zondag 24 mei 2020

De pimpelmezen zijn uitgevlogen !


Ja, die jonge pimpelmees zat echt op mijn hand. Hij of zij had ook helemaal geen haast om te vertrekken. Jonge vogels zijn niet zo schuw, die weten nog niet dat de mensheid niet te vertrouwen is. Nou ja, sommige leden van de mensheid dan, want ik denk dat heel veel mensen hetzelfde zouden hebben gedaan als ik.

Maar laat ik bij het begin beginnen en dat was het nieuwe nestkastje, van houtbeton, dat ik vorig jaar op het balkon hing. Het oude houten kastje begon uit elkaar te vallen en dit, zeer stevige, nieuwe exemplaar zou weer jaren mee moeten gaan.

Het eerste seizoen keek er geen vogel naar om. Dat was op zich niets bijzonders, want de afgelopen tien jaar was het maar een paar keer raak op ons balkon. Het ging daarnaast ook nog een paar keer mis. Dode mezen in het nestkastje, of een nestje met alleen een niet uitgebroed eitje.

In het vroege voorjaar van dit jaar zag ik regelmatig drie pimpelmezen rondvliegen, in de bomen aan de overkant van de straat. Eén van de drie kwam zo nu en dan naar het balkon om de nestkast te inspecteren. Hij of zij vloog zelfs vrij regelmatig heen en weer. Maar ik dacht: met één vogel zal het wel niks worden.

Toen zag ik er ineens twee op het balkon. Zou het dan toch ? Enige tijd later was het er toch weer één. Maar die begon wel steeds regelmatiger heen en weer te vliegen. Tot ik een paar weken geleden vrij zeker was: er zaten jonge mezen in het kastje. Vader of moeder bracht voedsel aan.

Ik bleef het natuurlijk nauwgezet volgen, maar durfde nog niet te juichen. Als er maar één pimpelmees aan het voeren was, zou het dan wel goed gaan ?

Ik probeerde in te schatten wanneer de jongen uit zouden kunnen gaan vliegen en berekende dat dat misschien vorig weekeinde zou kunnen zijn. Uiteindelijk werd het de donderdagmiddag daarna. De blijde gebeurtenis werd aangekondigd door kuikens die met hun kopje uit het nestkastje hingen, terwijl moeder nog met de laatste rupsen aan kwam vliegen.

Hoeveel er precies in het nest zaten weet ik niet. Ik heb er vier zien vertrekken. Eén van de laatsten landde in het voederhuisje, op de hoek van het balkon. Dat werd door de kauwtjes gebruikt om afval uit hun nest te dumpen, dus erg fijn was het daar niet. Ik besloot de jonge mees maar even op weg te helpen, voor er een ekster of kauw langs zou komen.

Eigenlijk verwachtte ik dat mijn verschijning wel genoeg zou zijn, om het mezenkuiken aan te sporen, om naar de bomen aan de overkant te vliegen. Maar het diertje bleef rustig zitten tussen het kauwtjesafval. Ik pakte het voorzichtig op en kon het op mijn gemak fotograferen terwijl het op mijn hand zat.

Uiteindelijk zette ik het in het blauwebessenstruikje aan de balkonrand. Ik moest het vogeltje van mijn hand afduwen. Het bleef een poosje op een takje zitten en vloog daarna toch maar naar de overkant, naar de rest van de mezenfamilie.

Ik heb ze sindsdien niet meer teruggezien.

Het uitvliegen van één van de meesjes heb ik kunnen filmen. 

Foto's van de mezen staan hier en hier op twitter en ook op facebook



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 en deel 8 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 17 mei 2020

Wie was de Screaming Nighthawk ?


De pimpelmezen, in het nestkastje op het balkon, zijn nog niet uitgevlogen. Dus ga ik het over een vreemde vogel hebben, de Screaming Nighthawk.

Laat ik maar meteen zeggen dat Theodore Roosevelt 'Screaming Nighthawk' Jefferson een romanfiguur is, ontsproten aan de fantasie van schrijver Peter Guralnick. Maar Guralnick is vooral bekend om zijn boeken over bestaande muzikanten. Hij schreef een mooie trilogie over de Blues, Country & Western en Soul, zijn tweedelige biografie van Elvis Presley wordt alom geprezen. Dus misschien zit er waarheid achter de fantasie ?

Het is een beetje bij toeval dat ik onlangs zijn roman 'Nighthawk Blues', als goedkoop e-book, tegenkwam. Fictie dus, maar gebaseerd op de ervaringen en kennis, die Guralnick opdeed in zijn omgang met echte muzikanten.

Heel in het kort gaat het boek over de oude blueszanger 'Hawk' Jefferson, die ooit in het zuiden van de VS bekend stond als de 'Screaming Nighthawk'. In de jaren '60 wordt hij herontdekt door drie jonge, blanke bluesliefhebbers. Eén daarvan, Jerry Lipschitz, wordt zijn manager.

Het perspectief, van waaruit het verhaal verteld wordt, wisselt tussen Hawk en Jerry en springt heen en weer in de tijd. De jeugd van Hawk, het hilarische verslag van zijn ontdekking, een auto-ongeval en de gezondheidsproblemen die Hawk daarna heeft en de terugkomst in zijn geboorteplaats, voor wat misschien zijn laatste optreden wordt.

Het ligt voor de hand dat Guralnick veel van zijn eigen ervaringen in de figuur van Jerry heeft gestopt. Hij was zelf ook ooit een jonge, blanke bluesliefhebber, die misschien op zoek ging naar vergeten blueslegenden. En anders heeft hij dergelijke fans ongetwijfeld vaak ontmoet.

Het ligt ook voor de hand om achter de Screaming Nighthawk de zanger Screaming Jay Hawkins te vermoeden. Maar diens kleurrijke levensverhaal - als weesjongetje opgevoed door indianen, een monsterhit met 'I Put A Spell On You', filmrollen en optredens met griezelattributen waar Alice Cooper en Ozzy Osborne een voorbeeld aan namen – dat lijkt niet op wat Guralnick beschrijft in zijn boek.

Er is een andere en betere kandidaat in de, niet zo heel bekende, blueszanger en gitarist Robert Nighthawk. Die maakte, net als Hawk in het boek, plaatopnamen in de jaren '30 en '40, werd herontdekt in de jaren '60 en had een zoon die later ook bluesmuzikant zou worden. Peter Guralnick schreef bovendien de hoestekst, voor de heruitgave op CD, van het live-album 'On Maxwell Street', van Robert Nighthawk.

Er zijn nog meer overeenkomsten. Maar er zijn ook belangrijke verschillen. De echte Nighthawk stierf een paar jaar na zijn ontdekking en werd nog geen 60 jaar oud. In het boek is Hawk al in de '70 en maakte hij de plaatopnamen en de tournees waar de echte Nighthawk nooit aan toe is gekomen. Je zou 'Nighthawk Blues' dus kunnen zien als een weergave van wat er had kunnen gebeuren, als Robert Nighthawk nog 15 jaar langer geleefd had.

Alles bij elkaar is het een mooi en meeslepend boek. Guralnick weet de sfeer, rond de oude bluesmuzikant, met veel gevoel op te roepen en ook de twijfels waarmee zijn manager Jerry worstelt. Er klinkt rauwe muziek op uit het verhaal, er vloeit whiskey, zweet en een enkele traan en hier en daar gaat er iemand vandoor met de geliefde van een ander.

De op werkelijkheid gebaseerde boeken van Guralnick zijn mooi, maar na lezing van zijn enige roman vind ik het jammer dat hij zich, in de rest van zijn schrijversloopbaan, beperkt heeft tot de feiten. Zo smeuig als 'Nighthawk Blues' heeft hij tot nu toe niet meer geschreven. Voor de paar euro's, die het als e-book kost, is 'Nighthawk Blues' een enorme aanrader.



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 en deel 7 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 10 mei 2020

De tijd vliegt


De merels zingen, de koolmezen laten hun fietspompliedje horen, een houtduif koert. Alweer een week voorbij. Het kan aan mij liggen, maar de tijd lijkt te vliegen.

Er zijn de laatste dagen wat meer vliegtuigen in de lucht, trouwens. En op het nieuws gaat het over vliegtuig-maatschappijen die staatssteun nodig hebben, reisorganisaties die failliet dreigen te gaan en de vraag of we nog op vakantie naar het buitenland kunnen.

Er zijn belangrijkere kwesties, lijkt me. Het aantal mensen dat aan het coronavirus overlijdt neemt af, in ons land, maar er komen nog wel nieuwe besmettingen bij. Dus het virus is nog niet weg.

Ik moet telkens denken aan autogordels. Toen we allemaal onze veiligheidsriem om gingen doen nam het aantal verkeersdoden flink af. Maar toen die mooie cijfers bekend werden zeiden we toch ook niet tegen elkaar: Nu kan die gordel wel weer af ?

Een jaartje niet op vakantie naar een warm land is echt geen ramp. Ik ben al jaren niet op vakantie geweest, zelfs niet naar een koud land. De zomers zijn bij ons de laatste tijd ook knap warm. De huur, of hypotheek, van je huis gaat toch gewoon door. Je tuin, of balkon, heb je niet voor niets opgeknapt. Ga daar dan eens lekker van genieten.

Ondertussen is het wel zeker dat er jonge pimpelmezen in het nestkastje op ons balkon zitten. Ik heb ze nog niet horen piepen, maar er wordt in hoog tempo voedsel aangevoerd. Alleen vraag ik me af of het misschien een éénoudergezin is. Ik zie maar één mees heen en weer vliegen.

Dat hoeft geen ramp te zijn. Als er maar genoeg rupsen aanwezig zijn, kan ook één mees succesvol een broedsel groot brengen. Maar het verhoogt de kans op mislukken wel. Spannend. Misschien vliegen ze komende week uit.

En afgelopen week is Little Richard overleden. Niet aan het virus. Hij was een opmerkelijke man. Ogenschijnlijk vol tegenstrijdigheden, diep gelovig en een extravagante rock & roll zanger. Staand aan de piano, wat makkelijk kon want hij was niet zo groot van stuk, met blikkerende tanden en de blik van een bezetene in zijn ogen, onzinnige teksten uitschreeuwen. Tutti frutti, whap bap a loola, whap bam boom !

Dat waren nog eens tijden. Toen gingen we ook niet elk jaar een paar keer op vliegvakantie. Maar dansten we thuis, bij de platenspeler, op rock & roll... En brachten buiten de pimpelmezen hun jongen groot...



Een paar foto's van de pimpelmezen staan op Twitter...



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 en deel 6 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 3 mei 2020

Zeldzame strips en oude detectives


Hier is alles nog steeds goed, hoor. Geen zieken en geen ernstige andere problemen. De pimpelmezen vliegen regelmatig heen en weer naar het nestkastje, maar ik denk dat er nog geen kuikens zijn uitgekomen. De dropplant is op balkon geknakt door de wind, maar dat was hij vorig jaar ook en toen heeft hij later prachtig gebloeid.

En we vermaken ons ondertussen prima, met af en toe wat gezang en gitaarspel. Ook lees ik vrolijk verder in, meestal, spannende e-boeken. Die ik deels gratis download, omdat ze meer dan 100 jaar geleden geschreven zijn.

Eén van die gratis boeken was van Emile Gaboriau, een Franse schrijver en journalist, die wordt gezien als een pionier van het detectiveverhaal. Ik las een Engelse vertaling van zijn roman 'Gevangen In Het Net', geschreven rond 1860, maar dat viel me niet mee. Het verhaal was nogal langdradig, dus na een bladzijde of 150 vond ik het wel genoeg.

Ik sloeg een flink stuk over en ging naar de laatste paar hoofdstukken, zodat ik in ieder geval zou weten hoe het afliep. Uiteindelijk bleek, op de laatste pagina, dat dit pas deel 1 was van het verhaal, de spannende ontknoping zou komen in het volgende boek. Had ik daarvoor dagen lang, tegen heug en meug, doorgelezen !?

Gelukkig zijn er genoeg boeken die wel leuk zijn. Bijvoorbeeld van een andere vroege detectiveschrijver, Carolyn Wells, een Amerikaanse, die leefde van 1862 tot 1942. Het leuke is dat ze ook teksten schreef voor stripverhalen, die in de kinderbijlage van de krant verschenen. Het loont de moeite om op internet te zoeken naar 'The Adventures of Lovely Lilly'. Mooi tekenwerk, door G. F. Kaber, en leuke verhaaltjes op rijm. 

Het detectiveverhaal dat ik van Wells las heet 'A Chain of Evidence', speelt in New York en verscheen in 1912. Het is een prima boek, hoewel de schrijfster de neiging heeft om de raadselachtige feiten, rondom de moord op een rijke oude man, wat te vaak te herhalen. Opmerkelijk is verder dat ze de vooroordelen van de vroege 20ste eeuw zo getrouw weergeeft.

De vrouwen in haar boek zijn emotioneel en wispelturig, of moederlijk en zorgzaam. De mannen zijn de logische denkers. Het schrilste portret wordt geschetst van het zwarte dienstmeisje, dat beschreven wordt als een, kromtaal brabbelende, malloot. Waarschijnlijk keken de New Yorkers aan het begin van de 20ste eeuw zo tegen hun gekleurde medemensen aan, maar stilletjes hoopte ik in een boek, dat door een vrouw geschreven is, wat meer verlichte ideeën te lezen.

Als je over dit soort ouderwetsigheden heen leest is 'A Chain of Evidence' best een leuk boek, hoor. Grappig is dat pas in de laatste paar hoofdstukken Fleming Stone, de eigenlijke detective, opduikt. Hij weet van wanten want, terwijl iedereen tot dan toe het spoor helemaal bijster was, lost Stone daarna de zaak razendsnel op.

Bij Wikipedia lees ik dat Carolyn Wells op het idee kwam om detectives te gaan schrijven toen ze, in 1897, een verhaal van een andere schrijfster, Anne Katherine Green, hoorde voorlezen. Dat maakte me nieuwsgierig, dus ben ik nu een boek van Green aan het lezen, haar eerste succes, 'The Leavenworth Case'.

Toen het verscheen ontstond er een discussie, schrijft Wikipedia, over de vraag of een vrouw wel in staat kon zijn om zo'n spannend verhaal te schrijven. Green werd later de moeder van het detectiveverhaal genoemd en dat is begrijpelijk als je weet dat haar eerste romans verschenen, 10 jaar voor Sherlock Holmes zijn debuut maakte.

Ze was een van de eersten die een serie boeken schreef met dezelfde detective in de hoofdrol. Ze introduceerde ook een oudere, vrouwelijke speurder die model zou kunnen staan voor Miss Marple. Het lijkt er dus op dat Conan Doyle en Agatha Christie, in haar voetsporen, hun populaire helden ontwikkelden.


E-boeken van Wells en Green zijn gratis te downloaden bij het Project Gutenberg.  En je hebt niet per sé een e-reader nodig om ze te lezen. Dat kan ook op je pc, tablet, laptop, of op de smartphone.



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 en deel 5 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 26 april 2020

Muziek vanuit de eigen woning


Voor veel mensen, die nu vanwege het virus noodgedwongen thuis zitten, is het een probleem hoe ze de dag door moeten komen. Het ligt er natuurlijk aan wat voor bezigheden en liefhebberijen je hebt. Er zullen er zijn die zich juist nu heerlijk uit kunnen leven, maar anderen zitten doelloos op de bank voor zich uit te staren.

Muzikanten hebben het makkelijk, die kunnen muziek maken. Dankzij de moderne techniek is het zelfs mogelijk om samen te musiceren, terwijl toch iedereen netjes thuis zit. Ik zag al filmpjes op YouTube van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, maar ook van beroemde bands als The Rolling Stones.

Veel artiesten houden het simpeler en zetten zich alleen, met hun gitaar of keyboard, voor de laptop. Om eerlijk te zijn levert dat vaak niet zulke geweldige filmpjes op. Zonder de hulpmiddelen, die een opnamestudio biedt, klinken veel zangers en zangeressen nogal gewoontjes.

Dan is een groep al gauw leuker. De best klinkende thuisfilmpjes die ik zag waren van de Britse band Elbow. Het kan zijn dat die betere apparatuur gebruiken, of handig zijn in het bewerken van hun opnames.

Ook erg leuk zijn de dagelijkse filmpjes van bassist Leland Sklar. Voor veel mensen zal hij niet direct bekend zijn, maar Sklar werkte mee aan honderden, zo niet duizenden, opnamen van allerlei bekende artiesten. Als je fan bent van James Taylor, Toto, of Phil Collins dan is de kans groot dat je het basgeluid van Sklar hebt gehoord. Maar hij is ook te vinden op albums van David Bowie, Graham Nash, Linda Ronstadt, Billy Cobham, Mike Oldfield, The Beach Boys, Lyle Lovett en vele anderen.

Leland is inmiddels 72 jaar en ziet er, met zijn lange witte baard en haren, uit als professor Dumbledor, uit de Harry Potter films. In één van zijn filmpjes vertelt hij dat hij, na de middelbare school, geen scheermes meer heeft aangeraakt en geen kapper meer heeft bezocht. Het gevolg was dat hij wel eens achter een gordijn heeft staan spelen, omdat de organisatoren van het optreden geen hippie op het podium wilden.

Maar hij is een geweldige bassist en hij vertelt leuk, over de omstandigheden waarin de liedjes die hij speelt opgenomen zijn en wat hij zoal meemaakte met zijn collega-muzikanten.

Afgelopen week plaatste hij een kort clipje waarin hij alleen zijn ongenoegen uitte over de manier waarop YouTube omgaat met copyrights. Een filmpje dat hij wilde plaatsen, waarin hij meespeelde met een liedje van James Taylor, was door YouTube geblokkeerd. En dat terwijl hij zelf op de originele opname te horen was.

Later plaatste hij hetzelfde liedje toch, met behulp van een live-opname, waaraan hij ook zelf meegedaan had. Nu kon het volgens YouTube wel door de beugel.

Dus als je je thuis zit te vervelen, ga naar YouTube en zoek naar recente filmpjes van je favoriete artiest.

Of volg het goede voorbeeld en probeer het zelf eens. Bekijk het filmpje maar dat jullie eigen Stripman laatst maakte, want ook amateurmuzikanten wagen zich aan thuisopnamen.  



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 , deel 2 , deel 3 en deel 4 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men

zondag 19 april 2020

Toen leek het virus ineens dichtbij


Ja, sorry, ik had me voorgenomen om het niet al teveel over het corona-virus te hebben. We worden er al mee doodgegooid, je kunt geen krant opslaan, of TV aanzetten of het gaat er over. Dus dacht ik: ik ga gezellig over koetjes en kalfjes schrijven, dat is weer eens wat anders.

Bovendien gaat het nog steeds prima met mij, m'n gezin, familie en vrienden. We zitten braaf binnen, iets waar ik de laatste 15 jaar flink in geoefend heb en wat me dus heel goed af gaat. Maar onderhand lijkt dit wekelijks blog toch een soort van corona-dagboek te worden.

Ik sta altijd vroeg op, vroeg genoeg om de zonsopkomst te fotograferen, en woensdagochtend werd mijn aandacht getrokken door een ambulance die voor de flat geparkeerd stond. Even later werd één van de buurmannen ingeladen. Hij zou toch niet...?

Laat ik de spanning niet te hoog opvoeren, uiteindelijk bleek het mee te vallen, maar dat wisten we toen nog niet. Op de gemeenschappelijke ingangsdeur was een briefje geplakt waarin stond dat de buurman besmet was met het corona-virus en dat de buurvrouw, uit voorzorg, binnen bleef en de deur niet open zou doen.

Op dat moment leek het virus even heel dichtbij. Nou ja... we kwamen nooit bij die buren over de vloer, het contact bleef doorgaans beperkt tot een groet, of een kort gesprekje. Maar ik moet toegeven, je voelt je er toch wat ongemakkelijk bij. De handen dus maar extra goed wassen, als we naar buiten waren geweest. En we vroegen ons af hoe nou juist die buurman het virus opgelopen kon hebben.

Een paar dagen later bleek dat het vals alarm was. Er hing een nieuw briefje op de deur. Het was geen corona-besmetting, maar een andere aandoening en de buurman zou binnenkort weer thuis komen. Fijn, natuurlijk. En zielig dat die mensen zo in de zenuwen hadden gezeten.

Ondertussen had ik me een paar dagen bezig gehouden met de vraag hoe je besmet zou kunnen raken. Je moet in de buurt komen van iemand die het virus heeft, natuurlijk. Die moet dan ook nog hoesten, of niezen. Of een oppervlak aanraken dat zo besmet raakt. Maar dan moet je dat ook aanraken en ook nog met je handen in je ogen of neus zitten.

Aansluitend viel het me op dat een mens – een mens als ik in ieder geval – erg vaak een beetje jeuk aan zijn neus, oog, oor of lip heeft. Om de haverklap kriebelt er wel ergens iets. En dan moet je dus niet krabben, wrijven, of peuteren. Dat valt nog niet mee.


De lente ging inmiddels gewoon door. De bomen kregen nog meer blaadjes en de pimpelmezen voerden elkaar op de balkonrand, de metselbijen vlogen af en aan.  



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 , deel 2 en deel 3 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men


zondag 12 april 2020

De band was lek...


Verder gaat alles goed met ons. Het corona-virus is nog steeds op grote afstand. Letterlijk zelfs, want de enige persoon, waarvan we gehoord hebben dat hij het heeft, is een achterneef van mijn vrouw, die in Spanje woont.

Vorige week schreef ik dat ik vreesde dat de achterband van mijn nieuwe scootmobiel lek was. Toen ik maandag ging kijken stond hij inderdaad helemaal plat. Ik belde de leverancier en de medewerkster die ik aan de lijn kreeg was vol medeleven. 'Nou kunt u nog niet de deur uit !'

Maar de monteur kon pas donderdag langs komen. Hij moest extra voorzichtig zijn in verband met het virus en mij werd gevraagd om de scootmobiel zelf naar buiten te rijden en verder afstand te houden. Dus dat deed ik.

Ondertussen zaten we weer braaf binnen. Dat was niet zo heel erg, hoor. Er was geen sprake van de schrijnende toestanden waarover ik in de media hoorde spreken. Het was heerlijk weer. Ik kon de was lekker buiten hangen en er op het balkon bij gaan zitten om te zien hoe het droogde.

De eerste metselbijtjes kwamen uit het bijenhotel en de eerste blaadjes verschenen aan de bomen van het park. En de pimpelmezen waren echt aan het nestelen in ons mezenkastje. Ik zag ze slepen met mos, veren en plukjes gele isolatievezels. De achterburen zijn aan het verbouwen en daar maakten de mezen handig gebruik van.

Verder las ik vlijtig door, op mijn e-reader. Het bleek dat ik in korte tijd twee boeken had gekocht die eerder verwerkt waren in een TV-serie. Van een derde boek, dat ik wat langer geleden las is nu ook een serie gemaakt. Ik kom daar eerdaags nog wel eens op terug.

Gisteren reed ik dan toch, op drie harde banden, met mijn nieuwe scootmobiel een rondje door het park. Er waren wat moeders met hun kinderen in het speeltuintje, een jonge knul liep er met zijn hond, maar verder was het rustig.

De reigers zaten op hun nesten en de zandoogjes, mooie bruine vlindertjes, vlogen fanatiek achter elkaar aan. Hoogtepunt van mijn uitje was dat ik een tjiftjaf zag. Meestal hoor je die vogeltjes alleen, terwijl ze zich verborgen houden tussen de bladeren.

En als je ze ziet, is er altijd die twijfel. Is het wel een tjiftjaf ? Of is het misschien de fitis, die er vrijwel hetzelfde uitziet. Nu ging er zo'n klein, grijsbruin vogeltje een paar meter voor me op een tak zitten en riep luid zijn naam. Tjif ! Tjaf ! Geen vergissing mogelijk.


Zo kwamen we deze week ook weer door...



De Strip is gemaakt door de Geheimzinnige Hulpman

Klik hier voor deel 1 en deel 2 van dit verhaal. 

Klik hier voor deel 1 - deel 2 - deel 3 - deel 4 - deel 5 - deel 6 - deel 7 - deel 8 - deel 9 - deel 10 - deel 11 en deel 12 van het vorige verhaal.

Klik op de tekening voor een grotere weergave. 

Bezoek ook onze internationale, Engelstalige, website: The Amazing Comics Men