Posts tonen met het label herinnering. Alle posts tonen
Posts tonen met het label herinnering. Alle posts tonen

zondag 19 januari 2025

Blue skies smiling at me


'Blauwe luchten
lachen me toe...'. Het is een bekend liedje, voor wie van wat oudere jazzmuziek houdt. Bluesky is ook de naam van een nieuw sociaal medium, een soort van Twitter, zonder alle negatieve haatberichten en valse informatie.

Maar, omdat ik van oude jazzmuziek hou, doet het mij vooral denken aan de tijd dat ik in een jazzbandje zong en aan Geert-Jan, onze saxofonist en mijn oude makker van toen. Geert-Jan is eind vorig jaar overleden. We zagen elkaar niet veel meer, in de afgelopen 25 jaar, maar hij is met zijn vrouw nog bij ons op bezoek geweest, een half jaar geleden.

Je zou kunnen zeggen dat hij een afscheidstournee deed, want hij wist toen al dat hij terminaal ziek was. We hebben heel gezellig bijgepraat en daarna nog 2 of 3 e-mails gewisseld. Daarna kreeg ik zelf gezondheidsproblemen en moest ik het ziekenhuis in. Toen zijn vrouw ons belde, vlak na de jaarwisseling, vreesde ik al wat de boodschap zou zijn.

Geert en ik kenden elkaar van onze culturele dorpsvereniging. Hij en zijn vrouw hebben daar in het bestuur gezeten, maar hun actieve periode was al voorbij toen de mijne daar begon. Hij trad er een paar keer op met het jazzbandje en ik moet op een zeker moment de stoute schoenen aangetrokken hebben en op ze af zijn gestapt, met de mededeling dat ik wel wilde zingen. Ik herinner me daar niets van, dus zal er wel drank in het spel zijn geweest.

Hoe dan ook, ik heb een paar jaar met ze in het 'schnabbel circuit' gezeten. Bruiloften en partijen, van Alkmaar tot Wijk bij Duurstede. Dat was soms leuk, soms vreselijk, maar vooral een heel aardige bijverdienste. De optredens bij onze eigen vereniging, die we voor een paar consumptiebonnen deden, waren nog het leukst.

Geert was een prima saxofonist, die lekker uit kon pakken in mooie ballades en flink kon swingen in de snellere liedjes. In de pauzes was hij rustig en kon hij, met een glimlach, de wereld om zich heen observeren. Ik heb hem nooit boos of geïrriteerd gezien.

We zijn een paar keer bij hem thuis geweest. Aanvankelijk was dat een groot, vrijstaand huis in Baarn. Het is opvallend dat een aantal van de vroege leden, van onze dorpsvereniging, later in heel grote huizen bleek te wonen. Jeugdig idealisme kan dus nog best een mooie loopbaan opleveren. Je hoeft niet allemaal in een huurflatje te eindigen. Hoewel dat ook voorkomt, kan ik uit eigen ervaring melden.

We maakten kennis met zijn kinderen, een dochter en een zoon. Toen die de deur uit waren verhuisden Geert en zijn vrouw naar een behoorlijk luxe appartement, vlak bij het station in Baarn. Daar zijn we ook een keer op bezoek geweest. We waren ook op zijn afscheidsreceptie, toen hij met pensioen ging. Hij bleek gewerkt te hebben bij de gemeente Amsterdam, dat had ik nooit geweten.

Dat hij naast saxofoonspelen ook schilderde wist ik aanvankelijk ook niet. Volgens zijn dochter schilderde hij alleen maar foto's na, maar de resultaten waren best leuk. In zijn laatste jaren restaureerde hij ook schilderijen. Hij gaf ons tips hoe we de kunstwerkjes, bij ons thuis, schoon konden maken. Oude olieverfschilderijtjes knappen ervan op als je ze voorzichtig afneemt met een sopje, naar het schijnt. Ik heb het nog niet durven proberen.

Het is jammer dat we, door mijn eigen gezondheidsproblemen, geen contact meer hadden, in de laatste maanden. Maar we hebben in ieder geval goede herinneringen.


En nu zou ik nog iets kunnen schrijven over Bluesky. Ik geloof niet dat Geert zich bezighield met de sociale media, maar misschien is er toch een overeenkomst. Ik kende hem misschien niet goed genoeg, maar hij leek tamelijk onaangedaan door het leven te gaan. Iemand die de problemen niet opzocht en het leven relativeren kon.

Mijn ervaring met Facebook, Twitter en Instagram, zijn over het algemeen positief. Natuurlijk is er veel negativiteit, maar als je die niet opzoekt krijg je er ook niet veel van te zien. Als je, zoals ik, vooral foto's plaatst van zonsopkomsten en vogels, dan krijg je voornamelijk reacties en berichten over zonsopkomsten en vogels. Niet over extreem rechtse politiek en haat tegen buitenlanders.

Ik heb mijn Twitter-account opgezegd toen Elon Musk de boel overnam. Nu ben ik overgestapt van Instagram naar Bluesky. Niet vanwege slechte ervaringen, maar meer uit principe. Mijn Facebook-account hou ik nog wel aan. Waarom zouden we de sociale media helemaal over moeten laten aan de herrieschoppers ? Ondertussen heb ik dus ook een nieuw account aangemaakt op Bluesky, dat vriendelijker en positiever belooft te zijn.

Mocht je mij willen vinden op het 'nieuwe' Bluesky dan moet je een account aanmaken (het is gratis) en zoeken naar jandestripman.bsky.social. Het ziet er daar best gezellig uit en zelf zeggen ze dat het een sociaal medium is dat echt sociaal is. Zoals het zou moeten zijn. Dat lijkt me best prettig.

Ps: Bluesky bestaat sinds 2021 en wordt omschreven als een microblog, vergelijkbaar met X (voorheen Twitter). Aanvankelijk kon je alleen op uitnodiging een account openen, maar in 2024 is dat losgelaten. Sindsdien is het aantal gebruikers gestegen tot ruim 15 miljoen. Er is geen reclame op Bluesky. Gebruikers kunnen zelf ingrijpen in het algoritme dat berichten aanlevert.

Ik ben nu ruim een week aan het rondkijken op Bluesky en heb inmiddels 27 volgers. Ter vergelijking: op Facebook, waar ik 14 jaar actief ben en dat 2,2 miljard gebruikers heeft, heb ik 247 vrienden.

Ps 2: Het liedje Blue Skies is geschreven door Irving Berlin voor de muzikale komedie 'Betsy', uit 1926. De eerste opname werd gemaakt door het Imperial Dance Orchestra  , in 1926. De website Secondhandsongs.com heeft een lijst van 629 verschillende uitvoeringen. Van Josephine Baker , via Frank Sinatra en Tommy Dorsey , tot bijna 100 jaar na de eerste opname, Norah Jones en Seth MacFarlane

 

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van het vorige (gezamenlijke) verhaal.
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 
 

zondag 17 november 2024

Een biljart en een oude vriend


Er was snooker op de TV,
vlak voor ik in slaap viel. De Chinees Ding won voor het eerst in jaren weer een toernooi. Het is dus niet vreemd dat er een biljart voorkwam in mijn droom en eigenlijk ook niet dat onze overleden vriend John er een hoofdrol in speelde.

John was eigenlijk een schoolvriend van mijn oudere zus. Een paar jaar ouder dan ik, dus. Hij kwam met haar mee naar ons huis, hij woonde toen in een flat vlak naast de onze. Gaandeweg ontwikkelde hij zich tot een geliefde familievriend, aanwezig op alle verjaardagen en feesten. John was altijd goed gehumeurd, in voor een geintje en een enthousiaste deelnemer aan al onze plannen.

Hij nam me mee uit vissen en we hebben, samen met mijn broer en wat andere mensen een tijdje een biljartclub gehad. Mijn broer en ik zijn ook met hem op vakantie geweest, in de Ardennen. Wij op de fiets, hij met de auto, met al onze spullen erin. Dat was verdomd handig. John reed vooruit naar de volgende camping, deed boodschappen, zette de tentjes op en had het eten al klaar als wij aan kwamen rijden. Maar het was ook omdat John toen al gezondheidsproblemen had en geen grote afstanden meer kon fietsen.

Ik droomde dat ik met John mee ging naar zijn ouderlijk huis. Geen flat maar een vrijstaande woning, bovenop een heuvel. Achter de voordeur was een ruimte met een biljart. We hadden best een potje willen spelen, maar er waren andere jongens bezig. Achter de biljartkamer zag ik een andere ruimte, waar de moeder van John zat, met nog meer visite.

Zij overleed al ergens aan het eind van de vorige eeuw. Ik herinner me haar als een lieve vrouw, met krulletjes in haar donkerblonde haar, een bril en veel gevoel voor humor. De vader van John was een nogal stijve man, militair op de luchtbasis in Soesterberg en in onze ogen een vreselijk rechtse bal. John vond het leuk om hem met linkse uitspraken op de kast te jagen (John zei toen trouwens zelf dat hij later VVD wou gaan stemmen). Zijn zonnige humeur had hij van zijn moeder. Tragisch genoeg zou de vader hen beiden overleven.

In mijn droom maakte ik me nuttig door de kozijnen, van het huis van John en zijn ouders, te verven. Later was ik op weg naar huis, vanuit Amersfoort. Mijn vervoermiddel hield het midden tussen een ligfiets en een scootmobiel. Ik kwam weer voorbij de heuvel, waar het huis van John stond. Ik was wat moe, het was mooi weer, dus ik besloot om even in de berm uit te rusten.

Daar kwam John naar buiten. Dat was toevallig ! Hij moest naar het station, want hij ging naar een feest in een andere plaats. Ik reed een endje met hem mee. John had een fles whisky gekocht, als cadeau voor de jarige, of wie het feest ook gaf. In zijn tas had hij nog ander nuttige dingen. Een fles water, een aantal sandwiches en een paar doosjes medicijnen.

Ik vertelde dat ik ook medicijnen gebruikte, 1 keer per week. We kwamen Johan tegen, mijn mederedacteur van de Top 200.000. Ik veronderstelde dat Johan ook medicijnen nam, maar die ontkende dat. Ondertussen reden/liepen we de ene na de andere straat in en uit, sloegen links en rechts af. Ik had geen idee meer waar we waren, maar we bereikten uiteindelijk toch het station

Daar verdween John plotseling. Ik zag een klein luikje tussen de straatstenen en zei tegen Johan, dat John daar misschien in gevallen kon zijn. Direct daarna stond ik met John, op het perron, te wachten op de trein. Zo werd ik wakker. 

 

 
De Strip is gemaakt door de Stripmannen samen. Klik hier voor deel 1 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 - deel 13 - deel 14 - deel 15 - deel 16 - deel 17 - deel 18 - deel 19 en deel 20 van het vorige verhaal.
 
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 
 

zondag 14 juli 2024

Het Betty Asfalt Complex is verleden tijd


Het Betty Asfalt Complex
gaat over in andere handen en verandert van naam. Het kan zijn dat een deel van jullie nu denkt: Nou en ? Of: Betty wie ? Maar ik heb, als jong Stripmannetje, een paar keer opgetreden in het Betty Asfalt Complex, dat opgericht is en tot voor kort gerund werd door Paul Haenen en zijn partner Dammie van Geest.

Laten we teruggaan naar het begin van de jaren '90. Mijn vrouw en ik waren net een tijdje samen, ik werkte in Amersfoort, bij een marktonderzoek-bureau en deed daarnaast vrijwilligers werk, voor onze culturele dorpsvereniging. Mijn verhaaltjes en stripjes verschenen toen in het programmablad van die vereniging, het internet stond nog in de kinderschoenen.

Ondertussen was Paul Haenen een bekende TV-verschijning geworden die, voor de VPRO, een reeks programma's maakte. Bijvoorbeeld: 'Paul Haenen begint'; 'Haenen voor de nacht' en 'Dolman's vrolijke vrijdag'. Voor een deel werden die uitgezonden vanuit het voormalige Theater Tingel Tangel, aan de Nieuwezijds Voorburgwal, in Amsterdam.

Haenen en Van Geest hadden het pand, ooit een klooster, daarna school en burgemeesterswoning, in 1989 overgenomen. Ze gebruikten het, behalve als locatie voor TV-uitzendingen, ook voor kleinkunstvoorstellingen, hun eigen producties, maar ook die van andere cabaretiers en kunstenaars. Ze gaven het een nieuwe naam: Betty Asfalt Complex.

Een vriend uit de vereniging wees me erop dat Haenen ook een tijdschrift uitbracht, Mens en Gevoelens, waarvoor iedereen die dat wilde verhalen en tekeningen in kon zenden. Ik stuurde wat strips in, die in de smaak vielen en later ook wat verhalen. Het leverde geen geld op, maar het blad had wel een landelijke verspreiding. Dus een paar jaar lang kon ik genieten, van het idee, dat mijn werk in elke goede boekhandel lag.

Om de inzenders te belonen en met elkaar in contact te brengen, organiseerde de redactie van Mens en Gevoelens – Haenen en Van Geest dus – een aantal ontmoetingsavonden, in het Betty Asfalt Complex. Ik kreeg een uitnodiging en informeerde of ze het leuk zouden vinden als ik mijn gitaar meenam en wat eigen liedjes zou zingen.

Dat mocht, dus maakte ik mijn Amsterdamse muzikantendebuut, op de planken van het Betty Asfalt. Dat had verder geen gevolgen, behalve dat ik Haenen zelf de hand kon schudden en een kort gesprekje had met Dammie. Hij vond dat mijn strips aansloten bij de 'klare lijn', een stroming ooit begonnen door Hergé, de tekenaar van Kuifje. Mijn liedjes leken volgens hem wel wat op die van Cornelis Vreeswijk. Dat waren niet mijn grote voorbeelden, maar de vergelijking had veel erger uit kunnen vallen.

Een paar jaar later zou ik er nog eens optreden, als zanger van een jazzbandje. Die avond was niet door Paul en Dammie georganiseerd, maar door een groep Joodse homoseksuelen, die zich Sjalhomo noemde. Eén ervan was bevriend met mijn vrouw.

De bezoekers hadden er al een vermoeiende dag opzitten en reageerden nogal lauw op onze muzikale inspanningen. Mijn medemuzikanten, die gemiddeld een jaar of 20 ouder waren dan ik, voelden zich ook niet echt op hun gemak. Maar goed, we hebben ons er, van beide kanten, manmoedig doorheen geslagen en we kregen nog heel redelijk betaald ook.

Dat was niet het laatste bezoek dat, mijn vrouw en ik, aan het Betty Asfalt Complex brachten. We waren er ook nog eens, als publiek, bij de opname van één van Paul Haenens TV-shows. Je kon je daarvoor opgeven en voor zover ik me herinner was de toegang gratis. We hadden een leuke avond, waarbij we met verbazing de transformatie aanzagen van Paul als zichzelf, een beetje onhandige en verlegen man, tot zijn bekendste alter-ego, de praatgrage haaibaai Margreet Dolman.

Als muzikale gasten traden zangers Jan Rot en Jaques Herb op, die samen een single opgenomen hadden. Ik heb het verhaal al vaak verteld. Mijn vrouw en ik zaten, op TV nauwelijks zichtbaar, maar klaarblijkelijk goed te zien vanaf het toneel, in de zaal en Jaques Herb knipoogde herhaaldelijk naar haar. Wij vonden dat nogal grappig, maar het werd nog leuker.

Na afloop van de voorstelling hadden we trek gekregen en waren we, vanuit het theater, de straat overgestoken om een frietje te kopen. We stonden onze warme patatjes te eten toen we Jaques Herb het Betty Asfalt Complex uit zagen komen en in een klaarstaande limousine zagen stappen. Het kan ook best een taxi zijn geweest.

Hoe dan ook, de zanger had ons ook gezien. Dat bleek toen de auto een bocht maakte en aan onze kant van de straat langskwam. Herb draaide, tot onze grote verrassing, het raampje naar beneden en boog zich uit het raam om naar ons te wuiven en te knipogen. Volgens mijn vrouw riep hij ook iets. Het was alsof wij de grote attractie van de avond waren. Je maakt wat mee, als onbekende Nederlander !

Maar goed, dat is allemaal lang geleden. Het Betty Asfalt Complex is, in de tussenliggende jaren, tweemaal verbouwd, zodat het van een alternatief zaaltje, veranderd is in een echt complex met meerdere zalen. Ondertussen vierde Paul Haenen, dit jaar, zijn 78ste verjaardag. Voor Haenen en Van Geest een mooi moment om het stokje over te dragen.

Vanaf 1 juli heeft het complex een nieuwe exploitant, De Theatergroep, en een nieuwe naam, De Richel. Paul Haenen blijft er nog wel optreden maar het Betty Asfalt Complex is verleden tijd.

Voor alle informatie kun je terecht op Theater de Richel.nl. De oude website bestaat ook nog, voor wie nog eens terug wil kijken: Betty Asfalt.nl

En voor wie helemaal niet weet wie Paul Haenen is, zijn biografie staat op Wikipedia. Dat geldt ook voor Jaques Herb en Jan Rot en voor Hergé en Cornelis Vreeswijk. Wij zijn zelf (nog) niet op Wikipedia te vinden.


 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik hier voor deel 1 - deel 2 en deel 3 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van het vorige verhaal.
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 
 

zondag 6 november 2022

'Revolver' opnieuw uitgebracht


Onlangs verscheen
een digitaal opgepoetste en uitgebreide heruitgave van het Beatles-album 'Revolver'. Ik zat net op de lagere school toen het voor het eerst in de winkel lag, in 1966. Ik had nog niet de leeftijd en de financiële middelen om het album meteen te kopen. Ik hoorde wel een aantal nummers ervan op de radio, maar maakte pas echt kennis met 'Revolver' toen mijn oudere broer, een aantal jaren later, de LP's van de Beatles begon te kopen.

Het was niet direct mijn favoriete plaat, ik vond 'Sgt Pepper' en 'Abbey Road' leuker, maar nu ik er opnieuw naar luister – via YouTube waar de hele nieuwe versie te beluisteren is – blijkt dat ik het beter ken dan ik dacht en dat er erg mooie nummers op staan.

'Revolver' is het eerste album waarop The Beatles uitgebreid experimenteerden met de mogelijkheden van de opnamestudio. Vergeleken met nu was dat nog behoorlijk beperkt. Elke hobbyist kan tegenwoordig, met zijn laptop of PC, onbeperkt instrumenten en zangpartijen opnemen en mixen. Dat kon toen niet.

Er werd gewerkt met 4-sporen taperecorders, de mogelijkheid om achteraf het geluid te bewerken was minimaal. Toch horen we complexe, gelaagde muziek op 'Revolver', met vervormde stemmen en instrumenten. Sommige gedeelten zijn versneld, of vertraagd, of zelfs achterstevoren gemonteerd. Alles werd aangegrepen om bijzondere sferen en geluiden te verkrijgen.

De groep kon zo wild experimenteren omdat ze besloten hadden niet meer live op te treden. De gillende fans, het hele circus rondom hun tournees, ze hadden er geen trek meer in. Dat betekende dat ze zich niet langer hoefden te beperken tot muziek die ze zelf, live op het podium, zouden kunnen spelen. Alleen het eindproduct uit de studio telde. Met gevolg dat ze, bijvoorbeeld bij de opname van 'Eleanor Rigby', geen enkel instrument bespeelden. De hele begeleiding werd gedaan door een strijkorkestje.

Producer George Martin had daarbij een flinke inbreng. Zo schreef hij het arrangement van 'Eleanor Rigby' en speelde de pianosolo in 'Good Day Sunshine'. Maar ook andere studiomedewerkers hielpen met het toepassen van nieuwe technische mogelijkheden. De zoon van George Martin heeft trouwens meegewerkt aan de heruitgave van het album.

Aan die nieuwe heruitgave zijn archiefopnamen toegevoegd, waarop je hoort hoe de groep naar de definitieve versies van hun liedjes toewerkt. Je hoort bijvoorbeeld John Lennon 'Yellow Submarine' zingen, nog zonder het makkelijk meezingbare refrein. Van een klaaglijk liedje verandert het later in een vrolijk, door Ringo Starr, gezongen feestnummer, met geinige geluidseffecten.

Op 'Revolver' gebruikten The Beatles voor het eerst een blazerssectie, in 'Got To Get You In To My Life', en we horen het eerste liedje, 'Love You To', waarin George Harrison zijn fascinatie voor de muziek uit India laat blijken. We horen een gitaarsolo die achterstevoren wordt afgespeeld in 'I'm Only Sleeping', een liedje waar ter ere van de heruitgave een mooie nieuwe clip voor is gemaakt.

De wildste experimenten zijn te horen in 'Tomorrow Never Knows'. John Lennon haalde voor de tekst inspiratie uit het Tibetaanse Dodenboek en zingt door een versterker met een roterende speaker, die bedoeld was om te gebruiken met een Hammondorgel. In de begeleiding worden allerlei effecten toegepast, veranderingen in snelheid, knippen en plakken enzovoort. Het enige houvast dat de luisteraar heeft is de strakke drumbeat van Ringo Starr.

'Revolver' is een wonderlijke plaat. Misschien nog opmerkelijker als je bedenkt dat The Beatles, nog maar een paar jaar eerder, in de feestzaaltjes rond Liverpool, covers van hun Amerikaanse idolen stonden te spelen. Ze maakten reuzensprongen. 

 

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal.
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men
 

zondag 16 oktober 2022

Een fruitkweker in Rhenen


Naar aanleiding
van mijn droom van vorige week schreef een lezer dat het knap was dat ik me mijn dromen zo goed herinnerde. Een ander vroeg of ik ook wel eens een vervolg droomde, want het brak af net op het moment dat het spannend werd.

Dat herinneren van je dromen gaat het beste als je, bij het wakker worden, even blijft liggen en je direct afvraagt wat je gedroomd hebt. Ik heb, lang geleden, eens een notitieblok naast mijn bed gelegd en alles opgeschreven wat ik me van mijn dromen herinnerde. Het waren verbazend gedetailleerde verhalen. Maar er was ook geen touw aan vast te knopen en het was veel werk, zo 's ochtends vroeg. Dus ik ben er, na een paar dagen, weer mee opgehouden.

Als ik 's nachts wakker werd, uit een spannende droom, heb ik wel eens geprobeerd om weer te gaan slapen en verder te dromen. Maar dat is me nooit gelukt. Er zijn mensen die beweren dat ze hun dromen een bepaalde kant op kunnen sturen, of van te voren kunnen bepalen waar ze over gaan dromen, door sterk ergens aan te denken, voor het slapen gaan. Misschien ben ik niet fanatiek genoeg, voor mij is elke droom weer een verrassing.

Afgelopen nacht, bijvoorbeeld, droomde ik dat ik een fotoreportage in de krant zag, over een fruitkweker in Rhenen. Even later liep ik er zelf rond, op die kwekerij die een groen eiland vormde, te midden van de bebouwing. Ik was in gesprek met de eigenaar. Hij vertelde dat een deel van het fruit geoogst moest worden. Dat ging machinaal, want met de hand was het veel te veel werk. Hij had ook een bistro gerund, zei hij, in een van de gebouwen op het terrein. Maar daar was hij mee opgehouden, want het was hem veel te veel werk.

Het was een relaxte man, die zich niet druk maakte. Het enige gekke, in mijn droom, was dat ik hem zei dat hij de verjaardag van zijn ex-vrouw vergeten was. Niet direct een grote misdaad, maar wel vreemd want ik kende de fruitkweker helemaal niet, voor ik over hem begon te dromen.

Eigenlijk was het een droom van niets. Hooguit opmerkelijk omdat ik hem nog helder voor me zag, toen ik wakker werd. Het zou wel heel bijzonder zijn als ik eerdaags iets in de krant lees over een fruitkweker in Rhenen. Of dat ik in gesprek raak met een vrouw, die vertelt dat ze getrouwd is geweest met een fruitkweker en dat die telkens haar verjaardag vergat.

Als dat gebeurt zal ik het direct melden. 

 

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van dit verhaal.
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal.
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men
 

zondag 7 februari 2021

Zandzakken voor de deur, de winter komt eraan


Okee, er ligt een laagje sneeuw
en de oostenwind raast rond het huis. Maar de vijver in het park is nog niet dichtgevroren.

Volgens de weervoorspellers krijgen we de hele komende week sneeuw en ijs. Code rood is al afgekondigd vanaf zaterdagnacht, want het wordt glad op straat. Bij de nuchtere Hollanders breekt er dan direct paniek uit, of op zijn minst grote opwinding. De ene helft slaat aan het hamsteren, terwijl de andere helft nieuwe schaatsen koopt.

Het zal jullie niet verbazen dat ik geen van tweeën doe. Als iets oudere, met breekbare botten, weet ik dat een weekje koud weer niets voorstelt. Het is leuk om te zien, zo'n wit laagje op bomen en huizen, maar sneeuwballen gooien of ijspret ligt niet binnen mijn mogelijkheden.

Persoonlijk heb ik de elfstedenwinter van 1963 nog meegemaakt, al heb ik er geen bewuste herinneringen aan. Maar dat was wel andere koek. En geloof het of niet, er wordt nu alweer gesproken over een mogelijke Elfstedentocht. Zijn we wel lekker ? Er ligt nog geen millimeter ijs !

Ik heb nog wel herinneringen aan de tochten van 1985, '86 en '97 en echt, toen hadden we meer dan een paar dagen vorst achter de rug. Toen, kinderen, vroor het geen dagen, geen weken, maar maanden ! Toen was het echt koud. Geloof Opa nu maar.

Een klein beetje ongerust zou ik me kunnen maken over de berijdbaarheid van de weg naar de supermarkt. Er staat voor de zekerheid een bezem klaar in de berging, zodat ik de stoep schoon kan vegen. Voor de rest zal ik het wel zien.

Ik verwacht dat de scootmobiel niet veel problemen zal hebben met een paar centimeter sneeuw. Omvallen kan haast niet en ik kan van onze voordeur zo doorrijden tot in de supermarkt. Aan warme kleding heb ik geen gebrek, dus wat kan me gebeuren ?

Als we het een beetje slim aanpakken hoef ik er maar een paar keer uit voor de hoogstnodige levensmiddelen. En als de voorspellingen kloppen is de winter na het volgende weekeinde alweer voorbij. Dus tijd om er echt aan te wennen krijgen we ook niet.

Blijft half Nederland zitten met verse winterbanden en nieuwe schaatsen. Tot er volgend jaar misschien weer een paar dagen sneeuw en ijs ligt. Doe voorzichtig allemaal en tot volgende week, als het voorjaar begint.


De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van dit verhaal.

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het voorafgaande verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 6 december 2020

Tekenen is werken


Hoera, een nieuwe Strip !
Ja, sorry dat het zo lang geduurd heeft, maar hier is dan toch het begin van een nieuw verhaaltje. Ik kreeg de afgelopen weken al van verschillende kanten vragen van ongeruste lezers. Er was toch niets mis met mijn gezondheid?

Nou, maak jullie maar geen zorgen, het gaat best goed met me. Alleen ik moest de afgelopen maanden meer energie steken in andere bezigheden. Sommige mensen denken dat ik de tekeningetjes zo even uit mijn mouw schud, maar Strips tekenen is niet iets dat ik er even tussendoor kan doen. Ik moet me niet te vermoeid voelen en me er goed op kunnen concentreren.

Dat tekenen echt werken is merkte ik voor het eerst toen ik, zo'n 35 jaar geleden, op de tekenkamer van de Oudheidkundige Dienst terecht kwam. Mijn collega's daar wisten het al langer en die probeerden daarom hun tijd met meer te vullen dan alleen tekenwerk.

Ik had een collega die een postzegelverzameling bijhield, voor z'n zoontje. Een ander repareerde blaasinstrumenten en speelde fagot en deed dat ook wel eens onder werktijd. Een derde had een paard en wagen en deed in zijn vrije tijd mee aan concoursen, die hij op het werk voorbereidde. Daarnaast werden de pauzes ruim genomen en werd er, tussen de middag, ook wel eens boodschappen gedaan in de stad, of een kapper bezocht.

Het klinkt misschien gek, maar het valt ook echt niet mee om acht uur per dag, vijf dagen in de week, oude spulletjes en opgravingsplattegronden te tekenen. De chef van de tekenkamer moest natuurlijk het goede voorbeeld geven en die zat vaak, vloekend van de kramp, aan zijn tekentafel.

Hij had er al een jaar of twintig opzitten, als tekenaar, ik kwam net kijken. Dus ik deed vlijtig mijn best en als ik 's avonds thuiskwam probeerde ik ook nog wat leuks voor mezelf te tekenen of te schilderen. Na verloop van tijd merkte ik dat ik dat beter tijdens werkuren kon doen, anders was het niet vol te houden. Als ik er daarnaast maar een redelijke productie van regulier tekenwerk aanhield, bleef iedereen tevreden.

Ik wist het aanvankelijk niet maar ik was terecht gekomen in een situatie waarin nogal wat spanning heerste. Het bleek dat de vorige chef van de tekenkamer, na een conflict, weggepromoveerd was. Hij was nu opmaakredacteur, voor de publicaties van de dienst.

De andere tekenaars dachten dat de meest ervaren kracht dan wel aangewezen zou worden als chef. Maar dat gebeurde niet, hij werd gepasseerd en een minder ervaren collega, die waarschijnlijk beter lag bij de directie, werd de nieuwe leidinggevende.

Ik weet niet of er openlijk geprotesteerd werd, het gebeurde voor mijn tijd, maar toen ik erbij kwam was er een soort gewapende vrede. Men sprak met elkaar, waar nodig, maar het werd pas een beetje gezellig en ontspannen als de chef even weg was.

Na een poosje werd voor iedereen duidelijk dat het zo niet verder kon. De chef werd ondergebracht in een eigen kantoortje en wij, gewone tekenaars, bleven achter. Dat kwam de sfeer zeer ten goede. Dat ik er na een jaar of vijf toch ben vertrokken had weer andere redenen.

Tegenwoordig bestaat de Oudheidkundige Dienst niet meer als zelfstandige organisatie. In 2006 werd de dienst samengevoegd met Monumentenzorg tot Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten. In 2009 veranderde de naam in Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Ze zijn ook al twee keer verhuisd, sinds ik er weg ben.

Maar dat komt niet door mij, of door de collega's die, in werktijd, bier brouwden en wijn maakten in het restauratie-atelier.    



De Strip is gemaakt door de Stripman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 29 november 2020

Voorzichtige graafmachines


Ondertussen
worden we al de hele week gewekt door het geluid van graafmachines, motorzagen en bladblazers. Nou ja, meestal zijn we al wakker, maar als je om 7 uur nog zou liggen slapen dan zou je er wakker van kunnen worden.

Net als de meeste werklieden, stratenmakers, kabelleggers, metselaars en dergelijke, zijn ook de herinrichters van ons plantsoen er elke dag vroeg bij. Ze hebben er zelfs schijnwerpers bij nodig om in deze tijd van het jaar, zo vroeg in de ochtend, al aan het werk te kunnen. Je vraagt je af waarom, want om 4 uur zijn ze weer weg en dan is het nog volop licht. Dus als ze een uurtje later zouden beginnen...

Het is niet het enige dat we ons afvroegen. Toen de twee hemelbomen op het grasveld omgezaagd waren was wel duidelijk dat het kerngezonde bomen waren geweest. Waarom dan toch de zaag er in ?

Het deed me denken aan een verhaal dat ik lang geleden hoorde toen ik nog tekenaar was bij de oudheidkundige dienst. Er werden toen enkele grote opgravingen gedaan in ons land en op een zekere dag hadden we één van de veldwerkers op bezoek, in de tekenkamer, met een plattegrond van Wijk bij Duurstede.

Hij liet zien waar er allemaal gegraven werd en vertelde dat als zij klaar waren er nieuwbouwwijken zouden komen. En dat alle oude bomen langs sloten en weggetjes omgezaagd werden. 'Niet omdat het nodig is,' zei hij, 'maar daar verdient de landschapsarchitect en de aannemer aan'.

De meeste omgezaagde bomen werden uiteindelijk vervangen door nieuwe aanplant en dat waren telkens handelingen die betaald moesten worden. Zo zal het bij ons ook zijn. Het argument dat de overgebleven bomen zo de ruimte krijgen om uit te groeien is onzin.

Kijk naar het park, aan de overkant van de straat. Daar staan veel grotere bomen, veel dichter bij elkaar. Het omzagen van die bomen betekent gewoon extra inkomsten voor de groeninrichter en aannemer.

Het werk van die graafmachines deed me ook op een andere manier denken aan de oudheidkundige dienst. Daar werd altijd met bewondering en ontzag gesproken over de bestuurders van dergelijke apparaten. Die konden heel precies, centimeter voor centimeter, een oppervlak afschaven, zodat elk spoor van vroegere bewoning zichtbaar werd.

Met net zulke voorzichtige bewegingen werden er nu bomen omgelegd, takken bij elkaar geschraapt, aarde in plantgaten geschoven en palen in de grond geduwd. Het is echt knap als je het zo ziet, jammer dat die mannen eerst van alles kapot maken voor ze het weer netjes gladmaken en beplanten.  



De Strip is een gouwe ouwe van de Stripman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 23 augustus 2020

Het was 50 jaar geleden, deze week


'It was 50 years ago today', nee de tekst van het liedje is anders.*) Maar het was deze week wel 50 jaar geleden dat de Beatles uit elkaar gingen. Voor de jongeren onder ons: dat was een heel populaire en heel succesvolle popgroep uit Liverpool, Engeland.

Volgens Wikipedia waren ze de meest invloedrijke band aller tijden. En ook de band die de meeste platen wist te verkopen, meer dan 600 miljoen wereldwijd, waarvan 183 miljoen alleen in Amerika. Ze zijn nog steeds recordhouder wat betreft nummer 1 plaatsen in de Britse albumlijst en de Amerikaanse Bilboard top 100.

Ze waren bij de eerste popartiesten die lang haar gingen dragen. Stel je daar niet teveel van voor, aanvankelijk kwam het net over de oren en nog lang niet tot op de schouders. Ze waren ook bekend als 'The Fab Four' – de fabuleuze vier – of gewoon bij hun voornamen: John, Paul, George en Ringo.

Ik heb al eens verteld hoe ik als klein ventje mijn eerste singletje kocht, 'Help!' van de Beatles. Dat ik, bij mijn moeder achterop de fiets, naar de plaatselijke platenzaak werd gereden – 'De Gouden Snaar' – en daar zelf mijn bestelling mocht plaatsen.

Mijn oudere broer en zus waren wat verder dan ik, wat de aanschaf van lp's betreft. Voor de jongeren onder ons, die gewend zijn aan onbeperkt muziek streamen via internet, is het misschien moeilijk voorstelbaar. Wij moesten sparen om, zo eens in de paar maanden, een nieuwe plaat te kunnen kopen. Die werd dan in de eerste weken iedere dag gedraaid, totdat we elk nummer konden meezingen.

De platen van de Beatles kwamen bij ons thuis min of meer op volgorde binnen. Ik denk niet dat we ze allemaal hadden, maar ik heb warme herinneringen aan 'Rubber Soul', 'Revolver', 'Sgt Pepper', 'The White Album', 'Abbey Road' en 'Let It Be'.

Dat laatste album was eigenlijk het bijproduct van de film 'Let It Be'. Het idee van de groep was om zich op te sluiten in een studio en voor het oog van de camera's een nieuwe plaat te schrijven, componeren, instuderen en uiteindelijk op te nemen. Het geheel werd afgesloten met het legendarische live-concert op het dak.

Ik denk niet dat ik de hele film ooit gezien heb. Ik heb ook niet veel herinneringen aan het uit elkaar gaan van de band, dat plaats had vlak voor film en lp verschenen. Maar de fans kennen vast wel een aantal fragmenten. De bandleden, inmiddels met zeer lange haren, snorren en baarden, wat tobberig bezig in de studio.

Met een klagende George Harrison, die ontevreden was over zijn eigen inbreng. En de zwijgende, maar dwingende, aanwezigheid van Yoko Ono, de nieuwe vrouw van John Lennon. Als jonge fan kreeg ik de indruk dat het allemaal haar schuld was dat de bandleden ruzie met elkaar hadden gekregen.

Het muziek- en cultuurtijdschrift Rolling Stone wijdde deze maand zijn hoofdartikel aan de Beatles en hun tumultueuze einde als band. Daaruit blijkt dat die filmbeelden een verkeerde indruk geven van de werkelijkheid. De echte fans zullen wel weten dat 'Let It Be' helemaal niet het laatste was dat de band produceerde.

Ze hadden na enige tijd wel door dat hun plan niet werkte. Ze werden, voor de filmopnamen, geacht om elke ochtend om 9 uur paraat te zijn. Normaal lagen ze dan net op bed, het waren allemaal nachtbrakers. Er waren spanningen, onderling, maar de rol van Yoko was daarin veel minder groot dan wij argeloze fans dachten. Ze voelden zich ook niet op hun gemak in de filmstudio die als locatie gekozen was.

Op een zeker moment besloten ze om een punt te zetten achter het project. Na een korte pauze gingen ze opnieuw de studio in, maar nu hun vertrouwde honk, Abbey Road, om daar hun laatste meesterwerk te maken, het gelijknamige album. Dat was een groot succes, maar drie van de vier bandleden wilde vervolgens een solo-album uitbrengen.

Inmiddels had John Lennon een nieuwe manager voor de groep gevonden, Allan Klein, niet zo'n verstandige keuze want na verloop van tijd bleek het een schurk te zijn. Paul McCartney wilde zich niet aan Klein binden en door de daaruit volgende zakelijke verwikkelingen – en wat later ook artistieke onenigheid – leed de band uiteindelijk schipbreuk.

Ondertussen wilde manager Klein graag een nieuw album uitbrengen en werd, met hulp van producer Phil Spector, de lp 'Let It Be' samengesteld en met de film van dezelfde naam uitgebracht. Met gevolg dat wij allemaal dachten dat zo de laatste momenten van de Beatles eruit zagen.

Volgens het artikel in Rolling Stone ging het er allemaal helemaal niet zo treurig aan toe, tijdens het maken van 'Let It Be'. Filmregisseur en Beatle-fan Peter Jackson, bekend van zijn 'Lord Of The Rings' epos, werd onlangs gevraagd om eens te kijken of er van het ongebruikte materiaal – meer dan 50 uur – dat al die jaren in het archief had gelegen, niet nog iets te maken viel.

Hij verklaarde verrast te zijn door de opnamen, die veel positievere van sfeer waren dan hij verwachtte. De bedoeling is dat hij eerdaags met een nieuwe versie gaat komen, die een heel andere kijk op de Beatle-geschiedenis zal geven. Jammer dat we daar 50 jaar op hebben moeten wachten.

*) 'It was 20 years ago today', is de beginregel van 'Sgt Pepper's Lonely Hearts Club Band'.






De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van dit verhaal.

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van het vorige verhaal...


Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men





zondag 12 juli 2020

De sport van het herinneren


Zoals jullie misschien weten ben ik best een sportliefhebber. Geen fanaticus, maar vooral in de middaguren, die ik meestal rustend op bed doorbreng, kijk ik graag naar andere mensen die zich wel inspannen. Wat dat betreft valt het de afgelopen maanden niet mee.

Door het corona-virus zijn er vrijwel geen sportwedstrijden. Ik heb één snookertoernooi gevolgd, dat zonder publiek werd gespeeld, maar dat was het wel. Er zijn gelukkig TV-zenders die de lege uren vullen met herhalingen van sportevenementen van lang geleden.

Dan treedt er een ander mechanisme in werking: namelijk de sport van het herinneren. Ik ben daar niet heel goed in. Vraag mij naar de winnaar van een kampioenschap van vorig jaar en ik begin al te twijfelen. Naar het verloop van de finale is het helemaal raden.

Dat is in dit geval best fijn, want elke oude wedstrijd is weer interessant. Meestal begint het me ergens halverwege wel te dagen, hoor. Dus echt heel spannend wordt het meestal niet.

Maar toch. Laatst was ik even ingedommeld en werd ik wakker middenin de herhaling van een oude tennisfinale op Wimbledon. De ene speler herkende ik direct: Boris Becker. Nog piepjong. Bij het zien van zijn tegenstander, een nors kijkende jongeman, met halflang donkerblond haar en zeer lange benen in een heel kort broekje, schoot me een naam te binnen: Kevin Curry. Even later corrigeerde ik mezelf, niet Curry, maar Curren. Een Zuid-Afrikaan, dacht ik.

Bij die oude wedstrijden staan de namen van de spelers en de stand niet voortdurend in beeld, dus het duurde even voor ik het kon zien. Inderdaad Kevin Curren, maar een Amerikaan, stond er.

Toen ik het later opzocht, bij Wikipedia, bleek ik het toch goed onthouden te hebben. Curren was Zuid-Afrikaan, maar liet zich naturaliseren tot Amerikaan, vanwege de apartheid in eigen land en de problemen die dat meebracht voor zijn tennisloopbaan.

Dat viel me niet tegen van mezelf. Een tennisspeler, die ik in geen 30 jaar gezien had, direct herkend. Wat is het menselijk geheugen toch verbazingwekkend. Nog verbazender was het wat ik allemaal vergeten bleek te zijn toen ik 'Nederland Heeft Weer De Gele Trui' las, het tweede deel van de geschiedenis van het Nederlandse wielrennen, geschreven door Benjo Maso.

Het eerste deel heet, niet zo verrassend: 'Nederland Heeft De Gele Trui', maar laat dat je niet weerhouden, het zijn heerlijke boeken.

Ik dacht dat ik het best aardig bijgehouden had, in de jaren '70 en '80. De successen van de Raleigh-ploeg, van ploegleider Peter Post, de Tour-winst van Joop Zoetemelk, de overwinningen van Hennie Kuiper, Jan Raas en Gerrie Knetemann.

Maar ik was zeker de helft vergeten. En de namen van hun tegenstanders kwamen me vaak helemaal onbekend voor. Eddie Merckx en Roger de Vlaminck, die wist ik nog wel. Francesco Moser en Luis Ocana ook, maar er bleken genoeg namen voorbij te komen die mij helemaal niets zeiden.

En wat zo'n Jan Raas allemaal gewonnen heeft ! Hij won 10 etappes in de Tour, 5 keer de Amstel Gold Race en 2 keer de Ronde van Vlaanderen. Een moderne renner zou daar al heel blij mee zijn, maar Raas werd ook 3 keer Nederlands- en 1 keer wereldkampioen, won Milaan-San Remo, Luik-Bastenaken-Luik, Parijs-Roubaix en nog een hele reeks andere wedstrijden. En hij stopte al op zijn 33ste...!

Het kan best zijn dat ik een bijzonder slecht geheugen heb, maar het loont voor mij in ieder geval zeer de moeite om dat soort sportgeschiedenissen weer terug te lezen en te zien. Zeker nu er zo weinig nieuws te beleven valt.  



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal...

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men



zondag 7 juni 2020

Pieter en hoe het verder ging


De culturele dorpsvereniging werd in de jaren '60 opgericht door de plaatselijke kunstenaars. Er was niet veel cultureels te beleven in het dorp, afgezien van een fanfare, de bibliotheek en de jaarlijkse gildefeesten. Maar die waren vooral voor het katholieke volksdeel. De kunstenaars wilden een modern alternatief, jazzmuziek, de kunst van nu.

Aanvankelijk was er een strenge ballotage. Je kon niet zomaar lid worden, je moest aantonen wat voor cultureels je bij zou kunnen dragen. Ik ken mensen, die later heel lang en actief lid van de vereniging zijn geweest, maar die in de beginjaren niet toegelaten werden. Zelf heb ik zoiets niet meer meegemaakt, de regels werden gaandeweg heel wat soepeler.

Pieter zag er best artistiek uit, met zijn donkere jasje, lange lokken en zomer en winter een sjaal. Maar hij was geen kunstschilder, geen schrijver, dichter of fotograaf. Ik heb hem wel eens in de weer gezien met een saxofoon, maar dat was geen succes. Hij werd bij het spelen gehinderd doordat hij zijn rechter ringvinger kwijt was. 'Met mijn trouwring aan een vrachtwagen blijven hangen', was het verhaal.

Hij had met zijn frisse rode kop en werkmanshanden meer weg van een Franse wijnboer. Ik vraag me af of hij niet ook een poosje met een pet rondliep ? In ieder geval had dat wel bij hem gepast. Wie weet als we geen culturele dorpsvereniging hadden gehad ? Een Frans kasteel opknappen moet wel wat voor hem zijn geweest, Chateau Pieter...

Maar om te zeggen dat Pieter geen artiest was is ook niet waar. Hij was in ieder geval creatief als het om verbouwingen ging en om het zoeken van oplossingen die weinig geld kostten. Hij was nu eenmaal praktisch ingesteld. 'Je moet nooit met lege handen naar de keuken lopen, zei mijn moeder altijd.' Waarmee hij bedoelde dat als je dan toch aan het lopen bent je net zo goed iets mee kunt nemen.

Hij vond dat hij voorwaarden moest scheppen waar andere, creatievere leden, gebruik van konden maken. Hij kon erg genieten van een geslaagde avond, met goeie live-muziek en een borrel achteraf. En met zijn daadkracht gaf hij de aanzet tot een professionelere aanpak van de activiteiten binnen de vereniging. Dat begon bij het filmhuis, de filmzaal en de projectieruimte, maar daarna nam hij de bar onder handen.

Van café de Rode Haan, dat gesloten werd en zou worden gesloopt, wist hij een deel van de tapkast en de tapinstallatie te bemachtigen. Voor het eerst kon er in de vereniging een vers getapt biertje worden genuttigd !

We hebben samen de door waterschade beschadigde gipsplaten van het plafond van de grote zaal gerepareerd. Pieter balancerend op de bovenste trede van de ladder, omdat ik liever op de begane grond bleef. En zo ging het door. Terwijl anderen nog zaten te vergaderen, over hoe een klus aangepakt zou moeten worden, had hij zijn mouwen al opgestroopt.

Naast het filmhuis en de soos behartigde Pieter ook de ledenadministratie en nam hij, toen ik het te druk kreeg met bestuurstaken, het clubblad van me over. Ook daar voerde hij vernieuwingen en verbeteringen door. Van een gestencild blaadje, dat in de opmaak-fase met plakbandjes aan elkaar geplakt werd, veranderde het blad in een keurig gedrukt periodiek, met computer gestuurde lay out.

Hij was een fan van mijn teken- en schrijfwerk. Ik was er ooit mee begonnen om het clubblad wat vrolijker te maken. Ook eens een verhaal dat niet te maken had met een verenigingsactiviteit. Pieter bleef mijn bijdragen plaatsen, jaren en jaren nadat ik mijn overige werkzaamheden had gestaakt. Er moeten op het laatst genoeg leden zijn geweest die zich afgevraagd hebben wat die Jan toch in hun verenigingsblad deed.

Maar ik dwaal af. Terug naar Pieter. Er zullen mensen zijn die zich overdonderd voelden, door al zijn daadkracht en misschien zelfs gepasseerd, omdat Pieter steeds het voortouw nam. Maar zoals hij zelf zei: 'Iemand moet de kar trekken.' En als Pieter er niet geweest was vraag ik me af wie de vereniging dan wel door de moeilijke jaren 80 en 90 had getrokken.

Rond de eeuwwisseling moest ik, door gezondheidsproblemen ophouden met het verenigingswerk. We hadden een aantal jaren weinig contact. Tot ik hem weer eens aan de telefoon sprak en hij vertelde dat hij ernstig ziek was geweest. Het had er een tijdje slecht uit gezien, maar uiteindelijk herstelde hij.

Hij was intussen verhuisd, met zijn tweede vrouw Corry, naar een ruime woning aan de Molenstraat. Daar moest wel flink verbouwd worden, natuurlijk. De weinige keren dat ik er kwam – ik kwam nergens meer zo vaak, maar dat lag aan mijn eigen lichamelijke toestand – was het altijd even gezellig en de omgang ouderwets vriendschappelijk.

Om één of andere reden heb ik zijn 60ste verjaardag gemist, of misschien was ik er wel bij, maar heb ik er niets van onthouden. Herinneringen zijn rare dingen. Bij zijn 70ste en 80ste waren Elly en ik in ieder geval van de partij. Gaandeweg moest Pieter stappen terugdoen en zijn activiteiten voor de culturele vereniging aan anderen overdragen. Het huis op de Molenstraat werd te groot, de tuin te bewerkelijk. Met Corry verhuisde hij naar een flat in het Veen.

Die nieuwe woning lieten ze verbouwen en in de tussentijd woonden ze een poosje in een huisje in een bungalowpark, in het buitengebied van Soest. Daar zijn Elly en ik een paar keer op de koffie geweest. Ook in de nieuwe flat hebben we ze nog bezocht, maar toen ging het met de gezondheid van Pieter al niet zo best.

De laatste keer dat ik hem zag kwam hij bij ons, met Corry, om naar het concert van Blöf in de tuin van Paleis Soestdijk te luisteren. Dat was redelijk te volgen als wij onze balkondeuren open zetten, maar we waren natuurlijk veel te druk in gesprek om er echt naar te luisteren.

Uiteindelijk moesten we hem uitzwaaien zonder echt afscheid te hebben kunnen nemen. Maar ik wil niet droevig eindigen, daarvoor hebben we teveel mooie tijden meegemaakt. En als er een hemel is voor ongelovigen dan heeft Pieter vast zijn mouwen al opgestroopt, want ook daar zijn waarschijnlijk wolken die hoognodig verbouwd moeten worden, of wel wat technische verbeteringen kunnen gebruiken. 

Dit verhaal is een vervolg op: Pieter en de goeie ouwe tijd



De Strip is gemaakt door de Stripman zelf

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men