zondag 5 juli 2020

Ouderdom komt met een leesbril


Okee, jullie mogen het nu wel weten: Ik ben inmiddels 60-plus en zie geen steek meer zonder leesbril. Ik heb er bijna de hele dag één op mijn neus terwijl een tweede, met een andere sterkte, aan een koordje om mijn nek hangt.

Het is niets om je zorgen over te maken, het overkomt vrijwel iedereen bij het ouder worden. Afgelopen week was ik nog even bij onze culturele dorpsvereniging, om een kopje koffie te drinken met de huismeester, een goede vriend van ons. Hij is 5 jaar jonger dan ik maar heeft ook een leesbril. Hij draagt hem op zijn voorhoofd als hij niets hoeft te lezen en maakt me een compliment voor mijn nekkoordjes.

'Veel netter,' vond hij. Vooral omdat hij die bril op zijn voorhoofd, waar nog wel veel meer haar op groeit dan op het mijne, nog wel eens vergeet. Dat wil zeggen dat hij dan naar buiten loopt en op de fiets springt en zich na een kwartiertje afvraagt of hij zijn leesbril misschien vergeten is. Terwijl die al die tijd gewoon tussen zijn haren zit.

Ik ben aan de leesbril begonnen omdat ik, vooral 's avonds, moeite kreeg met lezen. De letters in boeken en op beeldschermen leken steeds kleiner te worden. Voor een paar euro kocht ik mijn eerste brilletje. Of zou ik er eerst één van mijn vrouw geprobeerd hebben ? Dat weet ik niet meer.

Toevallig lees ik momenteel, met mijn leesbril, een boek – 'The Invention Of Fire' van historicus Bruce Holsinger – dat zich afspeelt in de middeleeuwen. In die tijd was de leesbril nog een nieuwigheid. De hoofdpersoon in het boek is een ouder wordende dichter die problemen krijgt met lezen en door een arts een bril krijgt voorgeschreven. De openbaring die dat voor hem is wordt treffend beschreven.

Wat voor mij ook een mooi moment was, een paar jaar geleden, was de verjaardag van mijn moeder. Het kan ook de verjaardag van mijn vader zijn geweest. Het vorderen van de leeftijd gaat ook gepaard met vergeetachtigheid, dus dat soort details zijn vaak wat vaag. Er zouden eigenlijk leesbrillen voor het geheugen moeten worden uitgevonden. Maar dat terzijde.

Voor die verjaardag kwam uiteraard de hele familie samen en er was, voor de gelegenheid, een gedicht geschreven waar alle kinderen een deel van zouden voordragen. We stelden ons naast elkaar op en allemaal haalden we een leesbrilletje tevoorschijn. Dat was een ontroerend moment.

Ondertussen heb ik al niet meer genoeg aan één brilletje. Mensen met geld laten zich dan een varifocusbril aanmeten. Dat is een bril met verschillende sterktes in één glas. Of eigenlijk in alle twee de glazen. Behoorlijk duur, maar het gaat ook heel goed met twee brilletjes van samen twee euro. Varifocus voor een prikkie.

Ik heb nog een poosje, omdat mijn ene oog wat anders kijkt dan mijn andere, een brilletje gebruikt met maar één glas. Maar inmiddels is dat ene oog net zo beroerd, dus gebruik ik nu twee complete brilletjes, soms zelfs over elkaar heen.

Maar mij hoor je niet klagen. Het is echt geen samenzwering tegen de oudere mens, het hoort er gewoon bij. Het schijnt dat je na verloop van tijd beter gaat zien op afstand, maar daar heb je bij het lezen weinig aan. Als je je boek aan de andere kant van de kamer moet leggen om het te kunnen lezen, loop je je rot om de pagina's om te slaan.

Niets aan te doen. Dan maar één of meer leesbrillen. Zo is het leven. En laten we blij zijn dat er geen andere lichaamsonderdelen zijn die zo hard slijten als de ogen. Stel je voor dat iedereen kunsthanden of voeten zou moeten gaan dragen. Zo erg is het nog helemaal niet, hoor, zo'n leesbril...



De Strip is gemaakt door de Stripman zelf

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 en deel 4 van dit verhaal...

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 28 juni 2020

Soestdijk terug naar het rijk ?


Het is al een tijdje terug dat ik nog eens iets schreef over Paleis Soestdijk. Meer dan een jaar, om precies te zijn. Ondertussen ben ik er zelf nog op bezoek geweest - samen met mijn vrouw en kleine D – en heb ik met eigen ogen kunnen zien dat het allemaal best meeviel met de verpauperde staat van het interieur.

Het is geen groots gebouw met weelderig ingerichte zalen, de één nog mooier dan de ander. Maar toch best een amusant geheel, met hier en daar een aardig kunstwerk, een herinnering aan de vroegere bewoners, of een leuk detail in de keuken, of kelder.

Toch zijn er vergaande plannen met het gebouw en de omgeving. Want de boel is een aantal jaren geleden door het rijk verkocht aan een commercieel bedrijf en dat moet nu niet alleen het geheel onderhouden, maar ook nog winst maken.

Het is volgens mij een liberale denkfout dat het bedrijfsleven alles beter zou kunnen dan de overheid. Het aardige van een overheidsdienst is dat die geen winst hoeft te maken en dus minder wilde dingen hoeft te doen om, zoals hier, een belangrijk cultuurhistorisch monument in stand te houden.

Een bedrijf moet luxe villa's en een hotel in het bos bouwen, een parkeerplaats aanleggen, stukken verhuren aan andere bedrijven en evenementen organiseren. Zoveel zelfs dat vorig jaar de Gemeente Baarn, waar het paleis bij hoort, dwars ging liggen. Het oorspronkelijk plan werd steeds maar weer verder uitgebreid, de villa's zouden nu al flatgebouwen worden. Dat ging te ver.

Daarop stapte de directeur van het paleis op en onlangs las ik dat één van de leden van de klankbordgroep boos is weggelopen. Die klankbordgroep was opgericht om te proberen de nieuwe eigenaar, gemeente en omwonenden op één lijn te krijgen.

Ondertussen kregen wij regelmatig post over het paleis. Of we weer op een voorlichtingsbijeenkomst willen komen ? Of we een gratis kaartje wilden om de overlast te compenseren ? Of misschien de raadsvergaderingen bij willen wonen ?

Deze week lag er een folder in de bus van een aantal verontruste organisaties, met als kop: 'Soestdijk terug naar het rijk ?' Daarin wordt een toekomst geschetst met 15 meter hoge appartementenblokken in het bos, een pretpark voor onze deur, files op de doorgaande weg, want 700.000 bezoekers per jaar en wekelijks evenementen met versterkt geluid.

Dan is het gedaan met 'onze vorstelijke groene omgeving, met schone lucht, rust en ruimte...', schrijven ze. Dat zou inderdaad niet best zijn. Hoewel die autoweg voor het paleis nu ook al behoorlijk druk is en het best grappig is om concerten te kunnen volgen door de balkondeuren open te zetten.

Maar goed. De feestende mens dreigt Soestdijk te overspoelen. Om gelukkig te zijn moet die vakantie vieren, festivals bezoeken, in de zweefmolen zwieren en op terrassen zitten. Waar dat nog niet kan moet dat snel mogelijk worden gemaakt, want zo wordt een mooie plek rendabel.

Gelukkig zijn er ook dwarsliggers – en worden we tijdelijk geholpen door het coronavirus. De tegenstemmen hebben zich verenigd in Stichting de Parel van Baarn, StichtingBehoud van de Eemvallei, Vereniging Vrij Polderland, Vrienden van het Borrebos en Buurtcollectief Baarn-Soest. Die roepen ons op om onze bezwaren kenbaar te maken aan de gemeenteraad van Baarn, of zelf te komen inspreken op de raadsvergadering van 1 juli aanstaande.

Ik ben benieuwd of het gaat helpen.

Lees voor meer info dit recente artikel in het AD: Buurt komt in opstand tegen plannen paleis Soestdijk 



De Strip is gemaakt door de Stripman zelf

Klik hier voor deel 1 - deel 2 en deel 3 van dit verhaal...

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 21 juni 2020

De bioblitz


De nationale vlindertelling, de mollentelling, de spinnentelling, de bijentelling. Ik moet zeggen, de meeste laat ik aan me voorbijgaan. Okee, ik doe mee aan de Jaarrond Tuintelling en de jaarlijkse Tuinvogeltelling, maar daar blijft het wel bij. De kans dat ik op mijn balkon een mol tegenkom is uiteraard heel klein en zelfs vlinders strijken er maar zeer zelden neer.

Maar goed. De Jaarrond Tuintelling bestaat dit weekend 5 jaar en dat vieren ze met een 'bioblitz'. Wat mag dat dan wel wezen ? De Nederlandse Wikipedia heeft er nog geen pagina aan gewijd, dus vertaal ik even uit het Engels:

'Een bioblitz is een intensief biologisch onderzoek, waarbij in een afgesproken tijd, meestal 24 uur, zoveel mogelijk soorten binnen een bepaald gebied worden geteld. Doorgaans werken professionals en vrijwilligers samen en om het grote publiek erbij te betrekken wordt er vaak geteld in parken of de vrije natuur, vlakbij steden en dichtbevolkte gebieden.'

In het geval van de Jaarrond Tuintelling is het de bedoeling dat iedereen in zijn eigen tuin, of op balkon, een dag lang, zoveel mogelijk dier- en plantensoorten telt. Geen massale activiteit in de vrije natuur dus, maar rustig in je eigen omgeving. Helemaal corona veilig.

Nou dacht ik, aanvankelijk, dat die tuin-bioblitz vandaag gehouden zou worden. Maar ik kwam er gisteren, halverwege de ochtend, achter dat het een dag eerder was. Nou maakt het voor mij niet zo heel veel uit, met 8 vierkante meter balkon en nog een beetje uitzicht er omheen, ben ik redelijk snel uitgeteld.

Desalniettemin kwam ik aan 76 soorten. En dat viel me helemaal niet tegen. Als er nog geen blad aan de bomen had gezeten had ik waarschijnlijk meer vogels geteld. Ik telde nu 16 verschillende soorten en allemaal waren het de gebruikelijke verschijningen in onze buurt.

Ik was behoorlijk blij met 11 verschillende insecten, waaronder 3 wilde bijen, 2 zweefvliegen en 2 wespen. Insecten zijn moeilijker te tellen, want ze zijn klein en bewegen snel en er zijn zoveel verschillende soorten dat het herkennen vaak ook een probleem is. Soms sla ik er maar een slag naar, maar dat hoeft verder niemand te weten.

Twee slakkensoorten was ook leuk, maar de grote klapper waren 47 plantensoorten waarvan er meer dan 30 op onze eigen twee balkonnetjes. Dan loont het eens echt de moeite dat ik alle onkruidjes, in de bloempotten, lekker laat groeien.

Halverwege de dag gaf de website van de Tuintelling door dat er meer dan 1000 soorten geteld waren, door alle deelnemers samen. 's Avonds om half elf stond het totaal op 2.463 soorten. Leuk, natuurlijk, alleen hebben jullie daar allemaal niet veel aan. Ik dacht eerst dat ik een leuke tip door kon geven, maar omdat het al gisteren was, is de telling nu afgelopen.

Uitslagen kan ik jullie verder ook niet geven want, omdat de tellingen nog de hele dag ingevoerd mogen worden, komen de resultaten niet eerder dan morgen. Sorry dus. Als jullie een volgende keer mee willen doen is het misschien verstandig om je nu vast op te geven bij de Jaarrond Tuintelling, dan zijn jullie de volgende keer niet van mij afhankelijk.


De Strip is gemaakt door de Stripman zelf

Klik hier voor deel 1 en deel 2 van dit verhaal...

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 14 juni 2020

Wat een onzin !



Je moet natuurlijk oppassen dat je niet alles gaat beoordelen met je eigen ervaringen als maatstaf. Ik hoor en zie de laatste tijd veel onderwerpen voorbijkomen in het nieuws waarvan ik denk: 
Wat een onzin !

De vraag wanneer we weer naar het buitenland op vakantie kunnen, bijvoorbeeld. Alsof er geen belangrijkere dingen zijn. Ik ben al zeker 15 jaar niet meer naar het buitenland geweest en het laatste binnenlandse tripje is ook al jaren geleden. Maar ja, dat komt door mijn gezondheids-toestand. Al moet ik zeggen dat ik het niet echt mis. Het belang van vakantiereisjes wordt erg overschat, denk ik dan.

Of het uitgaan, naar kroegen, concertzalen, theaters en festivals. Tsjonge wat een belangrijke activiteit. Heb ik ook al jaren niet meer gedaan. De laatste keer was een filmvoorstelling in het plaatselijke filmhuis. Daar was ik ooit actief medewerker van en ze hadden een jubileum te vieren. Het was een mooie film, maar ik ben in de pauze naar huis gegaan. Dat mis ik dus ook niet echt.

Wat dacht je van een bezoek aan de kermis ? Of een ballonvaart ? Uitbaters van dat soort vertier waren, al klagend, te zien in het TV-journaal. Heb ik daar behoefte aan ? Welnee, allemaal onzin.

Dat de kinderen niet naar school konden, vanwege het virus, dat was toch wel erg ? Nou... als kind was ik er maar wat blij mee geweest. Vooral als middelbare scholier. Ik ben bijna met terugwerkende kracht jaloers op de jongeren van nu. Maanden niet naar school mogen...! Wauw !

Maar de kinderen lopen wel een achterstand op ! Zou het ? Toen ik 9 jaar was heb ik een maand of 4 in het ziekenhuis gelegen met een gecompliceerde beenbreuk. Een jaar later maakte ik een CITO-test en haalde de op één na hoogste score van de klas.

In het ziekenhuis kreeg ik ook wel een beetje les, maar de technische mogelijkheden van nu waren er toen nog niet. Er kwam een paar keer per week een mevrouw langs die wat opdrachtjes gaf. Verder vermaakte ik me door de 'Scheepsjongens Van Bontekoe' te lezen.

Niks geen achterstand, dus. En op de middelbare school heb ik zoveel gespijbeld... Maar goed, een mooie CITO-score is geen garantie voor een geslaagde schoolloopbaan. Maar die heb je ook niet echt nodig om later toch redelijk gelukkig te worden. Ik was zelfs op weg om een soort van carrière op te bouwen, voor de gezondheidsproblemen de kop op staken.

Allemaal onzin ! Behalve de Black Live Matters protesten. Daar had ik waarschijnlijk aan meegedaan, als ik wat jonger en fitter was geweest. Hoewel ik zelf nooit last gehad heb van discriminatie. Ik ben nooit uitgescholden vanwege mijn huidskleur. Wel omdat ik lang haar had, als één van de eersten in ons dorp. Maar daarvan wist ik dat het uit jaloezie gebeurde.

Ondertussen zijn er ook andere belangrijke dingen. De mezen hebben jongen en die voeren ze op mijn balkon. De spechten komen pinda's halen. De margrieten staan in bloei, de metselbijtjes zijn aan het metselen. Maar daarover zie je dan weer niets in het TV-journaal...



De Strip is gemaakt door de Stripman zelf

Klik hier voor deel 1 van dit verhaal...

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 7 juni 2020

Pieter en hoe het verder ging


De culturele dorpsvereniging werd in de jaren '60 opgericht door de plaatselijke kunstenaars. Er was niet veel cultureels te beleven in het dorp, afgezien van een fanfare, de bibliotheek en de jaarlijkse gildefeesten. Maar die waren vooral voor het katholieke volksdeel. De kunstenaars wilden een modern alternatief, jazzmuziek, de kunst van nu.

Aanvankelijk was er een strenge ballotage. Je kon niet zomaar lid worden, je moest aantonen wat voor cultureels je bij zou kunnen dragen. Ik ken mensen, die later heel lang en actief lid van de vereniging zijn geweest, maar die in de beginjaren niet toegelaten werden. Zelf heb ik zoiets niet meer meegemaakt, de regels werden gaandeweg heel wat soepeler.

Pieter zag er best artistiek uit, met zijn donkere jasje, lange lokken en zomer en winter een sjaal. Maar hij was geen kunstschilder, geen schrijver, dichter of fotograaf. Ik heb hem wel eens in de weer gezien met een saxofoon, maar dat was geen succes. Hij werd bij het spelen gehinderd doordat hij zijn rechter ringvinger kwijt was. 'Met mijn trouwring aan een vrachtwagen blijven hangen', was het verhaal.

Hij had met zijn frisse rode kop en werkmanshanden meer weg van een Franse wijnboer. Ik vraag me af of hij niet ook een poosje met een pet rondliep ? In ieder geval had dat wel bij hem gepast. Wie weet als we geen culturele dorpsvereniging hadden gehad ? Een Frans kasteel opknappen moet wel wat voor hem zijn geweest, Chateau Pieter...

Maar om te zeggen dat Pieter geen artiest was is ook niet waar. Hij was in ieder geval creatief als het om verbouwingen ging en om het zoeken van oplossingen die weinig geld kostten. Hij was nu eenmaal praktisch ingesteld. 'Je moet nooit met lege handen naar de keuken lopen, zei mijn moeder altijd.' Waarmee hij bedoelde dat als je dan toch aan het lopen bent je net zo goed iets mee kunt nemen.

Hij vond dat hij voorwaarden moest scheppen waar andere, creatievere leden, gebruik van konden maken. Hij kon erg genieten van een geslaagde avond, met goeie live-muziek en een borrel achteraf. En met zijn daadkracht gaf hij de aanzet tot een professionelere aanpak van de activiteiten binnen de vereniging. Dat begon bij het filmhuis, de filmzaal en de projectieruimte, maar daarna nam hij de bar onder handen.

Van café de Rode Haan, dat gesloten werd en zou worden gesloopt, wist hij een deel van de tapkast en de tapinstallatie te bemachtigen. Voor het eerst kon er in de vereniging een vers getapt biertje worden genuttigd !

We hebben samen de door waterschade beschadigde gipsplaten van het plafond van de grote zaal gerepareerd. Pieter balancerend op de bovenste trede van de ladder, omdat ik liever op de begane grond bleef. En zo ging het door. Terwijl anderen nog zaten te vergaderen, over hoe een klus aangepakt zou moeten worden, had hij zijn mouwen al opgestroopt.

Naast het filmhuis en de soos behartigde Pieter ook de ledenadministratie en nam hij, toen ik het te druk kreeg met bestuurstaken, het clubblad van me over. Ook daar voerde hij vernieuwingen en verbeteringen door. Van een gestencild blaadje, dat in de opmaak-fase met plakbandjes aan elkaar geplakt werd, veranderde het blad in een keurig gedrukt periodiek, met computer gestuurde lay out.

Hij was een fan van mijn teken- en schrijfwerk. Ik was er ooit mee begonnen om het clubblad wat vrolijker te maken. Ook eens een verhaal dat niet te maken had met een verenigingsactiviteit. Pieter bleef mijn bijdragen plaatsen, jaren en jaren nadat ik mijn overige werkzaamheden had gestaakt. Er moeten op het laatst genoeg leden zijn geweest die zich afgevraagd hebben wat die Jan toch in hun verenigingsblad deed.

Maar ik dwaal af. Terug naar Pieter. Er zullen mensen zijn die zich overdonderd voelden, door al zijn daadkracht en misschien zelfs gepasseerd, omdat Pieter steeds het voortouw nam. Maar zoals hij zelf zei: 'Iemand moet de kar trekken.' En als Pieter er niet geweest was vraag ik me af wie de vereniging dan wel door de moeilijke jaren 80 en 90 had getrokken.

Rond de eeuwwisseling moest ik, door gezondheidsproblemen ophouden met het verenigingswerk. We hadden een aantal jaren weinig contact. Tot ik hem weer eens aan de telefoon sprak en hij vertelde dat hij ernstig ziek was geweest. Het had er een tijdje slecht uit gezien, maar uiteindelijk herstelde hij.

Hij was intussen verhuisd, met zijn tweede vrouw Corry, naar een ruime woning aan de Molenstraat. Daar moest wel flink verbouwd worden, natuurlijk. De weinige keren dat ik er kwam – ik kwam nergens meer zo vaak, maar dat lag aan mijn eigen lichamelijke toestand – was het altijd even gezellig en de omgang ouderwets vriendschappelijk.

Om één of andere reden heb ik zijn 60ste verjaardag gemist, of misschien was ik er wel bij, maar heb ik er niets van onthouden. Herinneringen zijn rare dingen. Bij zijn 70ste en 80ste waren Elly en ik in ieder geval van de partij. Gaandeweg moest Pieter stappen terugdoen en zijn activiteiten voor de culturele vereniging aan anderen overdragen. Het huis op de Molenstraat werd te groot, de tuin te bewerkelijk. Met Corry verhuisde hij naar een flat in het Veen.

Die nieuwe woning lieten ze verbouwen en in de tussentijd woonden ze een poosje in een huisje in een bungalowpark, in het buitengebied van Soest. Daar zijn Elly en ik een paar keer op de koffie geweest. Ook in de nieuwe flat hebben we ze nog bezocht, maar toen ging het met de gezondheid van Pieter al niet zo best.

De laatste keer dat ik hem zag kwam hij bij ons, met Corry, om naar het concert van Blöf in de tuin van Paleis Soestdijk te luisteren. Dat was redelijk te volgen als wij onze balkondeuren open zetten, maar we waren natuurlijk veel te druk in gesprek om er echt naar te luisteren.

Uiteindelijk moesten we hem uitzwaaien zonder echt afscheid te hebben kunnen nemen. Maar ik wil niet droevig eindigen, daarvoor hebben we teveel mooie tijden meegemaakt. En als er een hemel is voor ongelovigen dan heeft Pieter vast zijn mouwen al opgestroopt, want ook daar zijn waarschijnlijk wolken die hoognodig verbouwd moeten worden, of wel wat technische verbeteringen kunnen gebruiken. 

Dit verhaal is een vervolg op: Pieter en de goeie ouwe tijd



De Strip is gemaakt door de Stripman zelf

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van het vorige verhaal. 

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 31 mei 2020

Pieter en de goeie ouwe tijd


Toen ik, halverwege de jaren '80, lid werd van onze culturele dorpsvereniging stortte ik me er ook meteen goed in. Ik ging naar de soosavond op vrijdag, naar de filmvoorstelling op donderdag, ik was bij iedere tentoonstelling die geopend werd en werd lid van de muziekwerkgroep, zodat ik bij elk concert aanwezig was.

Ik maakte snel vrienden, maar Pieter was daar aanvankelijk niet bij. Hij was coördinator van de film-werkgroep, maar ook bezig met een opleiding. Daardoor kwam hij soms, na afloop van de film, even binnen vallen, maar was hij verder niet zo erg aanwezig.

Dat veranderde toen hij klaar was met zijn studie. Er was een periode waarin hij werkeloos was – of tussen twee banen in – en ik problemen op mijn werk had. Om te voorkomen dat ik thuis met mijn kop tegen de muur ging zitten bonken ging ik vrijwel dagelijks naar het verenigingsgebouw, een 19e eeuws klooster, om Pieter te helpen met allerlei klussen.

Pieter was twintig jaar ouder dan ik, op de meeste vlakken veel meer ervaren, dus ik had er geen probleem mee dat hij de leiding nam. Ik gaf welgemoed het gereedschap aan, hield planken vast, terwijl hij stond te zagen of te boren en zette koffie, of haalde krentenbollen bij bakkerij van Senten, om de hoek.

Ik was erbij toen Pieter zijn 50ste verjaardag vierde. In het piepkleine huisje aan de Parklaan, vlakbij station Soest-Zuid. Een handige locatie want je kon je fiets in zijn tuin stallen, als je met de trein mee moest. Hij was op dat moment een gescheiden vader van drie dochters. Meestal vrijgezel, hoewel er wel eens een blonde vrouw om hem heen hing, die de hele dag met een hoedje op rondliep.

Pieter's woninkje bestond uit één kamer, met een puntdak erop. Onder dat dak, op zolder, was het slaapvertrek. De woonkamer had een houtkachel in de hoek. Aan één kant, met uitzicht op de helemaal dichtgegroeide tuin, was een serre aangebouwd, die hij als kantoortje gebruikte.

Aan de andere kant was een keukentje, ook in een aanbouw. Oorspronkelijk was er geen badkamer, Pieter had zelf een douche aangelegd. Hij had daarvoor de voordeur dichtgetimmerd, maar dat gaf niet, iedereen kwam toch binnen via de keuken.

Van zijn verjaardagsfeest herinner ik me niet heel veel, behalve dat het huis uitpuilde van de vrienden en familie en ik ergens in een hoekje op de grond zat, bij gebrek aan een stoel. Het hoogtepunt van het feest was de uitreiking van een wisseltrofee, die de mannelijke verenigingsleden aan elkaar doorgaven, als ze 50 jaar werden.

Omdat er meer van dat soort gezellige bijeenkomsten waren, waar wel eens wat meer gedronken werd dan verstandig was, bouwde Pieter een uitschuifbare slaapplaats, achterin zijn blauwe besteleend. 'Het was een Acadiane, Jan', hoor ik hem zeggen. Hoe dan ook, als hij er in wilde overnachten moest hij de deurtjes open laten, maar dat was goed voor de ventilatie.

Het zal rond 1990 zijn geweest dat Pieter besloot dat de filmzaal verbouwd moest worden. De rest van zijn werkgroep was daar niet ten volle van overtuigd, dus op een zeker moment ontdekte ik dat hij zo ongeveer in zijn eentje bezig was. Ik ging helpen en later kwamen er nog wat andere leden een handje toesteken.

Het was echt niet alleen zagen en timmeren en schilderen, er was ook tijd voor gezelligheid. Er werd eten gekookt, er was een glas wijn, een biertje, of voor Pieter een jonge klare – Ketel 1 – op zijn tijd, of we gingen eten bij de Griek aan de overkant. En er was ook zo nu en dan een serieus gesprek. Pieter rookte daar dan filtersigaretten bij die hij zelf maakte, door hulzen te vullen met een handig schuifapparaatje, uit een groot blik shagtabak.

En er waren uitstapjes. Weekenden in Gent, op de Veluwe en Goeree-Overflakkee, met andere leden van het filmhuis en de sooswerkgroep. En allerlei feestjes, verjaardagen en barbecues. Pieter was niet altijd overal aanwezig, maar als hij er was was hij een gezellige gast. Waar anderen nog wel eens uit de bocht vlogen, teveel dronken, of ruzie maakten, kan ik me van hem geen incident herinneren.

Het enige voorval dat me bijstaat was toen we, tegen het eind van de zomerstop, de soos in orde wilden maken en constateerden dat een deel van het meubilair, een aantal lage stoeltjes, verdwenen was. Pieter herinnerde zich dat C., één van de verenigingsleden, ze geleend had voor een kinderfeestje en vroeg mij om hem op te bellen.

Er ontstond een hilarisch telefoongesprek waarbij Pieter mij voorzei wat ik tegen C. moest zeggen. Ik gaf trouwhartig Pieters opmerkingen door, die steeds stekeliger werden, terwijl C., aan de andere kant, zich meer en meer beledigd voelde. Maar de stoeltjes kwamen niet meer terug, die hadden de hele zomer buiten in de regen gestaan.

Toen de filmzaal af was vormden Pieter en ikzelf, met Elly – die later mijn vrouw zou worden – en de inmiddels overleden Fred Schilder, de nieuwe filmhuis-werkgroep. Pieter leerde me hoe ik films moest projecteren en later ook monteren. Want bij een vernieuwde zaal hoorde ook een nieuwe projector, waarvoor hij een 'long player' bouwde.

Zo sleepten we het filmhuis door een moeilijke periode heen, want niet alleen de oude werkgroepleden gaven er de brui aan, het publiek bleef ook weg. Ik hoorde dat er nu, vanwege het coronavirus, 'maar 20 bezoekers' tot de filmvoorstellingen toegelaten worden. 20 man publiek ! Daar zouden we toen dolblij mee zijn geweest.


Wordt vervolgd...



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 en deel 9 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 24 mei 2020

De pimpelmezen zijn uitgevlogen !


Ja, die jonge pimpelmees zat echt op mijn hand. Hij of zij had ook helemaal geen haast om te vertrekken. Jonge vogels zijn niet zo schuw, die weten nog niet dat de mensheid niet te vertrouwen is. Nou ja, sommige leden van de mensheid dan, want ik denk dat heel veel mensen hetzelfde zouden hebben gedaan als ik.

Maar laat ik bij het begin beginnen en dat was het nieuwe nestkastje, van houtbeton, dat ik vorig jaar op het balkon hing. Het oude houten kastje begon uit elkaar te vallen en dit, zeer stevige, nieuwe exemplaar zou weer jaren mee moeten gaan.

Het eerste seizoen keek er geen vogel naar om. Dat was op zich niets bijzonders, want de afgelopen tien jaar was het maar een paar keer raak op ons balkon. Het ging daarnaast ook nog een paar keer mis. Dode mezen in het nestkastje, of een nestje met alleen een niet uitgebroed eitje.

In het vroege voorjaar van dit jaar zag ik regelmatig drie pimpelmezen rondvliegen, in de bomen aan de overkant van de straat. Eén van de drie kwam zo nu en dan naar het balkon om de nestkast te inspecteren. Hij of zij vloog zelfs vrij regelmatig heen en weer. Maar ik dacht: met één vogel zal het wel niks worden.

Toen zag ik er ineens twee op het balkon. Zou het dan toch ? Enige tijd later was het er toch weer één. Maar die begon wel steeds regelmatiger heen en weer te vliegen. Tot ik een paar weken geleden vrij zeker was: er zaten jonge mezen in het kastje. Vader of moeder bracht voedsel aan.

Ik bleef het natuurlijk nauwgezet volgen, maar durfde nog niet te juichen. Als er maar één pimpelmees aan het voeren was, zou het dan wel goed gaan ?

Ik probeerde in te schatten wanneer de jongen uit zouden kunnen gaan vliegen en berekende dat dat misschien vorig weekeinde zou kunnen zijn. Uiteindelijk werd het de donderdagmiddag daarna. De blijde gebeurtenis werd aangekondigd door kuikens die met hun kopje uit het nestkastje hingen, terwijl moeder nog met de laatste rupsen aan kwam vliegen.

Hoeveel er precies in het nest zaten weet ik niet. Ik heb er vier zien vertrekken. Eén van de laatsten landde in het voederhuisje, op de hoek van het balkon. Dat werd door de kauwtjes gebruikt om afval uit hun nest te dumpen, dus erg fijn was het daar niet. Ik besloot de jonge mees maar even op weg te helpen, voor er een ekster of kauw langs zou komen.

Eigenlijk verwachtte ik dat mijn verschijning wel genoeg zou zijn, om het mezenkuiken aan te sporen, om naar de bomen aan de overkant te vliegen. Maar het diertje bleef rustig zitten tussen het kauwtjesafval. Ik pakte het voorzichtig op en kon het op mijn gemak fotograferen terwijl het op mijn hand zat.

Uiteindelijk zette ik het in het blauwebessenstruikje aan de balkonrand. Ik moest het vogeltje van mijn hand afduwen. Het bleef een poosje op een takje zitten en vloog daarna toch maar naar de overkant, naar de rest van de mezenfamilie.

Ik heb ze sindsdien niet meer teruggezien.

Het uitvliegen van één van de meesjes heb ik kunnen filmen. 

Foto's van de mezen staan hier en hier op twitter en ook op facebook



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 en deel 8 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men