niet was, dat ging me te ver.
Zo gezegd, zo gedaan. Het hele voorval leverde dus, uiteindelijk, geen sensationeel verhaal op. Als ik er hier niet over begonnen was, zou niemand er iets van gemerkt hebben.
Voor de sensatie moesten we de afgelopen week naar Loosdrecht. Daar heeft een groepje opgehitste barbaren brand gesticht, bij een gebouw waar asielzoekers opgevangen worden. Medelijden met die arme vluchtelingen is op zijn plaats. Je zal maar vluchten voor oorlog en ellende en dan tussen terroristische Nederlanders terecht komen.
Maar niet al onze landgenoten zijn even kwaadaardig. Lang niet allemaal zelfs. Terwijl hier en daar een paar honderd relschoppers voor onrust zorgen en alle aandacht van de media krijgen, zijn er ook heel wat aardige mensen in ons land, die op een beschaafde manier van zich laten horen.
'Postzakken vol lieve kaartjes bezorgd bij noodopvang in Loosdrecht', bericht het dagblad Trouw. In reactie op alle onrust en negativiteit omtrent asielzoekers zijn er, door het hele land, welwillende lieden in actie gekomen.
'Mensen versturen massaal lieve kaartjes naar de vluchtelingen en medewerkers die dinsdag in Loosdrecht werden geconfronteerd met rellen. Bij de noodopvang staan al vijf postzakken vol,' schrijft Trouw.
En niet alleen aan de vluchtelingen wordt gedacht, ook brandweer, politie en opvangmedewerkers krijgen bemoedigende en opbeurende kaartjes. Er worden zelfs bloemen, stroopwafels en taarten gestuurd. Het is opmerkelijk dat die acties gestart zijn op Facebook en Linked-In, sociale media die door velen gezien worden als bron van alle kwaad. Maar die hebben ook hun nuttige en sympathieke kant.
Een lezeres van Trouw schrijft:
'Ik heb behoefte aan een ander geluid, dat van Nederlanders die meeleven met mensen die een veilige plek zoeken na jaren van onderdrukking en geweld. Wat je er ook van vindt: het zijn wél mensen, net als jij en ik. Daarom heb ik een lief kaartje gestuurd naar de bewoners van het AZC in Loosdrecht en roep ik andere lezers op hetzelfde te doen.'
Het adres is:
AZC Loosdrecht
Rading 1
1231KB Loosdrecht
Het bericht staat ook op de site van de NOS, in een artikel over verschillende positieve acties.






