Posts tonen met het label stripantiquariaat lambiek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label stripantiquariaat lambiek. Alle posts tonen

zondag 25 maart 2012

Hoera ! Onze eerste Australiër !



Wie leest er eigenlijk nog strips tegenwoordig ? De Geheimzinnige Hulpman vertelde me dat hij onlangs Strip-antiquariaat Lambiek bezocht en een gesprekje aanknoopte met de nieuwe eigenaar. In eerste instantie ging het over de hoeveelheid stripboeken die er op de markt komt.

Die blijkt best groot te zijn, genoeg om een stripwinkel bomvol te leggen. Maar het zijn allemaal kleine oplagen. Uitgevers moeten het niet meer hebben van populaire, langlopende reeksen, maar proberen snel te scoren, met telkens weer iets nieuws.

Op de vraag van de Hulpman wie er nou die stripboeken komen kopen, was het antwoord dat het toch voornamelijk mannen van middelbare leeftijd zijn. Zij zijn, net als wij Stripmannen, opgegroeid in de jaren '60, '70 en '80, toen het beeldverhaal hoogtijdagen vierde.

Toen had je nog 4 of 5 elkaar beconcurrerende strip-weekbladen, Pep, Sjors, Kuifje, Tina, Donald Duck... Nu is er bijna niets meer. Ja, nog niet zolang geleden is de Eppo opnieuw opgericht. Maar dat is ook alleen maar om het jeugdsentiment van de veertigers en vijftigers te bevredigen.

In de krant stonden vroeger 3, 4, 5 dagstrips. Tegenwoordig nog ééntje. Had ik vroeger hele stapels stripboeken op mijn kamertje liggen, mijn kleinzoon heeft er misschien 3. En die heeft hij dan nog van mij en de Hulpman cadeau gekregen.

Je vraagt je af waar we de moed vandaan halen om juist nu een Engels stripblog te beginnen. Zelf vinden we het erg leuk, natuurlijk. Maar het is best lastig, die vertalingen maken. En echt storm loopt het er ook nog niet.

Gelukkig hebben we een paar vrienden die spontaan aangeboden hebben om te helpen met het corrigeren van onze Engelse teksten. Een ervan is afgestudeerd in die taal, een ander heeft van vertalen zijn hobby gemaakt. Dat scheelt al een stuk.

En het is ook erg leuk om te doen, hoor. Je oude grappen krijgen ineens een nieuw leven en internationale allure. Daarbij worden we ook wel opgemerkt door stripliefhebbers uit het buitenland. Een aantal blijkt dan weer zelf strips te tekenen, zoals bijvoorbeeld The Owl & Pussycat Webcomic en Planet Throgmorton. Zo lezen striptekenaars in ieder geval elkaars strips.

Het internet is natuurlijk ook zo immens dat het wel even duurt voor een website opgemerkt wordt. We zijn als het ware waterdruppels aan het spetteren in een enorme oceaan. Desalniettemin hebben we al lezers uit de VS, Groot-Brittannië, Canada, Brazilië, Griekenland, Spanje, Italië en België mogen ontvangen. En keken mijn huisgenoten verbaasd op toen ik, afgelopen week, ineens zat te juichen op de bank: 'Jaaa ! Onze eerste Australiër !!'

Logisch dat die wat op zich liet wachten, hij moest immers helemaal van de andere kant van de wereld komen. Maar dat Australiërs van strips hielden wist ik wel. Cadel Evans, de eerste wereldkampioen wielrennen van down under, is een groot liefhebber van Kuifje ! Heeft iemand die speelfilm al gezien, trouwens ?

Hoe dan ook, we geven de moed niet op. En erg veel concurrentie lijkt er niet te zijn op internet. Als ik bijvoorbeeld op Facebook zoek met 'comics' krijg ik welgeteld 4 resultaten. Waaronder onszelf.

Er valt dus nog een wereld te winnen. En ondertussen zijn we uiteraard blij met elke bezoeker, ook die uit eigen land. Maar we zouden nog blijer zijn als onze Nederlandse kennissen al hun Engelstalige vrienden en familieleden op ons nieuwe blog af zouden sturen. Het heet The Amazing Comics Men en dit is het adres: http://stripman.wordpress.com

Zie ook de Nederlandse Stripgeschiedenis op Lambiek.net 

The Amazing Comics Men op Facebook 

En mijn eerdere blog over Kees Kousemaker, de oprichter van Lambiek.



De Strip: Deze episode van het Stripmannen-vervolgverhaal is weer gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. 


Ga naar het Strip-overzicht van dit jaar voor de vorige hoofdstukken van het Stripmannen-vervolgverhaal. 

Klik op de strip voor een grotere weergave. 

Bezoek onze nieuwe internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

Ga voor eerdere hoofdstukken naar het Strip Jaaroverzicht van 2011 


donderdag 8 september 2011

Herinnering aan Kees Kousemaker (1942-2010)



'Kees Kousemaker leerde Nederland dat strips niet minderwaardig zijn. Sterker, dankzij hem kregen vele tekenaars eindelijk waardering.' Zo stond het, op 29 april 2010, in de Volkskrant, in een artikel over het overlijden van de oprichter van 'het beroemde Amsterdamse stripantiquariaat Lambiek'.

Het zou gek zijn als ik, al ben ik maar een onbekende amateur op stripgebied, geen herinneringen zou hebben aan Kees Kousemaker. Zeggen dat ik hem persoonlijk gekend heb, zou te ver gaan, maar er is een korte periode geweest dat ik vaak in zijn winkel te vinden was. Dat is wel al ruim 30 jaar geleden, hoor...

Ik was 17 jaar en had me op de middelbare school zo onmogelijk gemaakt, dat mijn ouders erin toestemden om me naar de Vrije Tekenacademie te laten gaan, in Amsterdam. Daar ontmoette ik Jan, die niet alleen zijn voornaam met mij gemeen had, maar ook een grote voorliefde voor het stripverhaal.

Jan sleepte me mee naar Lambiek, de sfeervolle zaak van Kousemaker, gevestigd in een souterrain aan de kerkstraat. Jan was vooral een fan van de Donald Duckverhalen van Carl Barks. Als kind had hij die al gelezen, maar zijn ouders hadden de tijdschriften niet bewaard. Nu was hij ze opnieuw aan het verzamelen.

Ik had een wat ruimere belangstelling en vergaapte me bij Lambiek aan de fraai uitgegeven boeken van Amerikaanse tekenaars als Walt Kelly en Will Eisner. Maar ook aan de antieke Kuifjes die er te koop lagen en de originele tekeningen die er hingen.

Veel geld om iets te kopen hadden we niet. Van de 10 keer dat we er kwamen kochten we misschien 2 keer, na lang wikken en wegen, een stripboek. Toch moet Kousemaker onze oprechte belangstelling voor het beeldverhaal opgemerkt hebben.

Na verloop van tijd begroette hij ons vrolijk. En vaak kwam hij dan achter de kassa vandaan om ons op een bepaalde prachtuitgave te wijzen. De in luxe band verzamelde strips over Little Nemo, bijvoorbeeld. 'Hier', zei hij dan op samenzwerende toon, 'moet je dit eens zien.' En drukte ons zo'n kostbaar boek in de handen.

We bladerden er dan likkebaarden doorheen, maar moesten het hem uiteindelijk weer teruggeven. 'Het is ontzettend mooi, meneer Kousemaker, maar hier hebben we echt het geld niet voor.'
Met gespeelde teleurstelling nam hij het boek dan weer van ons over: 'Dat gezeur over geld ook altijd.'

In de twee jaar dat ik in Amsterdam op school zat heb ik uiteindelijk toch de grondslag voor een leuke stripverzameling gelegd. En ook later hoorde stripwinkel Lambiek tot de vaste haltes bij een bezoek aan de hoofdstad.

Het is jammer dat Kees Kousemaker er nu niet meer is...

Dit verhaal is eerder geplaatst op het Volkskrantblog. Er zijn indertijd verschillende berichten verschenen naar aanleiding van het overlijden van Kees Kousemaker:

Bijvoorbeeld op de website van Lambiek 

RTV Noord-Holland (met fraaie cartoon van René Windig) 


NRC