Voer 'wandelen met een ezel' in en Google komt met een hele reeks van ezelboerderijen, ezelvakanties en ezelwebsites. Vlak om de hoek, in Zeist, bij Stichting Opvang de Ezelsociëteit, kun je in het bos wandelen voor 30 euro per ezel. Daar krijg je dan wel een ezel voor die het leuk vindt om te wandelen, want: 'Voor ons blijft bij alles wat we doen het welzijn van de ezels voorop staan, dus wandelen is zeker goed voor ze, maar we gaan ze niet verplichten iets te doen wat ze niet leuk vinden.'
Op andere websites zie ik ezels met bagage, of kleine kinderen, op hun rug. Dat lijkt iets minder recreatief voor de ezel, het ziet er meer uit als werken. En dat sluit goed aan bij het boek dat ik deze week las 'Reizen met een ezel in de Cevennen', of in het Engels: 'Travels with a Donkey in the Cévennes', van de 19e eeuwse, Schotse, schrijver Robert Louis Stevenson.
Stevenson zou later wereldberoemd worden met romans als 'Schateiland' en 'Dr Jekyll en Mr Hyde', maar zover was het in 1878 nog niet. Stevenson had net een ongelukkige liefdesaffaire achter de rug en was naar het zuiden van Frankrijk verhuisd om te herbronnen, zoals we dat nu zouden noemen. Volgens Wikipedia was zijn zwakke gezondheid ook een reden, maar daar blijkt in zijn boek weinig van. Hij wandelde, zonder problemen, ruim 200 kilometer in 12 dagen.
Nou, ja, niet helemaal zonder problemen. Modestine, de ezel die hij koopt, blijkt een eigen wil te hebben en omdat hij zich er aanvankelijk maar moeilijk toe kan zetten om het dier met geweld tot lopen te dwingen, schiet hij de eerste dagen niet erg op. En hij heeft zijn ezel hard nodig, want zijn kampeeruitrusting is niet bepaald lichtgewicht.
Speciaal voor zijn tocht heeft Stevenson een, met schapenvacht gevoerde, slaapzak laten maken, die tegelijk dienstdoet als plunjezak. Zo'n trektocht maken was toen nog heel ongebruikelijk, dus er waren geen kooktoestellen, olielampen en pannen voor kampeerders. En hij moest ook proviand meenemen, voor zichzelf en de ezel.
Hij begint zijn tocht in Le Monastier-sur-Gazeille, een dorpje dat nu nog bekend staat als het startpunt van de Stevenson route. Hij slaapt niet elke nacht in zijn slaapzak, onder de sterren, maar doet ook een paar herbergen aan en logeert in het trappistenklooster Notre-Dame-des-Neiges. Het landschap is onherbergzaam, rotsachtig, woest en onoverzichtelijk, waardoor hij, op een dag, na een dwaaltocht, voor de tweede keer hetzelfde dorp binnen wandelt.
Het eind van zijn tocht gaat door de vallei van de Tarn en daar ben ik, met mijn vrouw aan het stuur van de Fiat 500, meer dan 20 jaar geleden ook door gereden. Een indrukwekkend landschap van roodbruine rotsen, waar het riviertje de Tarn een soort kleine Grand Canyon in uitgesleten heeft.
Wat ik niet wist, maar nu wel dankzij Stevenson, is dat daar rond 1700 een godsdienstoorlog is uitgevochten. Lodewijk de veertiende, die zelf katholiek was, probeerde met geweld de protestantse 'Camisards' eronder te krijgen. De Camisards, zo genoemd vanwege de witte hemden die ze droegen, vochten terug.
Stevenson schrijft dat al het moorden en brandstichten uiteindelijk niets heeft opgeleverd. De meerderheid van de bevolking is nog steeds protestants, al leefden ze, 150 jaar na de gewelddadigheden, wel vreedzaam samen met de katholieke minderheid.
Het boek van Stevenson is, volgens Wikipedia, een van de eerste in het buitensportgenre. In de tweede helft van de 20ste eeuw werd zijn tocht steeds vaker nagevolgd door moderne wandelaars. Soms ook met ezel. Er zijn schrijvers die daar weer boeken over hebben geschreven en er zijn films gemaakt over de tocht.
Stevenson zelf stapt aan het eind van zijn reis op een postkoets om weer in de bewoonde wereld te komen. Zijn ezeltje heeft hij dan verkocht. Tot zijn eigen verrassing mist hij haar ineens en barst in tranen uit.
'Reizen met een ezel in de Cevennen', is als paperback en e-book te koop, in vertaling en in het Engels. Het is ook gratis te downloaden bij Project Gutenberg.






