Posts tonen met het label schrijven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schrijven. Alle posts tonen

zondag 3 mei 2026

Een fictief boek en andere opmerkelijke voorvallen


"Welke schrijver
schuilgaat achter het pseudoniem 'Jan de Stripman' weten we niet. Wel konden we kennis maken met zijn zinnenprikkelende verhaal, waarbij voor de hand liggende verwachtingen worden gewekt. De kraai die schoorsteenveger wordt, is nauwelijks verrassend. Het is een beroep dat de vogel past. Maar anderzijds gooit de schrijver het roer in zijn verhaal om. Op kousenvoeten, zonder dat je weet hoe het begon, blijkt die kraai samen te wonen met een engel van een eekhoorn. Met die geliefde stilt hij een verlangen naar vroeger door samen uithuizig over de takken van de hoge eiken te rennen of fladderen.

Als je denkt dat je het weet dan gaat toch net weer anders. 'De kraai ...' is een filosofische benadering van het leven en een bijzonder literair debuut." (Martin Broek)

Ja, ik wist deze week enige verwarring te stichten onder mijn internetvrienden, met de zelfgemaakte boekomslag, van een boek dat nog geschreven zou moeten worden. Het inspireerde mijn goede vriend Martin tot de bovenstaande fictieve recensie. Zoveel lof voor een roman die ik nog niet eens geschreven heb.

Ik had alleen maar een foto gemaakt die me heel geschikt leek als boekcover. Wie hem nog niet gezien heeft, het is het silhouet van een kraai die op een schoorsteen zit, met een lichtgele ochtendlucht als achtergrond. Bovenaan schreef ik, met zwarte letters, 'De kraai op de schoorsteen', met tussen haakjes (roman) eronder. Onderaan mijn naam, in gele letters.

Na zo'n juichende recensie kan het boek alleen maar tegenvallen, dus ik denk dat ik het maar bij een denkbeeldig boek laat en een fictieve omslag.


Ondertussen lijkt het nog steeds goed te gaan met de pimpelmezen op ons balkon. Bij het oude nestkastje zie ik geen pimpels meer, al kijkt er wel af toe een koolmees nieuwsgierig naar binnen. Maar bij het nieuwe nestkastje, aan de andere kant van het huis, zag ik al een paar keer een pimpelmees met een rups naar binnen vliegen.

Het gaat niet in een hoog tempo, dus ik vermoed dat de vrouwtjesmees daar nog rustig zit te broeden. Ze wordt af en toe verwend door het mannetje, dat vast aan het oefenen is voor later, als de kuikens uitgekomen zijn.

De bomen van het park zijn nu allemaal prachtig fris lentegroen en daar wemelt het hopelijk van de rupsen en andere kleine beestjes. Krachtvoer voor de broedende mezen en hun kroost.


Als ik bij de webcams van Beleef deLente kijk, dan zit de koolmees daar ook nog rustig te broeden. Zoals ik eerder al veronderstelde is het aantal camera's uitgebreid. Het zijn er nu 11, na mijn vorige bericht zijn er 2 bijgekomen, de ooievaar is afgevallen omdat de vogels voor een ander nest gekozen hebben.

Een mooie nieuwkomer is de gierzwaluw. Er worden 2 nestkasten gevolgd waar al flink om gevochten is door de vogels. Eieren zijn er nog niet gelegd. Dat is helaas ook het geval bij de slechtvalken, waar dat ook niet meer verwacht wordt. Men denkt dat het vrouwtje onvruchtbaar is, al maken de valken wel elk voorjaar voorbereidingen voor het nieuwe broedseizoen, jongen heeft dit paar nog niet voortgebracht.

Voorspoediger gaat het bij de zeearend, die twee prachtige kuikens heeft en bij de bosuil waar de jonge uilen al nieuwsgierig uit de nestkast kijken. Die zullen eerdaags wel naar buiten klimmen, dat doen uilskuikens al voor ze kunnen vliegen.


Ondertussen begint de Schefflera, de grote kamerplant waar ik 6 weken geleden een stek van nam, wortels te krijgen. Het zijn nog maar kleine uitstulpingen, onderaan de stengel, maar het begin is er. Een bloempot en potgrond heb ik al klaar staan, maar ik wacht nog een paar weken. Geduld is een schone zaak, als het om groeiende planten gaat.

Dan is er ook nog het WK-snooker, in het Engelse Sheffield, waarvan vandaag en morgen de finale gespeeld wordt. Het was een mooi toernooi, met spannende partijen en gisteravond moesten we lang wachten voor de laatste finalist bekend werd. De jonge Chinees Wu Yize versloeg de Noord-Ier Mark Allen in een marathonpartij en gaat het opnemen tegen de ervaren Engelsman Shaun Murphy.

Zo is er overal weer genoeg te beleven, is het niet fictief dan wel op het internet, TV, of in de eigen woonkamer, of op het balkon. 

      

 
De Strip is gemaakt door de Stripman zelf. Klik op het plaatje voor een grotere weergave. Klik hier voor deel 1 van dit verhaal. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 - deel 12 - deel 13 - deel 14 - deel 15 - deel 16 - deel 17 - deel 18 - deel 19 en deel 20 van het vorige verhaal.  
 
 
 

zondag 13 april 2025

Lester Bangs, een eenzame woordenwaterval


Schrijven is een eenzame bezigheid.
Tegenwoordig kun je, via het internet en email, vrij snel wat lezers vinden, maar dat is pas als je verhaaltje af is. Tijdens het schrijven ben je in je eentje bezig. Niemand die applaudisseert bij een leuke zinswending, of een geslaagde grap. Vergelijk dat eens met een muzikant die, op het podium, door honderden, misschien zelfs duizenden fans toegejuicht wordt !

Een succesvolle zanger wordt op straat aangesproken, maar niemand herkent een schrijver. Vijftig jaar geleden, in de jaren '70, gold dat nog meer dan nu. Toen was er nog geen internet en geen email en moest je blij zijn als je verhaal, ergens in een tijdschrift, geplaatst werd. De kans dat je er ooit over aangesproken zou worden was nihil.

De Amerikaanse muziekjournalist Lester Bangs beklaagde zich daarover toen hij, begin jaren '70, de leden van de J. Geils Band interviewde. Hij kende ze door eerdere ontmoetingen en had geprobeerd om dit vraaggesprek een originele draai te geven. Dat was niet erg gelukt maar het leek de band wel leuk om hem eens de kans te geven om, op het podium en voor een volle zaal, zijn werk te doen.

Bij hun volgende concert kwam Bangs dus, bij het laatste nummer, het podium op met een oude typemachine onder zijn arm, om live zijn recensie te schrijven. Hij ging aan de slag, maar merkte al snel dat het publiek er niets van begreep. Om toch een reactie los te krijgen gooide hij, bij de laatste muzikale noten, zijn schrijfmachine in stukken. Luid gejuich uit de zaal. Een geslaagde avond.

Ik ben, tussen allerlei andere boeken, al een tijdje bezig in een verhalenbundel van Lester Bangs, postuum samengesteld en uitgebracht door zijn collega Greil Marcus, onder de titel, 'Psychotic Reactions and Carburetor Dung'. Het staat vol kleurrijke muziekverhalen. Bangs was een virtuoze woordenwaterval, die soms allerlei richtingen uitvloog.

Op de omslagfoto staat hij afgebeeld, een wollen muts schuin op zijn donkere krullen, een donkere snor, een zonnebril scheef op de neus, een sigaret in zijn mondhoek. Hij draagt een T-shirt met een onleesbare tekst erop, daar overheen een zwart leren jasje en hij heeft een blikje bier in zijn hand. Die foto en de titel – een verwijzing naar albums van de tamelijk obscure garagerockband The Count 5 – wekken verwachtingen die, in het boek, ruimschoots ingelost worden.

Bangs schreef voor bekende bladen en kranten, zoals Rolling Stone, The Village Voice, Penthouse, Playboy en het Britse New Musical Express, maar vooral voor het, wat minder bekende blad, Creem, waar hij ook een tijdje redacteur van was. Hij groeide op met jazz, maar werd in de jaren '60 gegrepen door de rock & roll en dan vooral de alternatieve, ruige kant daarvan.

Hij was een groot fan van Lou Reed, maar schreef dat hij ook een onbedwingbare drang had om zijn held onderuit te halen. Reed zelf vond dat wel grappig en Bangs maakte een paar mooie interviews, die ontaarden in twistgesprekken, waarin Reed hem moeiteloos de baas bleef.

Hij was enthousiast over de muzikale experimenten van Reed, met name over diens album 'Metal Machine Music', dat door andere critici neergesabeld werd. De LP is helemaal gevuld met gitaar feedback. Het soort gepiep dat je ook krijgt als je een microfoon op een luidspreker richt. Rondzingen noemen we dat.

Hetzelfde gebeurt als je met een elektrische gitaar te dicht bij de versterker gaat staan. De elementen in de gitaar pikken het geluid uit de versterker op en de boel gaat rondzingen. Reed was gefascineerd door dit effect. Bangs vond het geweldig: '...it's great, as a giant FUCK YOU it shows integrity—a sick, twisted, dunced-out, malevolent, perverted, psychopathic integrity, but integrity nevertheless.'

Lester Bangs hield er een wilde levensstijl op na, met veel drank en pillen. Dat werd uiteindelijk zijn ondergang en het boek krijgt een wrange ondertoon als je het verhaal leest dat hij schreef over Peter Laughner, gitarist van de band Rocket From The Tombs, een voorloper van Pere Ubu.

Laughner overleed, op zijn 24ste, aan overmatig drank- en drugsgebruik. Bangs, die hem bewonderde als muzikant en met hem bevriend raakte, beschrijft hoe hij een aantal keer probeerde om Laughner ervan te overtuigen het wat rustiger aan te doen. Tevergeefs.

Bangs hield het zelf wat langer vol, maar overleed ook jong, 33 jaar pas, toen hij probeerde een zware griepaanval te bezweren met pijnstillers. Greil Marcus schrijft dat zijn vrienden denken dat ook meegespeeld heeft dat Bangs, vlak voor zijn dood, abrupt gestopt was met alcohol en drugs gebruiken. Dat zou zijn lichaam zo'n schok gegeven hebben, dat de griep hem fataal werd.

Lester Bangs beschreef en leefde rock & roll. Hij sprong op een sneltrein die ontspoorde, voor hij de noodrem kon vinden. De verhalenbundel 'Psychotic Reactions and Carburetor Dung' is echt wel een aanrader, al zou ik niet aanbevelen om hem in één ruk uit te lezen. En wees voorbereid op zeer kritische verhalen over sommige van je muzikale helden. Al weet Bangs, ook wat dat betreft, soms te verrassen. David Bowie vond hij een aansteller, maar hij is onverwacht positief over Bob Seger. 

 

 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman.
 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal.
 
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 
 

zondag 30 juli 2023

Het volgende boek


Er zullen niet veel
lezers zijn die het niet weten, maar voor wie het echt gemist heeft: pentekenaar Gerard Kuit en ik hebben vorig jaar een boek uitgebracht. 'Verdwenen Vergezichten' heet het en het is gevuld met verhalen en tekeningen, die we lang geleden gemaakt hebben voor de Artishock Berichten, het programmablad van onze culturele dorpsvereniging.

Het is een mooi boek geworden, al zeg ik het zelf. Op groot formaat, gedrukt op glanzend papier en gevat in een harde kaft. De boekpresentatie was een behoorlijk succes, we kwamen in de plaatselijke krant en werden twee keer geïnterviewd door de lokale radio. Er hebben exemplaren van ons boek bij de dorpsboekhandel gelegen en in de bibliotheek.

De hele ervaring was zo leuk dat we al vrij snel begonnen zijn aan een tweede deel. Verhalen en tekeningen genoeg, voor nog wel drie andere boeken, dus alleen al daarom zou het zonde zijn om het bij één uitgave te laten.

In deel één ging het vooral over onze woonplaats en de omliggende gemeenten. Het speelde zich dus grotendeels af in de provincie Utrecht. In deel twee gaan we verder weg, naar Zeeland, de Veluwe en het Groene Hart.

Bij ons eerste boek was er het probleem dat ik van niet alle verhalen computerbestanden had en een deel van de tekeningen opnieuw moest inscannen. Ik kwam er ook achter dat, hoe vaak je een tekst ook leest, er altijd schrijf- en taalfouten in blijven zitten. Op een zeker moment heb je de verhalen zo vaak gelezen, dat je de tekortkomingen niet meer ziet.

Deze keer had ik wel alle teksten en redelijke goed scans van de tekeningen, maar was er een serie, die over de Veluwe, waar aan het eind geen tekeningen bij waren gemaakt. Aanvankelijk gingen Gerard en ik niet samen op verkenning. Ik maakte een autotochtje met mijn vrouw, of alleen op de fiets en gaf Gerard een tekst, waar hij dan een onderwerp bij zocht voor een illustratie.

Zo waren we ook aan de reeks over de Veluwe begonnen. Maar we werden onderbroken door de zomervakantie en daarna lieten we het verhaal verder rusten en besloten we dat het toch een stuk handiger was als we samen op pad zouden gaan. We begonnen aan een nieuwe reeks en de Veluwe bleef liggen.

Voor ons nieuwe boek wilde ik het verhaal voltooien. Ik had wel de resterende tekst en wat foto's, maar het zou veel leuker zijn als we er fraaie tekeningen bij konden plaatsen. Die zou Gerard kunnen maken, met onze foto's en wat plaatjes van internet als voorbeeld, maar dat leek ons te makkelijk. Dus zijn we vandaag vertrokken voor een Veluwe-expeditie.

Regenkleding mee en een goed humeur. Oude tijden herleven ! Onze doelen zijn vooral kastelen en oude landhuizen, dus veel zal er niet veranderd zijn, sinds mijn vrouw en ik er 25 jaar geleden langs reden. Maar wie weet wat we verder nog tegenkomen ?

Het resultaat zal te zien zijn als het nieuwe boek verschijnt. Misschien nog dit jaar, we houden jullie op de hoogte. Het vorige boek is nog verkrijgbaar, via boekenbestellen.nl en er komt eerdaags een goedkopere versie, met slappe kaft, die ook nog eens sneller leverbaar zal zijn. Hou onze berichten dus in de gaten...

Meer informatie kun je vinden op ons Mejanderblog. 


 
De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman en wordt volgende week vervolgd. 
 
Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal.
 
  
Klik op de tekening voor een grotere weergave. 
 

zondag 11 augustus 2019

Zeg niet zomaar 'ja'...


Zeker weet ik het niet meer, maar volgens mij was het de Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa die zei dat, voor een schrijver, elke ervaring een goede ervaring was. Daarmee bedoelde hij dat zelfs een onprettige gebeurtenis voor een schrijver positief kan zijn, omdat hij erover kan schrijven.

Dat is een mooi motto. Maar in de praktijk worstel ik er toch mee. Misschien ben ik niet schrijver genoeg, want er zijn nogal wat ervaringen, vooral in de familie- en vriendenkring, waarvan ik vind dat ik er beter niet over schrijven kan. Terwijl ze soms onprettig genoeg zijn.

Afgelopen week maakte ik weer zoiets mee. Ik heb er een aantal nachten slecht van geslapen en uiteindelijk een paar boze mails verstuurd, maar ik vind het toch niet gepast om het er hier nu uitgebreid over te gaan hebben.

De conclusie wil ik wel met jullie delen. Die is dat je niet zomaar 'ja' moet zeggen als er iemand met een plan bij je komt. Doorgaans is dat voor mij niet zo'n probleem, ik krijg vaker het verwijt dat ik altijd overal 'nee' op zeg. Maar begin dit jaar heb ik me laten vermurwen, en daar heb ik achteraf spijt van.

Eigenlijk werd ik voor het blok gezet, maar omdat ik er zelf weinig energie in hoefde te steken dacht ik, nou vooruit dan maar. Niet wetende dat het een richting op zou gaan die me helemaal niet zou bevallen.

Het is me in het verleden wel vaker overkomen dat mensen met plannen bij me kwamen. Vaak ging het dan om het gebruik van mijn strips, of verhalen. Ik ben daar niet happig op. Het vervelende is is dat je geen controle hebt over wat er met je werk gebeurt, als je het aan een ander toevertrouwt.

Een stripje verscheen in een lesboek, bijvoorbeeld, maar ondanks herhaalde verzoeken, kreeg ik dat boek nooit te zien. Als ik een andere keer wel een aantal exemplaren van een publicatie kreeg, dan was dat meteen bedoeld als betaling. Alsof ik met boeken langs de deur ga leuren.

Het is me ook een paar keer gebeurd dat men ongevraagd een van mijn tekeningen of strips van internet plukte en op een weblog, of site plaatste. In de tijd dat het Volkskrantblog nog bestond overkwam me dat een aantal keren. Als ik daar dan iets van zei reageerde men verbaasd en een beetje gepikeerd. We waren zo leuk aan het spelen en nou komt die zeurpiet ons speelgoed afpakken.

Nog niet zolang geleden schreef ik, op verzoek, een stukje voor een verenigingsblad. Na uitgebreid overleg met alle partijen leverde ik mijn verhaal in. Tot mijn verrassing zag ik, na publicatie, dat er toch nog iemand in mijn tekst had zitten rommelen. Eén van mijn weldoordachte strofen was veranderd in een kromme zin met een taalfout. Het is niet dat de wereld op zo'n moment vergaat, maar ik schaam me er nu wel voor dat mijn naam er onder staat.

Ik heb ook wel eens iets in opdracht getekend, maar daar ben ik helemaal mee opgehouden. Het resultaat was maar zelden zo goed dat ik er trots op kon zijn en het kostte meestal enorm veel energie. Eerst moet je een ontwerp maken, of meerdere. Dan moet je daarover gaan onderhandelen. Wat ik geschikt vond werd maar zelden direct geaccepteerd. En de beloning, een cadeaubon, een fles wijn, een schamel geldbedrag, stond eigenlijk nooit in verhouding tot de door mij geleverde inspanningen.

Er is eigenlijk maar één voorbeeld waar ik met trots en tevredenheid op terugkijk. Rond 1990, toen AIDS nog een groot probleem dreigde te worden, heb ik een aantal strips ter beschikking gesteld voor een folder van het AIDS-fonds. Ik vroeg er niets voor, gewoon mijn bijdrage aan de goede zaak.

Nooit eerder of later ben ik zo keurig behandeld als door de mensen van het AIDS-fonds. Ik kreeg de folder toegezonden, met uitgebreide bedankbrief en een fraai speldje in de vorm van het bekende rode lintje.

Maar helaas, dat was een uitzondering. Het was wel meteen de grootste verspreiding die enige creatieve uiting van mij ooit heeft gehad. Er zijn duizenden van die folders gedrukt. En voor een goed doel. Dat is ook een mooie gedachte.



De Strip: De strip - die los staat van het geschreven bericht - is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 en deel 7 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 4 augustus 2019

De Mejanderreizen van Gerard en Jan


Jullie denken misschien dat ik, met mijn chronische ziekte, de hele dag achter de geraniums naar de vogeltjes zit te kijken. Maar ik kom af en toe ook wel eens buiten. Bij de vaste uitstapjes van de afgelopen 20 jaar horen de autoritjes die ik met mijn goede vriend, tekenaar, Gerard Kuit maak, voor onze gezamenlijke Mejanderverhalen.

De samenwerking is ontstaan in 1994. Ik was toen redacteur van de Artishockberichten, het maandblad van onze culturele dorpsvereniging. Het was gebruikelijk dat de redactie voor elke aflevering een stukje schreef, meestal over de verenigingsactiviteiten.

Ik was het na een paar jaar zat om over weer een mooie film, een prachtige tentoonstelling, of een fantastisch concert te schrijven en zocht naar nieuwe onderwerpen. Daar komt ook de naam Mejander vandaan, die bedacht mijn toenmalige zwager Bas, die meehielp met het maken van het Arishockblad. Mijn verhaaltjes gingen alle kanten op, vandaar.

Nadat ik een stukje had geschreven over paleis Soestdijk, waar toen de koninklijke familie nog woonde, zag ik bij toeval in het VVV-kantoor een ansichtkaart met een tekening van het paleis hangen. Die paste er heel mooi bij, vond ik. De maker bleek Gerard te zijn en die kende ik wel, want hij was lid van Artishock.

Zo is een samenwerking ontstaan die al 25 jaar stand houdt. Bij de eerste paar verhaaltjes had Gerard toevallig al een geschikt plaatje, in de vorm van een antieke, of zelfgemaakte, ansichtkaart. Maar voor de volgende maakte hij een tekening en na een tijdje gingen we ook samen op verkenning. Zo maakten we onder meer reizen langs de Langbroeker Wetering en de Vecht, door het Groene Hart en – een nog onvoltooide – tocht langs de kust van de Zuiderzee.

In de loop der jaren heb ik leuke reacties gehad op onze Mejanderverhalen. Mensen kwamen met boeken aandragen en er was zelfs iemand die vroeg of we niet iets over zijn huis konden schrijven. Hij woonde heel mooi, in de binnenstad van Amersfoort.

Ik was inmiddels al lang geen redacteur van de Artishockberichten meer, maar mijn opvolger vond onze verhalen leuk en zo konden we zorgeloos doorschrijven en tekenen. Tot vorig jaar een nieuwe redacteur me belde met de vraag of hij eens kon komen praten.

Ik zag de bui al hangen en nodigde Gerard ook uit voor het gesprek. Het kwam er op neer dat het bestuur van de Vereniging vond dat er op het maandblad bezuinigd moest worden en voor ons verhaal was eigenlijk geen plaats meer. We vonden dat jammer, natuurlijk, maar we deden er niet moeilijk over. Als we niet meer gewenst waren hield het gewoon op.

Achteraf hoorden we dat een Artishocker van het eerste uur, naar aanleiding van onze verdwijning uit het maandblad, zijn lidmaatschap opgezegd had. Dat vonden we wel mooi, natuurlijk. Maar we hadden ons toch al voorgenomen om onze gezamenlijke activiteiten niet zomaar te staken.

Ik had al jaren eerder een Mejanderblog aangemaakt, zodat onze verhalen ook online beschikbaar waren. Nu namen we ons voor om aan een boek te gaan werken. Het zal nog wel even duren voor dat er is, maar om vast wat nieuw publiek te kweken heb ik afgelopen week een Facebook-pagina gemaakt.

Het Mejanderverhaal is nog lang niet af. Dus wie ons wil blijven volgen kan dat en als het boek er is dan zullen jullie ervan horen !

Lees de verhalen, of bekijk de tekeningen, op het Mejanderblog of bezoek de Facebook-pagina 

Gerard Kuit heeft ook een eigenwebsite.



De Strip: De strip - die los staat van het geschreven bericht - is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 21 juli 2019

Het is weer zondagochtend


De zon is net, heel schilderachtig, opgekomen en verbergt zich nu achter de wolken. Mijn vrouw en ik zitten tegenover elkaar aan de eettafel. Zij leest wat en ik schrijf een stukje.

Waar zal ik het eens over hebben ? Er gebeurt genoeg in de wereld, maar in de loop der jaren ben ik in gaan zien dat mijn mening daarover van weinig belang is. Het gras is weer gemaaid, door onze bijvriendelijke gemeentelijke groenbeheerders, zodat er geen wild plantje meer bloeit in het gazon. Maar ik wil daar niet elke week opnieuw over zeuren.

De kat is dood. Hij overleed eind vorig jaar. Wij hadden best een bijzondere kat, maar dat zegt elke kattenliefhebber, dus laat ik het nog even niet over hem hebben. In de Volkskrant stond een groot interview met drie schrijvers/columnisten, die regelmatig over hun katten schrijven. Ook over de emoties als zo'n dier overlijdt. Maar ze gaven toe dat de katten een welkome uitvlucht waren, als ze geen ander onderwerp konden verzinnen.

Er zijn veel jonge vogels op het balkon en met de bijen in het insectenhotel gaat het goed. Maar verder is er weinig te melden, ook omdat de voorjaarsplanten net een beetje uitgebloeid zijn en de zomerbloeiers nog in gang moeten komen. Wat de fuchsia betreft is het maar de vraag of er überhaupt gebloeid gaat worden, want één van de vogels denkt dat de bloemknoppen eetbaar zijn.

De Tour de France... maar nee, laat ik het daar nou niet elke week over hebben. Mijn topfavoriet, de de Colombiaan Qiuntana is bovendien uit de top 10 verdwenen en zijn landgenoten maakten gisteren ook geen heel sterke indruk.

Maar goed. Zo pruttel ik wat verder. Het doet me denken aan de grote Belgische schrijver Louis Paul Boon, die aan het begin van de jaren '60 een dagelijkse column had in de krant. 'Boontjes', heette die, ik heb een bundeling gelezen van de eerste twee jaar.

Boon begon eraan met het idee om een grote roman te schrijven, over de hele wereld en alles wat er leeft, opgedeeld in kleine stukjes. Hij had zoiets al eerder gedaan met zijn succesvolle boeken 'De Kapellekensbaan' en 'Zomer Te Ter-Muren'. Daarin wisselde hij, op virtuoze manier, korte fragmenten over zijn fictieve hoofdpersonen af met verhaaltjes over zijn vrienden en familieleden en zijn herinneringen en gedachten tijdens het schrijven.

De eerste Boontjes zijn heel leuk om te lezen. Hij haakt in op krantenberichtjes, meestal niet over wereldschokkende gebeurtenissen, schrijft over filmsterren en sporthelden, of dingen die hij zelf beleefd heeft. Maar gaandeweg komt de klad er in. Je ziet dat hij meer moeite krijgt om de gang er in te houden en om elke dag weer een onderwerp te vinden.

De motivatie om dat alles omvattende boek te schrijven neemt af en de dagelijkse column wordt een last. Hij heeft het nog best een tijd volgehouden, maar uit recensies begrijp ik dat de laatste columns vaak gaan over de moeite die hij heeft om weer een stukje te schrijven. De volgende bundeling van de Boontjes heb ik maar niet gekocht.

Een goede vriend zei me ooit, toen ik net begonnen was met mijn wekelijkse verhaaltjes, dat ik dat nooit vol ging houden. Dat is inmiddels zo'n 20 jaar geleden en hij heeft de laatste jaren niet meer mee kunnen maken. Volgende week wordt het, als er niets tussenkomt, gewoon weer zondagochtend.

Ps: Op Wikipedia lees ik dat men bezig is het complete werk van Louis Paul Boon opnieuw uit te geven, met wetenschappelijke toelichting en nawoorden. Er zijn inmiddels 20 delen verschenen. De e-book versies zijn heel schappelijk geprijsd.  



De Strip: De strip - die los staat van het geschreven bericht - is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman. Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men